De Materie – Phia Ménard/Opera Ballet Vlaanderen/Bas Wiegers
Een schurend vooruitgangsdenken
Sébastien Hendrickx
Naar aanleiding van de twintigste verjaardag van Etcetera werd tien jaar geleden een bloemlezing samengesteld met een aantal stukken uit die twintig jaar. Aan het eind van haar inleiding op die bloemlezing schreef Katrien Darras dat het een klein wonder mocht heten dat Etcetera na twintig jaar nog altijd bestond. Na dertig jaar is dat wonder al iets minder klein. Dat geldt trouwens niet alleen voor Etcetera. Maar we zijn er nog altijd. En we zouden deze dertig jaar niet vieren als we niet zouden geloven dat het goed gaat met Etcetera.
De dertig jaren die achter ons liggen zijn voor vijf jaar de verdienste van de huidige redactie, die het blad sinds 2008 maakt. Die redactie is sinds 2008 ongewijzigd, een unicum in de geschiedenis van Etcetera. Soms denk ik wel eens dat ik een redacteur aan de deur moet zetten, want niemand wil eruit, en op de al te lange duur kan dat toch niet goed zijn. We discussiëren en we verschillen van mening, maar we maken nooit ruzie. Dat is wellicht ook een unicum in de geschiedenis van het blad.
Voor het grootste deel zijn deze dertig jaar natuurlijk de verdienste van degenen die ons zijn voorgegaan en die het blad al die jaren met overtuiging zijn blijven maken, vaak in erg moeilijke omstandigheden. (Die ondertussen gelukkig veel verbeterd zijn.) Deze bijeenkomst is het moment om al die mensen hulde te brengen. Dank!
Over één medewerker en voormalig redacteur moet ik het hier in het bijzonder hebben. Onverwachts is de dertigste verjaardag van Etcetera een verjaardag in mineur geworden. Dit huis is in rouw, Etcetera is in rouw, ik ben in rouw, en velen met mij. Marianne Van Kerkhoven was al een hele tijd ziek. We wisten dat het niet goed ging maar we kregen de laatste weken signalen dat het stilaan toch weer de goede kant leek op te gaan. Niet dus. Haar dood is een schok. Haar dood komt te vroeg.
Zonder Marianne Van Kerkhoven was Etcetera nooit geworden wat het is. Ik denk niet dat ik overdrijf als ik zeg dat iedereen die de laatste decennia hier te lande over podiumkunsten heeft geschreven rechtstreeks dan wel onrechtstreeks door haar is beïnvloed. Ik heb het vroeger vaak gehoord en verschillende mensen hebben het mij ook de afgelopen dagen nog eens gezegd: Marianne is degene die mij heeft leren kijken. En voor diegenen die over dat kijken ook nog eens zijn gaan schrijven, geldt dat Marianne hun ook dàt heeft geleerd. Hoe kan je schrijven over wat je ziet op het toneel? En hoe kan je dat in verband brengen met wat er omgaat in een maatschappij? Zij heeft het ons voorgedaan, zij heeft het ons geleerd.
Marianne zelf is er nu niet meer. Maar zij laat een gigantische erfenis na die we moeten zien levend te houden. Niet als een heilig voorbeeld dat we moeten imiteren maar als een bron van inspiratie waar we op verder bouwen. Een andere tijd, zo schreef Marianne ooit, heeft een ander theater nodig. En dus, zo voeg ik eraan toe, ook een ander schrijven. Laat ons haar standpunten blijven bekijken en ze tegen het licht houden en confronteren met het nieuwe theater dat we zien, in een andere tijd. Laat ons ze contesteren als het nodig is. Alleen zo kunnen we de erfenis van Marianne levend houden.
Bij de twintigste verjaardag van Etcetera was er dus een bloemlezing. Vandaag hoeft dat niet meer, want het archief van Etcetera is intussen online beschikbaar. De Universiteit Antwerpen digitaliseerde de eerste 26 jaargangen en binnenkort komen daar ook de meer recente bij. We wilden voor deze verjaardag wel iets speciaals doen, en dat is dus heel letterlijk een special geworden.
De special bevat twee parallel lopende teksten. De ene is een tijdlijn waarin op die dertig jaar wordt teruggeblikt aan de hand van een groot aantal gebeurtenissen en citaten. Het is een onvermijdelijk subjectieve terugblik. Het is een lang verhaal waar héél véél in staat maar waar ook – laten we daar eerlijk in zijn – veel niet in staat. Sinds het nummer bij de drukker lag schoten mij elke dag kunstenaars en producties en gebeurtenissen door het hoofd waarvan ik dacht: dat had er toch ook in moeten staan. Toch hopen we met deze tijdlijn een beeld te kunnen geven van dertig jaar podiumactiviteit in Vlaanderen.
