‘Zeldzaam’ – Foto Jan Swinkels

Johan Thielemans

Leestijd 3 — 6 minuten

Zeldzaam

Een verhaaltje van vijf cent, een produktie van tachtig miljoen: de vreemde tegenspraak van de Nederlandse musical Zeldzaam. Het verhaal gaat over jonge mensen die een musical willen maken. Ze worden gedwarsboomd door een rijke, dus stoute meneer (zelfs zijn vrouw houdt niet van hem). Maar eind goed, al goed: meneer, rijke brouwer in Amsterdam (wie?wie?), draait bij en wij krijgen als musical het verhaal van de musical die bijna niet gemaakt kon worden.

De tijd van Judy Garland en Mickey Rooney, de lievelingen van de jaren veertig, is weer aangebroken. En toch levert dit ‘iets van niets’ veel spektakelplezier op. Al kreeg componist Jurre Haanstra weinig sprankelend materiaal van schrijver Tom Oosterhuis, toch kwam hij op de proppen met een soort stampende disco-muziek, die vaart geeft aan het voorspelbare. Alleen de trage nummers zijn van een grote zwakheid, en spijtig genoeg zat Mies de Heer(goede présence, goede stem) met die taaie brokken opgescheept. Maar verder niets dan goed over nummers als We doen ‘t wel zelluf, Leven in de brouwerij (finale van het eerste deel), Repré en de finale van het spektakel: Nu of nooit-Zeldzaam. Muzikaal dik in orde (al moet ik bekennen dat het voortdurend gestamp van de ritmesectie vermoeiend werkt, of is dat een generatieverschijnsel?) Drie elementen zorgen voor het kijkplezier. Eerst is er een technisch vernuftig decor van Rijko Koning. Boven de speelruimte hangt een reuzescherm waar voortdurend projecties op te zien zijn. Aanvankelijk verbaast het, een enkele keer is het heel functioneel, maar langzamerhand wordt het een bonte mengeling van beelden, die “geëist” worden door de technologie. Dan zijn er de prestaties van de acteurs.Alles getuigt van een grote inzet, zodat het lijkt dat deze zware arbeid alleen maar pret betekent. Frits Lambrechts kan zijn vakmanschap als cabaretier uitstekend aanwenden, Bill van Dijk, specialist in het genre, heeft een meeslepende stembeheersing, en Alexandra van Marken, die reeds goed presteerde in de Jan Cremer-musical, ontpopt zich tot een temperamentvolle zangeresactrice-danseres, spijtig dat de rol haar te weinig kansen geeft om te nuanceren. De revelatie van de produktie heet Frank Hoelen, een jongen uit Antwerpen, die de Studio verlaten heeft voor hij was afgestudeerd, om in Nederland te acteren in de musical Cats. Hij heeft een grote uitstraling, danst en beweegt met overgave, en zingt dat het een lust is. Als ik zulke prestaties zie, denk ik altijd dat in landen zoals Engeland een acteur met deze kwaliteiten wel het gepaste werk zou vinden. Bij ons vraag ik me steeds af: wat nu? Wie zal dit talent in de toekomst de gepaste opdrachten kunnen geven, zodat wat hier zo rijkelijk aanwezig is, op een adequate manier kan groeien en rijpen? Maar goed, dat is de toekomst, op dit ogenblik is Frank Hoelen een naam om te onthouden. Je moet hem gezien hebben.

Het geheel werd geleid door Jean-Pierre De Decker, die de hele onderneming, zo gaan de verhalen, van de ondergang gered heeft. Hij bereikte dat de grote spektakelscènes voldoende vaart hebben, maar verkreeg ook in de intiemere scènes goede acteursprestaties, zodat dit tot één van zijn gaafste produkties is uitgegroeid. Hij heeft natuurlijk veel te danken aan de inbreng van de choreografie. Daarvoor tekent in het programma Gerleen Balstra, maar in de realiteit is dit niet helemaal correct. De Decker was over haar arbeid niet tevreden, en kon enkele weken voor de première Rick Atwell (de choreograaf van Jan Cremer, die op dat ogenblik in Berlijn meewerkte aan Marijnens nieuwe versie van Het Liefdesconcilie naar Amsterdam halen. Atwell ontwierp onder meer een finale, die overliep van spetterende energie. Daarbij eiste hij van alle dansers (onder wie Ciao May, te zien in de Michael Jacksons clip Bad) een zeer grote discipline. Af werk. Conclusie: een produkt dat rustig naast dergelijke vertoningen in de West End kan staan. Voor Vlaanderen en Nederland nog altijd een zeldzame prestatie, ook al is het resultaat dan maar ‘commercieel theater’. Je komt er buiten met een portie blije energie, en daarin schuilt toch, sedert Fred Astaire en Gene Kelly, de echte charme van het genre.

Zeldzaam

Auteur: Tom Oosterhuis;

muziek: Jurre Haanstra;

choreografie: Gerleen Balstra;

regie: Jean-Pierre De Decker;

decor: Rijko Koning;

muzikale leiding: Alan Evans;

geluidsdecor: Emile Elsen;

licht: Jaak van de Velde;

spelers: Frits Lambrechts, Mies de Heer Frank Hoelen, Alexandra van Marken, Bill van Dijk, Ciao May en vele anderen.

Wordt nog gespeeld op 20 april in CC Hasselt.

Krijg je graag ons magazine in jouw brievenbus?
Abonneer je dan hier.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

#25

15.03.1989

14.06.1989

Johan Thielemans

Johan Thielemans stond mee aan de wieg van Etcetera. Hij doceerde aan de tolkenschool Gent en is nu gastprofessor theatergeschiedenis aan het Conservatorium van Antwerpen. Hij schreef boeken over Hugo Claus en Gerard Mortier, creëerde twee operalibretto’s en maakte uitzendingen over Amerikaanse cultuur voor Radio 3. Hij was ook voorzitter van de Theatercommissie en van de Raad voor Kunsten.