‘Brigitje’ (STAN) – Foto Koen de Waal

Sigrid Bousset

Leestijd 2 — 5 minuten

Brigitje

STAN, Brussel

De poëzie van een ruimte. Een donkere, bouwvallige stapelplaats met zuilen; een oud theaterzaaltje naar antiek-Romeins model; een ruimte met hoge vensters, schaars invallend avondlicht, vogels fluiten. De poëzie van voorwerpen in zo’n ruimte op een zomeravond. Een ladder tegen de muur, enkele bloempotten met rode geraniums, gestapelde borden, bierbakken, een houten bootje, een transistor.

Haast een nul-decor, gevuld met levendige, volkse muziek, waarin vier mensen, ergens tussen de voorwerpen. Twee ervan, meisjes, dragen een eenvoudig kleed en schoenen met flinke hakken. Ze staan te lachen bij elkaar want een derde, een man, nadert hen van bij het bootje met stralende ogen en een ruiker bloemen. Een sober geklede vrouw loopt naar de transistor en zet de muziek af. Het zijn respectievelijk Sara De Roo, Jolente De Keersmaeker, Damiaan De Schrijver en Mieke Verdin, en zij maken deel uit van STAN, het intussen bekende ‘toneelspelersgezelschap’ dat twee jaar geleden werd opgericht. Recent presenteerden zij in verschillende ruimten Brigitje, hun vijfde produktie.

Zoals reële voorwerpen een bestemming krijgen in een lege ruimte – anders dan een opgebouwd decor in een daartoe geschikte theaterzaal -, zo krijgen ook een aantal uitgekozen tekstfragmenten vroeg of laat een eigen plaats in de vertelling die Brigitje is. Het gaat om fragmenten uit het proza van ondermeer Timmermans, Kroetz, Slavkin, Lorca en Shakespeare, gecombineerd met tekstuele ‘objets trouvés’ zoals brieven en kinderlijke beschrijvingen van insekten.

Toch is er een organische lijn in de vertelling: een eenvoudig verhaal dat zich concentreert rond de jonge vrouw Brigitje, een personage van Felix Timmermans. Armand, een jonge man met een bedenkelijk verleden, is verliefd op Brigitje, die gevleid, maar tegelijk angstig, onhandig, en vooral onwetend is. Hij benadert haar nogal bruusk en hebberig, en Brigitje verschuilt zich schuw in de meisjeswereld, de veiligheid onder vrouwen. Ze luistert naar hun uitdagende verhalen over mannen, naar hun raadgevingen, er volgen stille, beschroomde gesprekken over de liefde, wild extatische dansen in een kring. En de man staat alleen, bovenop zijn ladder, als een verongelijkt, opgejaagd kind. Gescheiden werelden; archaïsch landelijke situaties, die toch heel actueel zijn. Want paradoxaal genoeg geven de Vlaamse taal van Timmermans, de vervlaamsing van de taal van de andere auteurs, de volle woorden en de aardse, grijpbare beeldspraak aan de taferelen en anekdotes een universele, archetypische dimensie.

Elke afzonderlijke acteur is een centrum van personages en tekstfragmenten die hij zich toeëigent. Tegelijk slaagt elk van hen erin een eigen sfeer rond zich op te bouwen, wat zich uit in hun herkenbare speelstijlen. Achter elke aangeboden tekst – gezamenlijk gekozen en geordend – schuilt een voelbare betrokkenheid die zijn onmiddellijke weerslag heeft op het samenspel, en op de betrokkenheid van de toeschouwer. En als die intensiteit al eens verdwijnt – bijvoorbeeld na de innemende openingsmonoloog van Damiaan De Schrijver – is dat niet te wijten aan de afwezigheid van een regisseur – Josse De Pauw was begeleider -, maar aan de moeilijke opdracht die STAN zich heeft gesteld: de toeschouwer te doen houden van de voorwerpen en teksten, lang door hen gekoesterd. STAN en Timmermans: bien étonnés de se retrouver ensemble.

Brigitje

Gezelschap: STAN.

Met: Jolente De Keersmaeker, Sara De Roo, Damiaan De Schrijver, Mieke Verdin.

Met dank aan Josse De Pauw.

Produktie: Beursschouwburg, Toneelschuur, Monty.

Gezien in Stuc, Théâtre de la Balsamine, Nieuwpoorttheater.

recensie
Leestijd 2 — 5 minuten

Sigrid Bousset

recensie