© Koen Broos

Leestijd 8 — 11 minuten

ALABAMA – Fien Leysen / BERLIN & theater arsenaal

Zo vader, zo dochter

In ALABAMA traceert Fien Leysen de voetstappen van haar vader in Birmingham, Alabama. Als reisverslag dat je moet onderdompelen in het Amerika van vandaag heeft de nieuwste voorstelling van BERLIN en theater arsenaal maar weinig om het lijf. Maar dat is niet het punt: ALABAMA is vooral een ontroerende poging van een dochter om dichter bij een overleden dierbare te komen.

‘Rijd voorzicht hé, manneke’, citeert Fien Leysen haar vader. Ze grabbelde net naar die zin in een pot vol briefjes met uitspraken die hij vaak deed. Ze had die allemaal verzameld voor zijn uitvaart negen jaar geleden. Wie de koffietafel verliet, kon zo’n briefje meenemen. Nu staat de pot voor de gelegenheid op het toneel. De hele voorstelling langt blijft die daar staan, als een constante herinnering aan de man om wie het in ALABAMA allemaal draait. 

Deputy sheriff

In 1978 trok toenmalig BRT-journalist en -producent Kris Leysen voor zes weken naar de stad Birmingham in de Amerikaanse staat Alabama om een reportage te maken over de AFS-uitwisselingsstudenten die daar verbleven. Hij werd met zijn cameraploeg al snel tegengehouden door de sheriff. Wat ze daar met al dat materiaal kwamen doen? Een reportage? Niemand zou hen te woord willen staan, meende die. Maar voor alles bestaat een oplossing, en dus zou de sheriff van Kris Leysen zijn deputy sheriff hebben gemaakt. Met die badge op zak kon de reportagemaker het vertrouwen van de lokale bevolking ongetwijfeld winnen – aldus de overlevering. Het is zo’n verhaal dat zo verzonnen lijkt dat het wel waargebeurd moet zijn, een anekdote die steeds opnieuw verteld wordt en daardoor steeds grotere proporties aanneemt. Maar is het wel echt gebeurd? Dochter Leysen trok als factchecker naar Birmingham, Alabama, op zoek naar een antwoord. 

Het decor van de voorstelling is een Amerikaanse bar, een veredelde bruine kroeg waarin centraal een meterslange toog prijkt, met daarboven een heel arsenaal aan televisieschermen. Bij binnenkomst in de zaal wordt daar nog American football op uitgezonden – Texas tegen Alabama –, maar al snel vormen zij het medium voor de reportages van beide Leysens. Nadat dochter Fien eerder al met BERLIN samenwerkte aan Remember The Dragons…, True Copy en The making of Berlin, kon ze nu als associate artist een eigen productie maken onder de vleugels van het gezelschap. De BERLIN-stijl heeft ze duidelijk in de vingers, met alle kenmerkende succesingrediënten: de beeldschermen, een camera die close-ups maakt van relevante objecten, een geïmproviseerde regie-installatie waar ze de montage live doet ontstaan (of dat moet toch zo lijken) en zelfs een muzikant. In deze voorstelling is dat Steven De bruyn, die als multi-instrumentalist het narratief moeiteloos voortstuwt en vooral met zijn mondharmonica een sfeervolle aanvulling biedt bij Leysens innemende vertelstijl. Ze slaagt erin om zelfs in een uitverkochte theaterzaal een verhaal te brengen dat de intimiteit van een café-avond moeiteloos benadert. 

