(c) Virginia Rota

Leestijd 6 — 9 minuten

Triptych: The missing door, The lost room and The hidden floor – Peeping Tom 

Een trip down memory lane

Peeping Tom, het ensemble rond regisseurs Franck Chartier en Gabriele Carizzo, creëerde in 2017 het drieluik ‘Adrift’. Met een volledig nieuwe bezetting herwerkten ze deze voorstelling tot Triptych: The missing door, The lost room and The hidden floor. Het drieluik neemt je mee naar de wereld van herinneringen van een overleden man. Elk deel speelt zich af in een andere ruimte, getekend door traumatische taferelen, waaruit de man wil, maar onmogelijk kan ontsnappen. Het geheel toont hoe onze herinneringen werken als een labyrint.

Onheilspellende muziek vult de theaterzaal. Achter in de zaal flikkert een klein lichtje. Zien we in de verte een schip passeren? Waar gaat het heen? Terwijl de muziek naar een sinister hoogtepunt groeit, licht de scène op. Deze bestaat uit twee muren, in een stijl doet die een oud cruiseschip doet vermoeden. Ze zijn opgesteld in rechte hoek, met verschillende deuren en een klein raampje. Je kan er zo langs alle kanten achter en overheen. In de hoek staat een tafel opgesteld. Er zit een man aan die door zijn hangende houding niet langer bij bewustzijn lijkt. Een bloedvlek op zijn hemd doet het ergste vermoeden.

Alternatieve realiteit

Ondertussen boent een andere man de vloer met een keukendoek. Wat ruimt hij zo fanatiek op? Wist hij zijn sporen uit? Plots neemt de keukenvod vreemd genoeg het roer over. De nog levende man moet op hilarische wijze volgen en probeert, tevergeefs, opnieuw controle te krijgen. Een vrouwelijke bediende verschijnt van achter de muren en schuift een oude canapé bij. Een tweede vrouw, gekleed in een blauwe rok en wit, loszittend topje, maakt haar opwachting. Als bij wonder wordt ook de levenloze man terug wakker. Hij stelt zich op naast de vrouw in de zetel.

Een deur valt in het slot. Je ziet het niet, het is enkel te horen. Het is een teken aan de wand. Plots zit iedereen gevangen in een alternatieve realiteit waarin de tijd niet langer voor- maar achteruitgaat. Flitst het leven van de overleden man voorbij? Hij doet de vrouw een schoen met hoge hak aan, samen lezen ze een boek, allemaal in reverse. De bewegingen gaat in horten en stoten, doen vermoeden dat de personages onderhevig zijn aan iets dat buiten hun macht licht. 

Zijn we terecht gekomen in een trip down memory lane? Zal de terugwerkende kracht die hier speelt de ware toedracht van de bloedvlek onthullen? De tijd beslist er anders over, beweegt opnieuw vooruit. De overleden man probeert tevergeefs de ruimte te ontvluchten, maar die laatste verhindert het hem keer op keer. Een deur kraakt en piept, maar is onmogelijk te openen. Andere deuren, ramen en kasten vliegen wild open, zonder enig teken van menselijk tussenkomen. Zoals de titel van deel 1 doet vermoeden, de deur richting uitgang blijkt onmogelijk te vinden. Je krijgt het gevoel dat de overleden man vast zit in een macaber en mysterieus labyrint getekend door zijn herinneringen en andere mentale demonen.

Zoektocht naar de rode draad

De zaken die zich afspelen op het podium bevestigen die indruk. Je kijkt niet naar representaties van wat zich werkelijk in het leven van de man voordeed. Eerder zijn het wanen, flarden van herinneringen. Dat wordt beeldrijk gesuggereerd door de zintuigelijke bevreemding van deze situaties. Elke scène begint dan wel realistisch in zijn opzet, de personages zijn steeds onderhevig aan surreële krachten die hun handelingsvermogen buitenspel zetten. Zo staat in het eerste deel, in regie van Franck Chartier, de relatie met een vrouw centraal. We zien een prachtig en buitenissig duet tussen de overleden man en zijn ex-geliefde. De man gooit haar met veel energie over zijn schouder, tolt samen met haar door de ruimte. De vrouw blijft daarentegen bijna bewegingloos, steunt stokstijf op de armen en lichaam van de man. Het lijkt wel alsof de man danst met een etalagepop. Probeert hij de vroegere passie tussen beide nieuw leven in te blazen? Het is vooral een adembenemende, virtuoze mix van dans, mime en acrobatie die voor de man – voorspelbaar – eindigt met een sisser. 

In de daaropvolgende delen, van de hand van Gabriela Carrizo en genaamd The Lost Room en The Hidden Floor, passeren andere taferelen uit het leven van de overleden man. Er zijn hinten naar een affaire, de dood van een baby en een sprong over de reling van een schip. Ook deze situaties zijn gehuld in een vage mist. Je blijft als toeschouwer veelal in het ongewisse. Wat is er effectief aan het gebeuren? Hoe hangen deze taferelen aan elkaar? Er zijn hinten,  maar je krijgt de indruk dat de makers je als toeschouwer voortdurend willen afleiden in je zoektocht naar een rode draad. Een griezelige en komische wirwar aan scènes overwoekeren de ervaringen van de man. 