Daarnaast is er een interview met Ivo van Hove. Hij is een van de exponenten van wat in Nederland in de jaren tachtig als de ‘Vlaamse golf’ werd benoemd. Zijn carrière valt zowat samen met dertig jaar Etcetera en is het schoolvoorbeeld van een klassiek parcours – een parcours zoals het vandaag misschien niet meer mogelijk is. Hij begon in de marge met locatietheater, helemaal buiten de gevestigde structuren om, hij groeide van de kleine zaal door naar een reisgezelschap – Het Zuidelijk Toneel – en kwam uiteindelijk aan het hoofd van het grootste theatergezelschap van de Lage Landen, Toneelgroep Amsterdam.
Ivo van Hove is méér dan een regisseur, hij is ook directeur en in die zin evenzeer zakenman als kunstenaar. Het gesprek gaat dus niet alleen over zijn theatercarrière, maar ook over de werking van een groot gezelschap. Over repertoire en publiek, over commercieel en gesubsidieerd toneel, en dus ook over de plaats die het theater in de wereld van vandaag bekleedt.
Het Vlaamse theater heeft in de voorbije dertig jaar gefloreerd. Tegelijk is in die dertig jaar meer dan eens de dood van het theater voorspeld. Het zou een ouderwets format zijn dat in onze door snelheid en technologie gedomineerde wereld geen toekomst meer zou hebben. Voor Ivo van Hove is het tegendeel waar. Meer zelfs, het theater is voor hem de kunstvorm van de 21ste eeuw. Hij heeft gelijk. Precies omdat we leven in een wereld zoals ik hem net typeerde, is er behoefte aan kunst die ambachtelijk maakwerk door en voor mensen is. Aan kunst die het bij uitstek moet hebben van zijn liveness.
U kunt zeggen: als vijftigplusser aan de top van het firmament heeft Ivo van Hove makkelijk praten. Hij heeft het grootste deel van zijn carrière achter zich. Maar wie het enthousiasme ziet waarmee ook een opkomende generatie nieuwe toneelmakers aan de slag gaat, heeft geen reden om aan zijn optimisme te twijfelen. Het theater is een blijver.
Wij zien bij Etcetera dan ook geen reden om te twijfelen aan de relevantie van een blad voor podiumkunsten. Een blad dat de praktijk van de podiumkunsten kritisch begeleidt. We willen daarom blijven doen wat we doen.
Etcetera is een kunsttijdschrift dat de klemtoon legt op de kunstenaar en zijn werk. Je zou denken: dat is evident. En toch is het dat niet. Of toch niet meer. In de mainstream pers is voor de beschouwing van het kunstwerk nog maar een klein hoekje overgebleven. Ook voor de podiumkunsten is dat zo. En wanneer een maker toch aan bod komt, dan is dat niet omdat hij theatermaker is. Hij komt aan bod omdat hij in een tv-reeks te zien is of in De slimste mens ter wereld. Als hij geluk heeft, mag hij ook nog even iets zeggen over zijn theaterwerk. Maar liefst niet te veel. Blijkbaar weten we tegenwoordig liever waar hij eet en kleren koopt dan wat hij maakt, en waarom hij dat doet.
Tot daar de mainstream. Daar eindigt het niet. We stellen vast dat ook in de kunstwereld zelf de kunstenaar en zijn werk niet zo belangrijk zijn. We worden om de oren geslagen met culturele mixen, publieksparticipatie en publieksverbreding. De kunstenaar wordt gewezen op zijn maatschappelijke verantwoordelijkheid. Daar is allemaal niets mis mee en het zijn belangrijke kwesties, maar het wordt wel een probleem als het betekent dat er niet meer over het werk zelf wordt gepraat. Ik ben niet meer zo jong maar ik ben ook nog niet zo oud. Ik herinner mij nog zeer goed de tijd toen er in theaterfoyers na een voorstelling vooral over die voorstelling werd gepraat.
Etcetera legt dus heel bewust de klemtoon op de maker en zijn werk. We doen dat omdat we geloven dat je niet kan praten over de maatschappelijke inbedding en de verantwoordelijkheid van de kunstenaar als je niet ook, en wel eerst, over zijn werk praat.
Voor Etcetera zijn die dertig jaar niet alleen een manier om verder te doen wat we doen. Dit moment is ook een moment van innovatie. Volgende week voegen we aan onze werking een nieuwe component toe. Dat is Etcetera online. Tijdens het theaterseizoen zullen we wekelijks een recensie van een recente podiumvoorstelling op onze site plaatsen. Die stukken bieden we gratis aan.
Etcetera online en de papieren nummers zijn twee aspecten van eenzelfde verhaal. Het ene laat ons toe om kort en snel op de actualiteit te reageren. Met het andere gaan we breder en dieper in op de kunstenaar en zijn werk, en op tendensen in de podiumkunsten.
Deze speciale editie van Etcetera kwam tot stand met de bijzondere steun van het Vlaams-Nederlands huis deBuren.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.