© Fred Debrock

Leestijd 8 — 11 minuten

Bezoek! – Piet Arfeuille/Theater Malpertuis

Visite zonder afscheid

In Bezoek! stuurt schrijver en regisseur Piet Arfeuille (Theater Malpertuis) acteur Bert Luppes van woonkamer naar woonkamer. Met een lentezon in plaats van kunstmatig licht, je eigen alledaagsheid als decor en het straatgeluid als underscore brengt hij er een monoloog vol omwegen over eindigheid, rouw en verlangen, die eindigt in een opmerkelijk afscheid.

Het is een plakkerige juniavond wanneer om stipt acht uur de deurbel door mijn appartement schelt. ‘Tweede verdieping’, zeg ik door de parlofoon, en even later staat een man in mijn huiskamer, vergezeld door zijn zwijgzame taxichauffeur van het fictieve bedrijfje ‘Tous Ensemble’. Ter gelegenheid van zijn komst heeft zich een vijftiental vrienden en familieleden verzameld, om samen te luisteren naar de monoloog die Theater Malpertuis’ uittredend artistiek leider Piet Arfeuille schreef voor de Nederlandse acteur Bert Luppes. Naar het onderwerp ervan hebben we op dat moment nog het raden.

Bezoek! is een huiskamervoorstelling die je kunt ‘boeken’ bij je thuis. Hoewel dat geen deel uitmaakt van de voorstelling zelf, is het bijzonder om als toeschouwer eens ‘theatertje te spelen’ door de monoloog te ‘programmeren’, tickets te verkopen, een ruimtelijke opstelling te maken, drankjes en snacks in te slaan en achteraf de factuur met de ‘uitkoopsom’ aan het theatergezelschap te betalen. Die doorgaans onzichtbare productionele en logistieke kant van het theater zelf een keer in handen nemen is op zich al een hele belevenis.

“De doorgaans onzichtbare productionele en logistieke kant van het theater zelf een keer in handen nemen is op zich al een hele belevenis.”

Goedhartige nervositeit

Theater ervaren in de eigen woonkamer is de 21ste-eeuwse kunstliefhebber niet vreemd. Het is nog maar vijf jaar geleden dat de covid-pandemie ons noopte om op die plek voorstellingen op een laptopscherm te zien. In sommige gevallen, zoals in de livestreams van Toneelgroep Maastricht, kon je ook binnenkijken in de leefruimtes van je medetoeschouwers. Het creëerde een bizar, maar ook ietwat troostend gevoel van nabijheid in een door en door afstandelijke tijd. Bezoek! doet denken aan die pandemische theaterervaring, met vanzelfsprekend één fundamenteel verschil: de fysieke aanwezigheid van zowel de acteur als het overige publiek in één en dezelfde privéruimte.

Zoals te verwachten was: de begroeting van onze uitgenodigde onbekende in de eigen personal space is lichtjes ongemakkelijk. Luppes speelt dat ongemak lekker uit, met een soort van goedhartige nervositeit. De coronacrisis ligt overigens vers in het geheugen wanneer hij er bij aankomst op staat ons géén hand te geven (iets wat hij meteen nadien wegzet als een grapje, zonder ons vervolgens wél de hand te schudden) en verklaart zich binnen comfortabeler te voelen dan daarbuiten: ‘Binnen is goed, binnen is veilig.’

Veilig voel je je echter niet wanneer hij plots een mes uit zijn tasje tevoorschijn tovert en op tafel legt. Om een stukje worst mee te snijden, zo blijkt pas tien minuten later – tien minuten waarin de ogen van mijn genodigden het potentiële wapen voortdurend opzoeken, terwijl hij dingen zegt als: ‘Als ik niet op tijd tot rust wordt gebracht, als mij dat niet gegund wordt, dan komt mijn agressie naar boven.’ Het waarom van zijn bezoek wordt een steeds prangendere vraag.

