Kritiek moet autonoom zijn
Een pleidooi voor gesubsidieerde kunstkritiek
Floris Baeke
© Danny Willems
Persoonlijke verhalen, meertalige stemmen, knappe storytelling, een speelgoedgraafmachine en een elektronische soundscape: zo bouwt Béton een grijs landschap op waarin de nasleep van een aardbeving nazindert. Choreografe Bahar Temiz nodigt de toeschouwer uit om te navigeren tussen vloeibare transformatie en verharde constructie.
Als geassocieerd kunstenaar bij KVS creëerde Bahar Temiz eerder de voorstellingen ICE (2020) en PUNKT (2023), waarin ze zich liet inspireren door verhalen over poolreizigers en hun expedities naar Antarctica, evenals door de geschiedenis van de eerste ballonvaarders. In Temiz’ nieuwe voorstelling Béton wordt de menselijke drang om structuren te bouwen onderzocht in relatie tot de nasleep en het herstel na de vernietigende aardbevingen in Turkije en Syrië op 6 februari 2023, die talrijke slachtoffers eisten (Temiz is zelf afkomstig uit Turkije en woont sinds enkele jaren in Parijs). De titel Béton verwijst naar beton als bouwmateriaal, gekenmerkt doordat het kan transformeren van vloeibaar naar hard. De voorstelling situeert zich precies op de grens van die transformatie, via een artistiek spel van taal, beweging en geluid. Temiz overtuigt de toeschouwer hoe belangrijk het is om als mens zacht én veerkrachtig te blijven, en hoe ons vermogen tot aanpassing ons kan beschermen voor verharding in een wereld die ons daar juist toe dwingt.
“Temiz overtuigt de toeschouwer hoe belangrijk het is om als mens zacht én veerkrachtig te blijven, en hoe ons vermogen tot aanpassing ons kan beschermen voor verharding.”
In het midden van het podium staat een toren van vierentwintig witte, vierkante blokken, bekroond met een kussen. Temiz staat ernaast, observeert het object en reikt langzaam de hand uit naar de schaduw. Terwijl ze de grond nadert, roept ze het woord “zes”, een verwijzing naar 6 liedjes voor 1, 2, 3, 4 muren het plafond en de vloer, een poëtische tekst die door Temiz werd geschreven en die ze tijdens de voorstelling performt. Vervolgens omarmt ze letterlijk de stapel blokken en zet zo een terugkerend proces van afbreken en opbouwen in gang. Daarin staat ze niet alleen. Geluidsontwerper Azertyklavierwerke (Alan Van Rompuy) maakt zijn aanwezigheid hoorbaar door aan de zijkant van het podium herhaaldelijk kleine houten blokjes te laten vallen, waarvan hij het geluid live opneemt en versterkt.
“In Béton fungeert taal metaforisch als architecturaal bouwmateriaal: woorden en zinnen stapelen zich op tot een ruimte, een huis, of misschien zelfs een thuis.”
De kracht van de voorstelling schuilt in de manier waarop Temiz van begin tot eind een gefragmenteerde tekst performatief tot leven brengt. Inhoudelijk draaien haar woorden rond het thema immigratie en reflecteert ze onder meer op hoe oprecht een “welkom” werkelijk is. Dat maakt Béton onmiskenbaar actueel. Ze richt zich rechtstreeks tot het publiek met zinnen die concreet zijn én tot de verbeelding spreken: “al die jaren van dromen, nu slechts een tapijtwerk”. In Béton fungeert taal metaforisch als architecturaal bouwmateriaal: woorden en zinnen stapelen zich op tot een ruimte, een huis, of misschien zelfs een thuis. Ze construeren niet alleen een structuur, maar laden die ook op met spanning, terwijl ze inhoudelijk cirkelen rond bewonen of het ontbreken daarvan. Temiz toont zich daarbij een sterke storyteller: in haar spreken en bewegen speelt ze met ritme, intonatie, dynamiek en emotie, waarbij ze scherp schakelt tussen uitersten. Indrukwekkend is hoe Temiz bijna een uur lang verhalende en abstracte tekstfragmenten uit het hoofd brengt en daarbij moeiteloos afwisselt tussen Engels, Nederlands en Frans. Dat Temiz in Parijs woont en native Turkstalig is, maakt haar gebruik van het Nederlands des te opmerkelijker. In de credits wordt verwezen naar haar samenwerking met taalcoach Inge Floré en stem-bewegingscoach Lise Vermot. Als geheugensteun hangt de uitgeschreven tekst op drie vellen papier aan de muur. Na de voorstelling kan je die als toeschouwer lezen en valt het gebruik van kleur, grote- en kleine letters, lijnen, bolletjes en vetgedrukte accenten op. Deze werkvorm doet denken aan die van schrijver en artiest Luanda Casella.
