De Materie – Phia Ménard/Opera Ballet Vlaanderen/Bas Wiegers
Een schurend vooruitgangsdenken
Sébastien Hendrickx
De titel is een mondvol: In and Out of Brussels – Figuring Postcolonial Africa and Europe in the Films of Herman Asselberghs, Sven Augustijnen, Renzo Martens, and Els Opsomer. Het mooi uitgegeven boekje gaat vergezeld van een dvd en daar draait dit project eigenlijk om. De dvd bevat representatieve fragmenten van vier films van hoger genoemde cineasten (en de complete film van Herman Asselberghs). In die vier films proberen de vier Brusselse cineasten beelden van of omtrent Afrika te draaien en/of erover te reflecteren. Het boekje zelf bestaat uit een inleiding en het verslag van vier discussies over de betrokken films.
Het eerste fragment, ‘Episode 3’ van Renzo Martens, maakt meteen duidelijk waarover het gaat. We zitten in hartje Afrika. Martens zelf speelt een soort missionaris ‘new look’ die in open lucht doceert voor een groepje zwarten die rond hem zitten. Wat hij hen wil aanleren is om van hun ellende te profiteren: ‘Enjoy your poverty.’ Fotografeer en film de eigen ellende en verkoop die beelden voor veel geld aan westerse televisiestations. Martens geeft dus les in westers mediacynisme. Maar, zoals het slimste negertje uit de klas meteen opmerkt: hoe kunnen we onze ellende verkopen aan westerse televisiestations? De markt wordt compleet gedomineerd door de blanke fotografen en cineasten! Met media-ellende blijkt precies hetzelfde aan de hand als met de andere Afrikaanse grondstoffen: coltan vandaag, rubber in de tijd van Leopold II. De blanken domineren de markt, de Afrikanen worden uitgebuit. Zoals Renzo Martens expliciet zegt aan zijn zwarte toehoorders: dit ‘leerstuk’ is in de eerste plaats bedoeld voor westerse ogen.
Het tweede fragment toont het begin van Sven Augustijnens documentaire Spectres. Hij volgt hierin de gepensioneerde historicus Jacques Brassinne die zijn stelling probeert hard te maken dat graaf d’Aspremont-Lynden met het woord ‘élimination’ in een berucht telegram uit december 1960 niet letterlijk de fysieke eliminatie van Patrice Lumumba bedoeld heeft. Wij volgen Brassinne op zijn tocht in België en Congo op zoek naar een ‘Wiedergutmachung’ voor de rol van de Belgische diplomatie in dit drama. Tegelijk wordt duidelijk hoe diep België wel verknocht was aan het koloniseren van Congo. En hoe bepaalde Franstalige kringen de Congolese onafhankelijkheid nooit verteerd hebben. Zodat niet alleen de dood van Lumumba, maar de hele Belgische kolonisatieperiode nog steeds als een spook boven dit land hangt. Het is typerend dat op de première van Augustijnens film in de Brusselse KVS zowel voor- als tegenstanders van Brassinnes stelling tevreden de zaal verlieten. Spectres verdedigt dan ook geen simplistische stelling maar laat op een intelligente manier de kijker zelf beslissen.
Je moet niet in Afrika geweest zijn om er een oordeel over te kunnen vellen. E.D. Morel, de Britse journalist die Leopold II aankloeg tot die Kongo moest prijsgeven (aan België, niet aan de Afrikanen!), ontdekte de bloedige uitbuiting van de Kongo Vrijstaat in de Antwerpse haven. Hij merkte dat de Kongoboten er aanmeerden met tonnen ivoor en rubber, en teruggingen slechts geladen met geweren en zwepen. Van ‘fair trade’, ja van ‘handel’ was überhaupt geen sprake, wel van bloedige uitbuiting.
Ook Speech Act van Herman Asselberghs, geproduceerd in het kader van dit project, gaat niet over Afrika en toont zelfs geen beelden van Afrika (Asselberghs geeft ruiterlijk toe dat hij nooit verder is geraakt dan de Spaanse enclave Ceuta). Speech Act is een film over beeldvorming, al worden de beelden in kwestie – uit de spektakelfilm Avatar van James Cameron – evenmin getoond en horen wij enkel (lawaaierige) fragmenten. Acteur Willy Thomas speelt virtuoos een tekst die het midden houdt tussen een lezing over Avatar (zoals Asselberghs die zelf had kunnen houden in Sint-Lukas, waar hij les geeft) en een ‘monologue intérieur’. Meestal zien wij tegen een donkere achtergrond alleen Thomas in beeld, slechts even wordt er gesuggereerd dat er toehoorders aanwezig zijn bij dit betoog. Het is een fascinerende en overtuigende monoloog over onderwerpen als 3D, realisme, de vraag hoe beelden te maken of ernaar te kijken (‘Si tu veux voir le monde, ferme tes yeux’ – Godard). Over de manier waarop andere cineasten zoals Visconti en Pasolini hebben gepoogd om het begrip ‘realisme’ een andere inhoud te geven dan James Cameron dat doet.
Jammer dat Asselberghs niet vermeldt dat Avatar geen origineel verhaal is, maar een remake – iets wat Cameron trouwens nooit heeft willen toegeven. Een remake nog wel van de Disneyfilm Pocahontas. Het verhaal van die tekenfilm, gebaseerd op waargebeurde feiten, betreft de mythe van de ‘noble savage’: de indiaanse prinses die zich opwerpt als verdedigster van de blanke kolonialisten. Avatar is niet meer dan de virtuele computervertaling van dit gegeven.
Pocahontas’ historische tegenspeler John Smith (1580-1631) vatte kernachtig de koloniale boodschap achter dit liefdesverhaal samen: ‘Here – in the new world – every man may be master and owner of his own labour and land… If he has nothing but his hands, he may… by industry quickly grow rich.’ Dat ‘quickly grow rich’ is altijd al hét devies geweest van de rubber-, uranium-, koper-, coltan- of andere ‘ellende’-jagers (zie de film van Renzo Martens) die Amerika of Afrika onveilig hebben gemaakt. De inboorlingen, of ze nu virtueel blauw of reëel rood of zwart zijn, lopen daarbij enkel in de weg.
De laatste en misschien wel meest fascinerende fragmenten op de dvd zijn de beelden die Els Opsomer in Senegal draaide. Opsomer heeft een andere relatie met Afrika dan de andere Brusselse cineasten. Ze is gehuwd met een Senegalees en heeft er familie. Ze toont twee keer twee sequensen uit de nog onafgewerkte film Building Stories. De eerste sequens toont een doodgewone moderne stad: buildings, verkeer. Enkel aan het licht zie je dat je ergens in het zuiden bent. Maar verder merk je aan niets dat deze beelden gedraaid zijn in Afrika, in Dakar. De tweede sequens heet ‘Modernism’ en bestaat uit twee aan elkaar gezette travellings, eerst dichtbij, dan van verder weg langs modernistische gebouwtjes, die door de Senegalezen naar hun hand zijn gezet tot een zo niet gede- dan toch gere-koloniseerde versie van het modernisme.
T.J. Demos & Hilde Van Gelder (eds.): In and out of Brussels – Figuring postcolonial Africa and Europe in the Films of Herman Asselberghs, Seven Augustijnen, Renzo Martens and Els Opsomer. 2012, Leuven University Press.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.