Tocht vol zijsporen

Ons onuitgesproken verzoek wordt ingewilligd: hij komt ons een verhaal vertellen over een tocht. Het heeft allegorische trekjes, al drukt de verteller ons meermaals op het hart dat het hier géén sprookje betreft. In de tocht treedt hij op als De Gids, die twee al even merkwaardige archetypen begeleidt: De Schrijver (de vertegenwoordiger van de kunst, het emotionele, de schoonheid en het nutteloze) en De Professor (als vleesgeworden wetenschap, ratio, waarheid en nut). Als was hij Vergilius in Dante’s Divina Comedia leidt De Gids die twee uitersten door een post-apocalyptisch landschap naar een kamer in het midden van een verdord bos. Geen huis, nee, alleen een kamer, waarin je je diepste hartenwens kunt uitspreken. Zo kom je een stapje dichter bij het geluk.

“Het is indrukwekkend hoe Arfeuille het verhaal van de tocht – de ‘hoofdweg’ van de monoloog – ondanks alle zijpaden nooit uit het oog verliest.”

‘De kortste weg is vaak de minst interessante’, werpt De Gids De Schrijver toe tijdens de tocht. Het is een cliché, dat weliswaar ook het ruimere narratief van Bezoek! bepaalt: voortdurend verliest onze verteller zich in details. Hij wijdt uit over zijn liefde voor boeken, over hoe hij geen ochtendmens is, over de trein die naast zijn woning voorbij dendert en over hoe zijn gebit dan begint te klapperen in het glas water… Het is indrukwekkend hoe Arfeuille de tocht – de ‘hoofdweg’ van de monoloog – ondanks alle zijpaden nooit uit het oog verliest. ‘Ik ga niet rechtlijnig vertellen, vrees ik, dat is ook niet des levens’, had Luppes ons al in de eerste minuten van zijn bezoek toevertrouwd. Inderdaad: de warrige structuur maakt deze vertelling levensecht.

De vertelkunst van Bert Luppes is imponerend. Het is werkelijk wonderlijk om zo dicht bij een acteur met zo veel métier te zitten en elke nuance en schakering in zijn spel haarfijn te zien, terwijl hij schijnbaar moeiteloos inspeelt op de mensen en de ruimte rondom hem. Maar hoe uitnodigend hij zelf ook klinkt, Luppes houdt gedurende de gehele monoloog de teugels meesterlijk in handen. Hij kijkt je recht in de ogen, spreekt je aan en stelt vragen, maar behoudt de controle te allen tijde. Tot een echte dialoog komt het nooit, en terwijl ik zit te kijken vraag ik me af of dat me stoort.

Wankele benen

Onze Gids gaat staan en toont ons zijn benen. Het zijn die van een oude man – nog kranig, maar ook gehavend. ‘Ik moet rechtop blijven staan op die breekbare benen van mij’, verkondigt hij. ‘Je moet altijd ergens gaan staan en geluiden maken in de hoop dat er naar je geluisterd wordt.’ Met glimmende ogen toont hij ons een foto van zijn dochter, die ernstig ziek werd en overleed. Eindelijk wordt de diepere laag van zijn verhaal duidelijk: het is er een van gemis. Maandenlang heeft hij alleen maar op een stoel gezeten, immobiel, neergeslagen. En toch kwam op een bepaald moment de dag waarop hij opstond en naar buiten ging, klaar om zijn verhaal te doen. En nu zit hij als een messias voor ons, met een parabel over de moeite die het de mens kost om eindigheid te aanvaarden.