Close the f*cking door

Dat gebeurt ook in de fases tussen de verschillende luiken. Na afloop van het eerste deel wordt het salon met zijn talrijke deuren afgebroken. Er volgt een kajuit en later ook een verlaten restaurant. Deze afbraak- en opbouwwerken bevestigen de impressie dat je kijkt naar een wereld die niet echt is, maar geconstrueerd. Dat ze uitgevoerd worden door zowel een team van technici als de performers en dat de eerste wissel tijdens de voorstelling gebeurt en de tweede tijdens de pauze (al kan je wel blijven zitten en verder volgen), is een mooie vondst die op inventieve wijze verbeeldt dat herinneringen kabbelen op de grens tussen droom en werkelijkheid.

Maar ook in de delen zelf spelen de ruimtes waarin de personages zich bevinden een belangrijke rol. Het lugubere karakter, begeleid door dito muziek, voeden de benauwdheid en gevangenschap die je ervaart als toeschouwer en die je ontwaart bij de protagonisten. Het geheel doet regelmatig denken aan een horrorfilm. Zo roept het derde luik, dat de sprong over de reling behandelt, een sfeer van verdrinkingsdood op. Het podium vult zich met water dat afkomstig is van de lekkende plafonds. Een tikkende klok doet vermoeden dat de adem bijna op is. Het huilen van een oudere man op de achtergrond – zijn het zijn tranen die het podium doen overlopen? – hint naar een niet zo goede afloop. Het voegt een indrukwekkende laag van suspense toe aan het vervaarlijke en acrobatische waterballet van tollende en rollende cruisegasten die een onoverkomelijk onheil over zich heen krijgen. Maar ook al is ze afbreekbaar, aan deze scenografie valt niet te ontsnappen. De terugkerende en hysterische schreeuw ‘to close the f*cking door’ vat het treffend samen.

Tryptich dompelt je onder in de duizelingwekkende wereld van herinneringen. Vaak ben je als toeschouwer een beetje de kluts kwijt. Scènes lijken zich te herhalen, personages en objecten verdwijnen en verschijnen uit het niets, soms gaat de tijd vooruit dan weer eens achteruit. De kijkervaring valt nog het best te omschrijven als een associatieve angstdroom. Het is alsof je samen met de overleden man in en uit herinneringen springt, zonder controle waar je heen gaat of waar je op focust. Dat elke scène speelt met je zintuigen, je tijdsbeleving en werkelijkheidsgevoel en bovendien overladen is met randzaken zoals de terugkerende, maar nooit geduide keukenvod onderstreept die ervaring.

De bricolage van het onderbewustzijn

In het slotluik zegt een vrouw op angstvallige wijze: ‘I can’t remember, I can’t remember anything. Something happened, I can’t remember it. You said, you said… I can’ remember it. My memories are running away’. De woorden lijken niet gericht op iemand op het podium. Het is alsof ze beseft dat ze gevangen zit een herinnering. Of richt ze zich tot het publiek? De woorden komen binnen en hebben als effect dat je anders gaat kijken naar het vele dat je reeds gezien hebt.

Is dat kleine raampje dat altijd links in de hoek van de rechtermuur aanwezig is een verwijzing naar het onbewuste? Keer op keer zie je er gezichten en mensen passeren. Ze kijken binnen, hebben overduidelijk een invloed, maar bevinden zich nooit echt in de speelruimte. Of de lichamen die plots uit kasten of deuren vallen. Ze komen net als het onbewuste uit het niets ten tonele en hebben impact zonder dat je die kan tegenhouden. Ook de veranderende scenografie verschijnt zo in een ander daglicht. Herinneringen zijn, zo wordt toch gezegd, geen eenduidige representaties van een beleefde werkelijkheid. Altijd zijn het constructies van ons (onder)bewustzijn waarin stukjes aan en op elkaar worden gebricoleerd. Is het daarom dat je gelijkaardige zaken ziet terugkeren maar in een andere hoedanigheid? Je merkt ze op maar voelt dat ze anders zijn of een nieuwe plek hebben gekregen. Het lijkt een hint naar het feit dat hoe vaker je je bepaalde zaken probeert voor de geest te halen, hoe meer foutjes in dat beeld kruipen.

Met Triptych schept Peeping Tom opnieuw een waanzinnige wereld die op beeldrijke wijze spreekt over de vaak enge, soms absurde, maar vaak ook hilarische werking van ons geheugen en onze dromen en hoe we er in opgesloten zitten. Met veel verbeelding en aandacht voor techniciteit, zowel in de dans als scenografie, onderzoeken Chartier en Carizzo de mechanismen achter onze herinneringen. Dat die veelheid soms wat (te) lang aanvoelt en je af en toe het bos door de bomen niet meer ziet, neemt niet weg dat je je een volle twee uur verkijkt op wonderlijke vondsten en prachtige beelden.

Gezien op 09/06/2020 in De Singel

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#164

01.06.2021

31.08.2021

Jasper Delva

Jasper Delva werkt als beleidsmedewerker rond kennisontwikkeling bij het Departement Cultuur, Jeugd en Media van de Vlaamse overheid en doet onderzoek naar loopbanen in het Vlaamse podiumlandschap aan de KU Leuven. Hij schrijft tevens voor diverse cultuurmedia.

recensie

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!