Americana

Voor een Europeaan blijft Amerika toch iets bijzonders. Het is het land van hope and glory, van dromen en mogelijkheden. Althans, dat was het (wens)beeld dat in de voorbije eeuwen van die natie bestond. De kunsten kwamen spoedig met counternarratives: in de Vlaamse literatuur bijvoorbeeld Hendrik Conscience met Het Goudland (1869) en Hugo Claus met Het verlangen (1978). En ook al is het tij in de publieke opinie de voorbije jaren wel aan het keren, het droombeeld van het vrije land waar alles mogelijk is blijft toch hardnekkig in onze collectieve verbeelding. Iedereen die zich al ooit liet vangen aan een tourist trap weet echter: als de verwachtingen (te) hoog zijn, is de kans op ontgoocheling en ontnuchtering immens. Dat is ook iets waar Fien Leysen op botste. Al snel ontdekt ze namelijk dat Birmingham – bijnaam: ‘the magic city’ – niet meer is wat het ooit geweest moet zijn. Toch probeert Leysen halsstarrig verleden en heden met elkaar te verzoenen door voortdurend te proberen om precies dezelfde beelden te filmen als haar vader, vanuit precies dezelfde hoeken. Dat is meer dan een louter esthetisch verlangen, zo wordt gaandeweg duidelijk. Het is een poging om zo letterlijk mogelijk in zijn voetsporen te treden en dus vooral een emotionele kwestie. Leysen onderneemt haar reis in de hoop dat alles nog hetzelfde is als toen – of dat er toch op zijn minst iets herkenbaars overblijft – en dat ze zo een stapje dichter bij haar vader komt. Haar droombeeld is echter niet opgewassen tegen de realiteit.

45 jaar doet iets met een stad. Birmingham heeft bijvoorbeeld geen ‘centrum’ meer, want de grote ketens hebben alle kleine winkels verjaagd waardoor de bruisende binnenstad leegliep. De verdeeldheid is groter dan ooit. De kloof tussen rijk en arm groeit. Leegstand woekert alom en segregatie blijkt nog steeds een actueel probleem in de stad waar Martin Luther King ooit werd gearresteerd. Leysen weet duidelijk wat er speelt, maar helaas: er sijpelt bitter weinig daarvan door in de voorstelling. Ze benoemt deze maatschappelijke topics langs de neus weg, en daar blijft het bij. Als toeschouwer blijf je bijgevolg inhoudelijk op je honger zitten. Dat merk je vooral wanneer Leysen het wél uitgebreider heeft over de school shootings. Ze laat daarbij een snelle montage zien van alle thoughts and prayers die de Amerikaanse presidenten, burgemeesters en andere hoogwaardigheidsbekleders de voorbije jaren uitspraken na nog maar eens een schietincident. Leysen bewijst hier dat ze complexe problemen snel, doeltreffend en met zin voor theatraliteit kan verbeelden. Dat maakt het des te spijtiger dat ze dat niet doet bij de andere onderwerpen die ze aansnijdt.

De vraag in vraag gesteld

Dat had nochtans wel gekund, want ze heeft duidelijk heel wat research gedaan, vooral in de vorm van interviews. Toch zijn er amper van die vraag-antwoordconversaties als zodanig in de voorstelling beland. Leysen vat ze in de meeste gevallen zelf samen en toont ons intussen het moment vlak voor of net na het interview. Wel bewaarde ze enkele spontane ontmoetingen op straat, maar die zijn te vluchtig om een echte connectie tot stand te brengen. Hoe meeslepend Leysen alles ook vertelt, het blijft jammer dat we zo weinig andere stemmen zélf aan het woord horen. Dat was bijvoorbeeld heel anders bij Finding Willard van Tom Struyf, die ook een reis ondernam naar Amerika – nota bene mét Fien Leysen in zijn ploeg. Hij danste als documentaire-/theatermaker een perfecte choreografie op het koord tussen de aandacht voor zijn eigen, minstens even persoonlijke verhaal en dat van anderen.

“Dat is de tragiek van ALABAMA: overijverig zoeken naar een persoonlijk verleden en het zo ook ‘oplossen’ – en daarmee doen verdwijnen, als een dik boek dat je na de ontknoping op de laatste bladzijden definitief dichtklapt en wegzet.”