Bijna tussen neus en lippen door zegt de man iets wezenlijks over verlangen, over hoe dat niet hetzelfde is als hoop (‘Ik haat dat woord’). Hoe meer ik er na afloop over nadenk, hoe meer ik dat verschil, en daarmee ook zijn gemis en verdriet kan begrijpen. Hoop is gerationaliseerd: je hoopt op iets wat realiseerbaar lijkt. Als de uitvoerbaarheid in het gedrang komt, kan je je hoop ook weer verliezen. Verlangen is daarentegen wellicht intuïtiever en impulsiever, oncontroleerbaarder ook. Voor ons zit een man die niet meer kan hopen op de aanwezigheid van zijn overleden dochter, maar daar wel nog naar verlangt. Want, zo pleit hij, ‘niet verlangen is geen oplossing. Dat is de dood.’

“Daarin zit uiteindelijk de schoonheid van Bezoek!: in het onhoudbare verlangen om een verhaal te delen, in de luisterbereidheid van een publiek, en in de betekenisvolle impact die die houding kan hebben.”

Meermaals benadrukt hij hoe blij hij is dat wij naar hem willen luisteren. Daarin zit uiteindelijk de schoonheid van Bezoek!: in het onhoudbare verlangen om een verhaal te delen, in de luisterbereidheid van een publiek, en in de betekenisvolle impact die die houding kan hebben. De voorstelling veroorzaakt een allesbehalve geforceerde ontmoeting met een toneelspeler, juist omdat er niet halsstarrig wordt gezocht naar uitwisseling of toenadering. Het eenrichtingsverkeer is comfortabel én betekenisvol. Het is vooral genoeg.

Tous Ensemble

Afscheid nemen is onvermijdelijk, en dat geldt ook voor onze verteller. Zijn verhaal is nog niet ten einde, maar de taxichauffeur maant hem al aan af te ronden: er wachten nog mensen op hem. ‘Zou je je ogen even willen sluiten?’ vraagt hij aan een van ons voor hij opstaat. ‘Probeer nou eens de geur van een roos voor te stellen. Dat is toch geweldig? We kunnen de geur van een roos ruiken terwijl die hier niet in de kamer aanwezig is.’ In de afwezigheid schuilt altijd nog de mogelijkheid van een aanwezigheid. Vanuit diezelfde gedachte had hij ons eerder al gevraagd om bij zijn vertrek de voordeur nog even open te laten staan, en of we in zijn afwezigheid even niets wilden zeggen ‘en denken dat ik ieder moment kan terugkeren, dat er geen einde is’. We gehoorzamen. We horen nog net de bieptonen en het suizen van de lift, maar daarna wordt het echt stil. Komt hij nog terug? Is het echt afgelopen?

We verlangen naar zijn terugkeer, naar een vervolg, we kunnen er zelfs nog op hopen, maar het blijft stil. Een gevoel van onvoldaanheid bekruipt me, niet alleen omdat de monoloog met drie kwartier aan de korte kant is, maar ook omdat een cruciale theatercode hier met de voeten wordt getreden: we hebben niet kunnen applaudisseren om onze dankbaarheid te uiten. De uitwisseling bleef eenzijdig, de dialoog tussen acteur en toeschouwer onvoltooid. Voor een laatste keer worden we met onze neus op de eindigheid gedrukt, die je elk moment kan overvallen. Of: hoe de vorm en de inhoud van Bezoek! finaal samenvallen, met een open deur als relict van onze ontmoeting en veruiterlijking van ons onvervulde verlangen.

Tous Ensemble, denk ik. Terwijl de conversaties in mijn woonkamer voor zijn komst nog versplinterd waren – de voormalige medestudenten praatten met de voormalige medestudenten, de schoonfamilie met de schoonfamilie etcetera – ontstaat er enkele minuten na zijn vertrek een groepsgesprek over datgene wat we net samen hebben gehoord. Dat is misschien nog de ontroerendste uitwisseling van de avond.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 8 — 11 minuten

#179

01.03.2025

14.09.2025

Jens Dewulf

Jens Dewulf is theater- en filmwetenschapper en neerlandicus van opleiding. Hij werkt momenteel als verantwoordelijke communicatie, planning en productie voor theatergezelschap DE HOE.

 

recensie

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!