© Koen Broos

Leestijd 7 — 10 minuten

We Gaan Deur! – Nyira Hens, Bruno Vanden Broecke en Trappelend Talent

Mag er nog gelachen worden?

Samen met coregisseur Nyira Hens haalt Bruno Vanden Broecke Noises Off, een iconische deurenkomedie uit de jaren 80, opnieuw van onder het stof. In We gaan deur! laten Hens en Vanden Broecke een jonge en diverse cast hun tanden in de klassieker zetten. We gaan deur! bewijst dat het aartsmoeilijk blijft om met een deurenkomedie meer te doen dan enkel amuseren. 

*Insert woordspeling met deur hier*

Vanden Broecke is niet aan zijn proefstuk toe als het op het herwerken van Noises Off aankomt. In 2008 maakte hij nog deel uit van SKaGeN toen ze hun versie, DEURDEDEURDEUR, produceerden. We gaan deur! heet de versie die hij nu samen met Hens onder zijn eigen productiehuis Trappelend Talent regisseert in coproductie met het Laatste Bedrijf. Al heeft SKaGeN met deze productie niets te maken, leunt de versie van Hens en Vanden Broecke hier toch sterk tegenaan. Ze hanteren dezelfde vertaling die SKaGeN in 2008 met goedkeuring van de auteur maakte en er wordt in exact dezelfde decor gespeeld: het interieur van een chique plattelandshuis volledig bekleed in tapis plain. Die tapis plain zou blijkbaar wel opnieuw gelegd zijn, aldus een technieker in de foyer. 

In 2008 klonk het bij SKaGeN dat het genre van de komedie aan een rehabilitatie toe was. Daarvoor koos het gezelschap bewust Noises Off dat in de jaren 80 bekend stond als een ironische kritiek op het oubollige genre van de deurenkomedie. Het feit dat het stuk over een ploeterend theatergezelschap gaat, werd aangehaald als extra motivatiebron. Waarom Hens en Vanden Broecke vandaag voor deze tekst en het genre van de deurenkomedie kiezen, is echter onduidelijk. Door zo dicht bij de versie van SKaGeN te  blijven, slagen ze er niet hun voorstelling een eigen gezicht te geven. Dat doet geen afbreuk aan het vermaak dat We gaan deur! oplevert, maar maakt wel dat ik met enkele vraagtekens de zaal verlaat.

“Het is de interessante mix van spelers en hun bakken spelplezier die Noises Off een enigszins fris aanvoelen geven.”

Waar We gaan deur! zich wel helemaal in onderscheidt van eerdere adaptaties van Noises Off is de diversiteit binnen de spelersploeg, zowel op vlak van ervaring in het professionele theatercircuit als op vlak van culturele achtergrond. Trappelend Talent is een lanceerplatform dat de brug wil slaan tussen jonge theatermakers en het professionele theaterlandschap. De niet voor de hand liggende samenstelling van de cast levert trouwens ook een meer divers publiek op.

Vermakelijk vertier

Over naar het stuk zelf dan. We gaan deur! is een stuk-in-een-stuk. Bij aanvang van de voorstelling wonen we de generale repetitie bij van een platvloerse komedie. Een huishoudster (Gloria Boateng) is alleen thuis terwijl haar werkgevers in Spanje onderduiken voor de fiscus. Ze wil gewoon rustig een bord sardientjes eten en naar het koninklijke defilé kijken op tv. Haar rust wordt echter onmiddellijk verstoord want nog voor ze haar eerste sardientje kan binnen smikkelen, komt de opportunistische makelaar (Timo Sterckx) met zijn leeghoofdige vlam (Elena Peeters) binnen om gebruik te maken van het, naar zijn vermoeden, leegstaande pand. Even later verschijnen ook nog de eigenaars van het huis (Saar-Niragire De Groof en Jonathan Lambrechts) ten tonele die er eveneens van uit gaan dat hun huis helemaal leeg is. Een toevallige inbreker (Katy Jiminez) die verwant blijkt te zijn met de flirt van de makelaar, die op haar beurt dan weer bij de belastingen blijkt te werken, maakt het personagebestand compleet. Cue een hele hoop misverstanden, misplaatste borden sardientjes en een eindeloze reeks deuren die dicht- en openslaan.

Een eenvoudig opzet, ware het niet dat de generale repetitie waar we getuige van zijn nog meer misverstanden bevat: acteurs die hun tekst vergeten, de beweegredenen van hun personages in twijfel trekken of zichzelf vastrijden in nietszeggende monologen over de belangen van de spelers. Het duurt dan ook niet lang of de regisseuse (An Clauwaert) moet ingrijpen. Bijgestaan door haar productieassistente (Soukaïna Bennani) en technieker (Muhammed Hamid Khan) probeert ze zo goed en zo kwaad ze kan de brokken te lijmen voor de première van de voorstelling. Dat lukt halvelings.