De slinger slaat bij Leysen iets te vaak door naar die eerste kant. Meer dan het over de verschillen tussen de stad van toen en die van nu te hebben, gaat haar aandacht uit naar hoe onherkenbaar alles is geworden. Dat geeft de hele tocht spoedig een sfeer van ontgoocheling en mislukking mee. Die realiteit is hard, maar Leysen is hardleers. Als ze het verhaal van haar vader niet kan recreëren, kan ze het misschien wel beantwoorden. Ze schuwt een beetje kritiek aan zijn adres dan ook niet – ‘hij laat zo veel vragen liggen’ – en probeert het beter te doen. Wie heeft hij bijvoorbeeld wel gefilmd maar niet gesproken? Ze belandt bij twee zwarte kinderen die een seconde in beeld zijn in de BRT-uitzending en maakt er haar missie van om hen vandaag op te sporen. Ze doet een verdienstelijke poging – nee, ze doet het beste wat ze kan, maar in de hooiberg die Birmingham is, zijn zij twee spelden die maar niet gevonden willen worden. Uiteindelijk biedt de fictie – een enscenering van het vinden van een van de twee kinderen – een mogelijke oplossing: ze doet een beroep op een acteur die de volwassen versie van het jongetje speelt. Na The making of Berlin geeft zo’n scène een beetje een been there, done that-gevoel, maar het gesprek dat na de opnames ontstaat levert wel de mooiste en ontroerendste conversatie van de voorstelling op. 

‘Ik denk dat het niet zozeer over vragen of antwoorden gaat, maar meer over het gesprek zelf’, zegt de man tegen haar als hun gescripte ontmoeting is ingeblikt. Misschien kan het tellen als verklaring voor het schrappen van de interviews uit de voorstelling, al is het nog maar de vraag of de spontanere gesprekken die Leysen wél heeft bewaard zoveel meer vertellen. Als de man haar nadien vraagt wat zij haar vader nog zou willen vragen, kan ze daar niet op antwoorden. ‘Dat verbaast me niet. Het gaat niet om vragen of antwoorden. Het gaat eerder over tijd hebben. Tijd om met elkaar door te brengen en gesprekken te hebben.’ 

Als cynische toeschouwer kan je dat als een tegeltjeswijsheid wegzetten, maar in de video bedankt Leysen hem na een lange stilte met een krop in de keel. Op het einde van haar reis lijkt ze tot een inzicht te zijn gekomen: de vraag of het sheriffverhaal waargebeurd is, doet er eigenlijk niet toe. Sterker nog: wanneer ze de waarheid achter de anekdote ontdekt, blijft ze onvoldaan achter. Ze kreeg een antwoord, maar daarmee is het mysterie ook opgelost en zo ontdaan van zijn inherente kracht. Soms is het beter om niet te weten hoe de vork in de steel zit. Dat is de tragiek van ALABAMA: overijverig zoeken naar een persoonlijk verleden en het zo ook ‘oplossen’ – en daarmee doen verdwijnen, als een dik boek dat je na de ontknoping op de laatste bladzijden definitief dichtklapt en wegzet.

Toch is de teneur van de voorstelling niet terneergeslagen. Ook al kon Fien Leysen haar vader niet zomaar ‘terugvinden’ in Amerika, ze ontdekt gaandeweg wel dat ze eigenlijk sowieso al in zijn voetsporen treedt. Door haar koppigheid, haar bewonderenswaardige doorzettingsvermogen en natuurlijk door het werk dat ze maakt. Die zoektocht naar connectie met de mensen die je op deze wereld hebben gezet is herkenbaar, en Leysen brengt haar verhaal op zo’n oprechte manier, dat ze je werkelijk weet te raken. Over haar bestemming heeft ze maar weinig interessants te vertellen, maar ze raakt met haar reflectie op achterblijven, missen en opvolgen wel een gevoelige snaar. Als antwoord op de reportage van haar vader kan dat wel tellen.

ALABAMA is in februari en maart nog te zien. Klik hier voor de speellijst.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 8 — 11 minuten

#174

15.12.2023

14.03.2024

Jens Dewulf

Jens Dewulf is theater- en filmwetenschapper en neerlandicus van opleiding. Hij werkt momenteel als verantwoordelijke communicatie, planning en productie voor theatergezelschap DE HOE.

 

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!