“In beeld en klank resoneert de scène met de nasleep van de aardbevingen in Turkije en Syrië, en roept ze tegelijk echo’s op van de aanslagen in Zaventem in 2016.”
De scenische wereld van Béton wordt gekenmerkt door een overwegend grijs kleurenpalet: een grijze vloer, grijze kostuums en accenten van zwart en wit in scenografie en belichting. Temiz beweegt zich in die grijze zones, weigert te denken in extremen en zoekt de nuance op. De spanning, als een aardbeving, schuilt onder het oppervlak. Aan de oppervlakte wil Temiz gehoord worden, en dat gebeurt ook: “Sesimi duyan var mi?” (“Is er iemand die mijn stem hoort?”). Wanneer Temiz onder een hoop zachte blokken ligt, roept dat het beeld op van een lichaam onder het puin. Even later verplaatst ze zich zittend en lijkt het alsof haar benen niet meer functioneren. In beeld en klank resoneert de scène, voor zover mogelijk, met de nasleep van de aardbevingen in Turkije en Syrië, en roept ze tegelijk echo’s op van de aanslagen in Zaventem in 2016, zoals in de recente VRT-documentaire 22/3 tien jaar geleden.
“Temiz’ laatste boodschap in Béton is helder: “Wees in het hier en nu”, voel je thuis in je lichaam, probeer elkaar te begrijpen zonder woorden en blijf de wereld bewon(der)en.”
Er ontvouwt zich een grijze wereld waarin twee performers in het bijzonder opvallen: geluidsontwerper Azertyklavierwerke experimenteert live met elektronische muziek, zingt en speelt viool, terwijl een kleine speelgoedgraafmachine over de scène rijdt en er als het ware verbouwingen uitvoert. Tegenover de lichamen van Temiz en Van Rompuy benadrukt de graafmachine de mechanische kant van (de)constructie. De vormen die Temiz met de blokken creëert, van een toren tot een muur, blijven echter voorspelbaar en minimalistisch, waardoor dit aspect van de voorstelling weinig verrast en minder tot de verbeelding spreekt.
Een van de meest pakkende scènes speelt zich op het einde af, wanneer Temiz geborgenheid zoekt op een bed van blokken terwijl ze een persoonlijke anekdote deelt. In het Turks vertelt ze over haar eerste balletles in 1996, gegeven door Nina Abramova, afkomstig uit Kiev en naar Istanbul verhuisd na de kernramp van Tsjernobyl. Abramova sprak geen Turks, Temiz geen Russisch, er werd niet vertaald, en toch begrepen ze elkaar. Al zingend brengt Temiz een ode aan haar docent en wordt duidelijk hoe groot de impact van Abramova op Temiz als leerling was. Een docent kan zowel een bron van inspiratie als een richtingwijzer zijn. Via de balletlessen bouwde Temiz niet alleen aan haar lichaam, maar in zekere zin ook aan een huis van belichaamde kennis, ondanks het gebrek aan een gedeelde taal. Temiz’ laatste boodschap in Béton is helder: “Wees in het hier en nu”, voel je thuis in je lichaam, probeer elkaar te begrijpen zonder woorden en blijf de wereld bewon(der)en.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.