© Johan Pijpops

Leestijd 4 — 7 minuten

BABY – Eleonore Van Godtsenhoven & Arne De Tremerie

Flirten met (meta)fictie

Eleonore Van Godtsenhoven en Arne De Tremerie maakten binnen het regionale Eigen Kweek-traject een voorstelling die de liefde onder de loep neemt. In BABY spelen ze twee tortelduiven die regelmatig de grote woorden van beroemde liefdesscènes in de mond nemen en samen over hun relatie filosoferen. Aan de hand van filmscènes rijgen ze een liefdesverhaal aan elkaar en weten zo een vertelling te brengen die aantrekkelijk is omwille van de vele lagen. Helaas zorgt de veelheid aan verwijzingen en liefdesprikkels er ook voor dat de kern van BABY onduidelijk blijft.

Twee toekomstige geliefden wandelen het podium op. Ze moeten elkaar nog ontmoeten. In BABY zijn we als publiek getuige van hoe ze dit bij toeval doen in de bioscoop, waar ze in de rij staan om een ticketje voor dezelfde film te kopen. Wanneer blijkt dat de film die avond toch niet speelt, geraken de twee bioscoopgangers aan de praat. Ze wisselen hun eerste woorden uit, tasten elkaars aanwezigheid af, en meteen herkent het publiek de romantische routine. Met deze beginscène leggen Eleonore Van Godtsenhoven en Arne De Tremerie de basis voor hun eigen rom com-verhaal. In BABY tonen ze het verloop van een liefdesrelatie waar de stereotypen van afspatten. Op een leeg podium – met enkel licht, geluid en hun eigen inleving als instrumenten – kruipen ze in de huid van twee geliefden. Ze ontmoeten elkaar toevallig, maken een lange autorit naar Parijs, en voeren non-stop interessante gesprekken. Zowel de geanimeerde manier waarop de acteurs praten, als hun outfits, doen denken aan Franse nouvelle vague-films uit de jaren ’60. Dat dit liefdesavontuur te mooi lijkt om waar te zijn, is waar het Van Godtsenhoven en De Tremerie om te doen is. In BABY willen ze de clichés van de romantiek in de kijker zetten.

Dat het sprookje aan de ticketbalie van de bioscoop begint, is geen toeval. Films zullen heel de voorstelling lang de spil van BABY zijn. “I’m also just a girl standing in front of a boy asking him to love her”, geeft De Tremerie plots toe. En het publiek begint meteen te giechelen. Natuurlijk herkent het merendeel van deze cultuurliefhebbers de film Notting Hill in zijn woorden. Ze gelden als schoolvoorbeeld van filmische romantiek, en Van Godtsenhoven en De Tremerie geven ze een plek in hun eigen vertelling. Niet enkel deze Britse klassieker komt in de voorstelling aan bod. Terwijl het verhaal van de twee geliefden in BABY zich ontwikkelt, wordt er tussendoor een veelheid aan beroemde liefdesscènes tot leven gewekt. Van Godtsenhoven en De Tremerie onderbreken dan even hun eigen love story om helemaal op te gaan in de woorden van wereldsterren. Het zijn films als La Dolce Vita, À Bout de Souffle en Brokeback Mountain die dé momenten der romantiek hebben voortgebracht en voor altijd in het collectieve geheugen zullen leven. Wanneer de acteurs scènes uit deze films naspelen, wordt het duidelijk dat het net dat collectieve geheugen is waar ze op willen inspelen. Door heel de voorstelling lang vorm te geven aan een soort romantisch-historische filmcarousel, lijken de makers ons te willen confronteren met de herkenbaarheid van deze liefdesscènes, en ons op het risico van deze herkenning te willen wijzen. Belichamen deze scènes het verloop van het liefdesverhaal van de personages? Of modelleren de personages in BABY hun relatie op zo’n manier dat deze voldoet aan de filmische verwachtingen die ze ervan hebben? Terwijl Van Godtsenhoven en De Tremerie af en toe veranderen in hartstochtelijke geliefden uit de filmgeschiedenis wisselen ze deze rollen ook steeds vlot in om hun eigen liefdesrelaas verder te zetten. BABY toont ons een speels heen en weer geflirt tussen fictie en metafictie. 

