Artiesteningang: Lien Thys
Lien Thys
Het lentefestival BOUGE B presenteert in deSingel al negen jaar de jongste dansproducties van aanstormend dans- en performancetalent uit binnen- en buitenland. Daarnaast krijgen de gevestigde makers uit het nationale en internationale podiumkunstenveld de kans om hun nieuwste creaties aan het grote publiek voor te stellen. Na onder andere Florentina Holzinger, François Chaignaud, Meryem Jazouli en Jan Martens in eerdere edities, is het dit jaar de beurt aan Miet Warlop, Inga Huld Hákonardóttir, Paula Rosolen, Radouan Mriziga, Dana Michel en Helder Seabra om de grenzen van dans en performance af te tasten. Een van onze Etcetera-recensentenging bij de opening van het festival kijken naar Prins of Networks van Rodrigo Sobarzo en 5 Seasons van Katie Vickers, Benjamin Pohlig en Gaspar Piano.
Met Prins of Networks zet Sobarzo de zoektocht verder die van start ging met Remote Sense (2014) en deel uitmaakt van een grotere reeks rond de mens, biologie en materie. In de performance Remote Sense onderzocht Sobarzo hoe we kennis konden opdoen over een object, een fenomeen of een gebied zonder er fysiek mee in contact te komen. Met zijn eigen lichaam als gereedschap creëerde Sobarzo een landschap van zout en licht. Zonder enige technologie legt hij landschappen bloot die voor ons anders verborgen zouden blijven.
In Prins of Networks vormt een experiment met fruitvliegjes het uitgangspunt om de nauwe band tussen onze fysieke en virtuele werkelijkheid te onderzoeken. Prins of Networks gaat uit van de idee dat het artificiële, het digitale en het virtuele ook deel uitmaken van de natuur. Bij het binnenkomen neem je als toeschouwer plaats op een donkere scène rond een tent van doorzichtig gaasnet. De tent en haar ‘inwoners’ worden zichtbaar wanneer performer Diego Olea binnenin zijn uv-lamp aansteekt. Duizenden fruitvliegjes zitten op de gaasnetten wand of cirkelen rond Sobarzo’s uv-licht. Olea – getooid in korte broek, sandalen met witte sokken en een diep over het hoofd getrokken kap – gedraagt zich als een imker die voorzichtig de wereld van zijn dierbare fruitvliegjes betreedt. Behoedzaam beweegt Olea zich verder in de tent. Het ene moment is hij een soort rattenvanger van Hamelen die de vliegen naar zijn lamp lokt om ze van dichtbij te kunnen bestuderen. De donkere ruimte zorgt ervoor dat de uv-lamp die Olea vasthoudt wordt getransformeerd tot een fel belicht mini-podium waarop de fruitvliegjes naar hartenlust kunnen rond dansen en opspringen. Het andere moment gaat Olea als een Jedi tekeer met zijn lamp waardoor hij in een wervelwind van fruitvliegjes terecht komt. De duizenden fruitvliegjes die plots rond Olea vliegen maken samen een dreigend geluid. De eerst zo behoedzame wetenschapper bevindt zich plots in een zeer dystopische en post-apocalyptische sfeer.
Met Prins of Networks vormt Rodrigo Sobarzo het podium om tot een experimenteerruimte om de verschillende zijns-cycli van materie aan de toeschouwer te tonen. Sobarzo’s jongste project haakt zich hiermee vast aan het discours van een nieuwe generatie denkers binnen de filosofie – met als prominente figuren Bruno Latour, Graham Harman of Quentin Meillassoux – die bezig is objecten als objecten te denken. Objecten hebben ook een bestaan onafhankelijk van het menselijk perspectief of ideeën die er over bestaan. Deze nieuwe filosofische stroming – het speculatief realisme – wil zich hiermee afscheuren van een lange traditie in de Westerse filosofie die objecten enkel in relatie tot mensen kon denken en niet als autonome dingen.
Het is een spannende zoektocht naar een denken waarin de mens zich niet langer in het centrum bevindt en waarbij de analyse van dingen ons nieuwe inzichten geeft. In een wereld waarin de mens de eindigheid van materie op aarde vaak aan den lijve ondervindt en waarin machines en digitale structuren onze werkelijkheid vormen is een hernieuwd respect voor dingen meer dan ooit noodzakelijk. Sobarzo’s Prins of Networks verwijst dan ook niet toevallig naar het gelijknamige boek uit 2009 van filosoof Graham Harman waarin de menselijke en intermenselijke relaties als objecten worden bestudeerd. In de performance vertaalt Sobarzo deze filosofische inzichten naar een theatrale zoektocht naar de cycli van materie en de relaties die we er als mensen mee hebben: wat kenmerkt materie? Wat is haar sterkte? En wat zijn haar zwaktes? Welke impact heeft de mens op materie? En welke impact heeft materie op de mens?
Sobarzo doet dit eerst en vooral in zijn omgang met de fruitvliegjes die de dagen voor de voorstelling in de tent worden gekweekt met de hulp van rot fruit. “Tijdens dit onderzoek concentreren we ons op de teelt van vliegen. Vliegen als materie, als elektrische, extreem geavanceerde technologische wezens. Geen enkele materie kan ooit als artificieel beschouwd worden, aangezien het artificiële één van de manifestaties van de natuur is”, aldus Sobarzo. De ontbinding van het fruit zorgt voor nieuw leven, maar waarna ook de vliegjes weer vergaan. In zijn unieke taal die balanceert tussen installatie en performance herhaalt Sobarzo hetzelfde procedé met ijs en water. Wanneer performer Diego Olea de tent verlaat diept hij uit een diepvriezer een groot blok ijs dat vervolgens voor een verwarmingselement wordt plaatst. De technologie vernietigt wat ze zelf gecreëerd heeft.