Na de pauze zijn we twee maanden verder en is het decor omgedraaid. We kijken nu via de coulissen op het speelvlak waar de acteurs het stuk opnieuw proberen op te voeren. Met de nadruk op ‘proberen’, aangezien de cast helemaal ten onder gaat aan hun eigen drama. De regisseuse die zowel met een actrice als met de productieassistente aanpapt, maakt het er niet makkelijker op. Tot slot draait het decor nog één keer om en krijgen we een opvoering te zien aan het einde van de tournee waarbij letterlijk alles misloopt, waar de acteurs elkaar zichtbaar naar het leven staan, geen enkele deur meer doet wat die moet en rekwisieten en personages drie scènes te vroeg opduiken.

Voorbij het amusement

‘Niet echt beklijvend, maar wel uiterst vakkundig en vermakelijk,’ oordeelde Ivo Kuyl vijftien jaar geleden over SKaGeNs DEURDEDEURDEUR. Hij schreef het in een groter essay waarin hij drie komedies tegen elkaar afwoog die toen tegelijkertijd op de planken stonden. Hetzelfde strenge oordeel valt te vellen over We gaan deur!.

Het zijn de interessante mix van spelers en hun bakken spelplezier die Noises Off een enigszins fris aanvoelen geven. Het geslaagde fysieke spel en de vele slapstickelementen houden de aandacht erbij. Je weet dat deuren in mensen hun gezicht zullen slaan, maar geniet er nog steeds om het te zien gebeuren. Naast de diversiteit van de culturele achtergronden van de spelers is er ook een rijke diversiteit in dialecten die meerdere keren met komisch succes worden ingezet. Naast het voor de hand liggende Antwerps van enkele acteurs is er het krijserige Kempisch van Peeters, het brutale Gents van Boateng en ook het sappige Limburgs van Jiminez.

Maar los daarvan blijft We gaan deur! teveel steken in een te getrouwe adaptie van het bronmateriaal dat naast amuseren niet dieper snijdt. Het stuk mag dan in de jaren 80 kritisch potentieel hebben gehad, veel van de humor in de tekst oogt anno 2023 belegen. Dat een heel misverstand is opgebouwd is rond het stereotype dat ‘alle Arabieren lakens dragen’, is vandaag eigenlijk niet meer verkocht te krijgen. 

Dat deurenkomedies vandaag wel nog kunnen beklijven toonde Tom Goossens onlangs in Die Fledermaus. Goossens maakte een stevige herwerking en knipte en plakte gretig in de originele tekst. Zelfs het hoofdpersonage werd geschrapt. Ook de gimmick van het meerdere keren opvoeren van het stuk-in-het-stuk binnen dezelfde voorstelling (inclusief draaien van het decor) werd er geslaagd aangepakt. De heropvoeringen van het stuk-in-het-stuk voegden hierdoor wel telkens extra diepgang toe, waarbij in We gaan deur! elke herhaling een verderzetting is van dezelfde grappen en grollen. 

Twee momenten in We gaan door! wijken wel af van het strakke pad van het dwingende script. Wanneer we aan het einde van de voorstelling mogen toeschouwen hoe de voltallige cast inclusief enkele (echte) techniekers het grote decor in enkele minuten terug omdraait naar de originele positie, kraakt de voorstelling op een aangename manier. Ook al is deze ombouw even minutieus gerepeteerd als de rest van het stuk, vallen hier even de maskers af en zien we een geoliede machine van spelers die ‘niet spelen’. Dit moment toont een boeiendere blik achter de schermen van een theatergezelschap dan de tekst zelf. 

Een ander leuk metamomentje zit helemaal in de staart van de voorstelling. Jiminez’ personage lijdt aan een alcoholverslaving waardoor het steeds onduidelijk is of ze wel zal opkomen of niet. In de derde herneming van het stuk wordt haar opkomst dan ook eerst door een andere acteur gespeeld, waarna Jiminez toch nog opkomt en de opkomst herhaalt synchroon met haar voorganger. Vervolgens doet Clauwaert, de regisseur van het stuk-in-het-stuk, hetzelfde nog eens over en als vierde komt tot slot Bruno Vanden Broecke zelf nog op. Een bewuste keuze die niet in de originele tekst staat waarmee hij de cast een warm hart onder de riem lijkt te willen steken. Hopelijk biedt hij nog veel trappelend talent kansen als deze, maar stuurt hij hen wel met spannender materiaal de vloer op.

We gaan deur! trekt dit najaar langs de Vlaamse CC’s. Zie Trappelend Talent voor de speeldata.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 7 — 10 minuten

#173

15.09.2023

—

14.12.2023

Simon Knaeps

Simon Knaeps studeerde acteren aan het conservatorium van Antwerpen en theater- en filmwetenschappen aan de UA. Momenteel is hij werkzaam in het jeugdwerk. Hij is tevens lid van makerscollectief ilBrigata.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!