Van Godtsenhoven en De Tremerie willen ons confronteren met de herkenbaarheid van bekende liefdesscènes en ons tegelijkertijd wijzen op het risico van deze herkenning.

De enige film die we in BABY niet te zien krijgen, is de film waar de personages geen ticketje voor konden kopen: Opening Night van John Cassavetes. De film die hen samenbracht aan de ticketbalie zweeft echter wel heel de voorstelling lang als een herinnering op de achtergrond. Zoals de personages het aan het begin zelf uitleggen, is er in Opening Night een interessante gelaagdheid terug te vinden, eentje die we als kijker ook kunnen extrapoleren naar BABY. In Opening Night vertolkt Gena Rowlands de rol van een ontstelde actrice die zich voorbereidt op een theaterstuk. John Cassavetes speelt in de film haar ex-minnaar en tegenspeler in het theater. In het fictieve theaterstuk in de film spelen beiden acteurs wel nog geliefden. En ironisch genoeg zijn de twee ook in het echte leven een koppel. Dat Van Godtsenhoven en De Tremerie aan het begin van BABY naar deze film verwijzen en de romantische lagen ervan uit de doeken doen, is niet toevallig. Ze lijken het publiek erop te willen wijzen dat er in BABY ook een gelaagdheid aanwezig is. Dit zijn immers twee acteurs die op het podium geliefden spelen, die op hun beurt weer geliefden uit iconische films belichamen. Daarnaast voegen ze er subtiel ook een derde, filosofische laag aan toe. De personages nemen niet enkel deel aan hun eigen liefdesverhaal, en dat van de wereldberoemde filmsterren, maar ze bespreken deze liefdesverhalen ook. Ze onderbreken geregeld hun narratief om er een opmerking bij te geven. “Weet je waarom mensen hun ogen sluiten tijdens het kussen?” vraagt het personage van Van Godtsenhoven zich luidop af. Deze twee geliefden maken er een punt van om het perfecte verloop van hun verhaal aan te vullen met vragen, bedenkingen en commentaar.

Deze filosofische besprekingen maken van BABY een voorstelling met een interessante insteek. De clichés van de romantiek zijn inderdaad toe aan kritische bevraging. In de promotekst van de voorstelling wordt er dan ook verwezen naar een zin van Arthur Rimbaud, die door de cultuurfilosoof Alain Badiou herhaald werd om onze huidige beleving van de liefde aan te kaarten: “De liefde moet opnieuw worden uitgevonden.” Met deze stelling voorspelt BABY een onderzoek te worden naar hoe we kunnen ingaan tegen de voorgekauwde romantiek. De overpeinzingen die Van Godtsenhoven en De Tremerie in BABY maken, zetten hen goed op weg om de romantische platitudes inderdaad te ondermijnen. Echter, hier komen ze in de voorstelling nooit expliciet toe. Helaas lijken ze hun kritisch onderzoek van de liefde ergens kwijt te zijn geraakt in de vele lagen van het spel.  Zo roepen ze heel de voorstelling lang beelden op uit het collectieve amoureuze geheugen, maar bieden er nergens een alternatief voor aan. Hierdoor blijft het opzet van BABY uiteindelijk een beetje onduidelijk. Is het stiekem hun bedoeling om een uitkomst in het midden te laten? Willen ze impliciet aantonen dat het inderdaad moeilijk is om nog te weten wat romantiek écht is, omwille van de veelheid aan beelden die we consumeren? Of zijn de makers van BABY ergens onderweg helaas gewoon hun bestemming uit het oog verloren? BABY is een vermakelijke, speelse voorstelling met interessante elementen. Maar tot de rake kritiek op de romantiek die de kaderende tekst belooft, komt het in deze voorstelling helaas niet.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

#169

15.09.2022

14.12.2022

Charlotte Durnajkin

Charlotte Durnajkin behaalde een Master in de Engelse Taal- en Letterkunde en werkt momenteel als leerkracht Engels. Ze schrijft, acteert en is theaterfanaat.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!