In het verder verloop van Prins of Networks onderzoekt Sobarzo de rol die technologie speelt in de digitale arena waarin we vandaag leven. Alleen is dit facet van zijn onderzoek niet even doordacht uitgewerkt. Zo beperkt Olea zich tot het maken van een rondje op het podium met een vliegende mini-drone en speelt hij een handvol minuten een videospel waarin de avatar van Sobarzo te zien is. Daarnaast is het vreemd dat ondanks het pleidooi voor het herwaarderen van objecten en het afstappen van de mens als uitgangspunt, toch steeds opnieuw de mens – in de performance performer Diego Olea – een sturende en bepalende rol bekleedt. In Sobarzo’s Prins of Networks blijft de mens nog steeds de prins binnenin het netwerk. Het is nog steeds de mens die materie vormgeeft, manipuleert en voor eigen gebruik inzet. Het is de macht en kracht van de mens om in de wereld van de vliegen chaos te scheppen of orde te brengen. Knap is wel het eindbeeld van Prins of Networks: een lange groene laserstraal die de smeltende en smeulende ijsblokken en het gaaswerk van de tent vol vliegen doorklieft. De werelden waarin Olea zich telkens in begaf zijn zo verenigd tot één geheel. Hoeveel verschillende virtuele of artificiële werelden er ook mogen bestaan, ze maken toch onherroepelijk deel uit van deze ene wereld.
Prins of Networks opent heel wat boeiende perspectieven over ecologie en de manier waarop we vandaag vorm geven aan en omgaan met onze planeet. Sobarzo maakt ons duidelijk dat onze huidige relaties met de natuur eindig zijn en dat nieuwe mogelijkheden zich opdringen. Het maakt ons nieuwsgierig naar nieuwe creaties van de hand van Sobarzo omtrent onze relatie met natuur, biologie en materie.
5 Seasons van muzikant Gašper Piano en P.A.R.T.S-oudgedienden Katie Vickers en Benjamin Pohlig kondigde zichzelf aan als een performance die zich bevindt op het snijvlak tussen dans en popconcert. ‘Een hedendaags bezwerend ritueel tussen dans, performance, muziek en nachtleven’. Als toeschouwer betrad je geen theaterzaal maar een concertzaal. De zittribune van deSingel had plaats geruimd voor de zwarte concertvloer. De tapijten in de hoek, met de daar op gestelde microfoons, moesten de idee van een concertpodium opwekken. Net zoals in een échte concertzaal blijft het publiek in afwachting van het spektakel met een pint in de hand langs de kant staan. Door de om de hoek opgestelde bar kreeg je er de geur van schuimend bier gratis bij. Net zoals bij veel beginnende bands blijft ook bij 5 Seasons het publiek op zijn plek kleven wanneer Gašper Piano al schreeuwend de muziek op gang trekt. Op de tonen van Piano’s muziek duiken Vickers en Pohlig al dansend op tussen de toeschouwers. Hun choreografie doet denken aan de wilde bewegingen die we kennen van de die hards op festivalweides: heftig headbangen, handjes in de lucht of als een door-de-duivel-bezetene je lichaam in de strijd gooien met de muziek.
Five Seasons kabbelt traag verder op de bezwerende muziek van de hand van Piano. Vickers en Pohlig nemen de micro bij de hand en brengen een kitsch nummer in ware camp-stijl. De kledij, de muziek en de dansbewegingen zijn een knipoog naar de vrolijke en kleurrijke elektro- en synthpop of hiphop van Grimes, Janelle Monáe, M.I.A. of Nicki Minaj. Eindigen doet Five Seasons met een ‘lichtshow’ waarbij de spots op het lichaam zijn gemonteerd. Een stroboscoopaanval gebracht door het menselijke lichaam in extase.
Het trio Vickers, Pohlig en Piano ambieert een voorstelling te maken waarin popconcert en dansperformance in elkaar overlopen. 5 Seasons wil een voorstelling zijn waarin de toeschouwer en toehoorder worden ondergedompeld in verschillende muziekstijlen en waarbij de hand wordt gereikt om mee te stappen in het nachtleven. Een lofzang aan het feest, een ode aan het hedonisme van het weekend en de zotternijen van het nachtleven.
Wat echter ontbreekt is een grondige bevraging van die elementen van de populaire danscultuur. 5 Seasons recupereert alleen haar codes, houdingen en gedrag. Lang werd elektronische dansmuziek met een scheef oog bekeken maar sinds het grote succes van Tomorrowland en diens afkooksels is het zo mainstream als K3. De marketingmachine en industrie die mee vorm geven aan het entertainmentgehalte van dit populaire cultureel fenomeen bieden heel wat mogelijkheden om als danser en maker mee aan de slag te gaan. De goddelijke status die de DJ vandaag heeft, de pompende beats van Dimitri Vegas & Like Mike die bij elke DJ-set hetzelfde klinken, de zonnebank bruine bimbo’s en douchebag’s die in té spannende truitjes al fistpumpend te keer gaan of de droomwereld van Tomorrowland: meer dan ooit tevoren is het uitgaansleven een lucratieve business geworden. In dat opzicht is het voor Vickers, Pohlig en Piano een gemiste kans om in Five Seasons het materiaal waarmee ze aan de slag gaan kritisch te bevragen. Het was een buitenkans om de fistpumpende bimbo’s en douchebag’s in hun té nauw aansluitende hemdjes te kijk te zetten en de valse DJ-goden eindelijk van hun luchttroon te stoten.
Gezien op BOUGE B 2016 in deSingel op 13 april 2016
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.