© Casper Koster

Leestijd 6 — 9 minuten

Peekaboo – Maxime Dreesen & De Studio

Seks in de Sandwicherie & Misofonie

Wat als seks, in plaats van achter gesloten deuren, even onverholen en onbevangen om de hoek kon komen piepen als animatiefiguurtjes in kinderprogramma’s? Dat gedachte-experiment werkt theatermaker Maxime Dreesen samen met performers Adrien De Biasi, Courtney May Robertson, Birame en muzikant Benne Dousselaere uit tot een hoogst vermakelijke muzikale show waar de sekspositiviteit uit gutst, maar het publiek zich even onmogelijk een blauwe plek kan aan stoten als aan de hysterische decorelementen uit mousse.

Net zoals Dreesen’s voorgaande creaties – Youth For Sex (2021) en Countersex Education (2022) – windt Peekaboo geen doekjes om zijn wellustige insteek. Als de cisheteroman zich volgens het cliché kan permitteren om zogenaamd elke 7 seconden aan seks te denken, dan kunnen de normatieve structuren die ermee gepaard gaan alleen gequeerd worden door een breed spectrum aan seksuele handelingen als een constante in het vizier te installeren. Dreesen nodigt in deze voorstelling met andere woorden uit tot het verbeelden van een absoluut maken van cruising cultuur – het opzoeken van losse, seksuele contacten in de openlucht.

“Als kekke nar met molensteenkraag, glittershort en roze geverfde wangetjes maakt Dreesen ons warm om samen met hen tabula rasa te maken met het verdomhoekje waar vrijblijvende seks en plein public naar verbannen werd.”

Het is dan ook opvallend dat de voorstelling op geen enkel moment expliciet verwijst naar hoe online bewegingen het cruisen toch enigszins ondersneeuwden. Apps zoals Grindr, Tinder of Feeld lijken een onbeteugeld seksueel verlangen geformaliseerd te hebben, op eenieder moment binnen swipe-bereik. We hoeven niet meer in alle geniepigheid letterlijk in het duister gaan tasten. En toch doen we ‘hét’ om allerlei redenen niet, aldus steekt Dreesen in hun relaas de voorstelling van wal. Als kekke nar met molensteenkraag, glittershort en roze geverfde wangetjes (is dat een vleugje schaamte die daar de kop opsteekt?) maakt die ons warm om samen met hen tabula rasa te maken met het verdomhoekje waar vrijblijvende seks en plein public naar verbannen werd. 

Amicaal animaal 

In een speeltuin scenografie die uit het decoratelier van een televisieprogramma voor dreumessen gebroken lijkt, ontluikt vervolgens het complexloze ronddartelen van performers De Biasi, Robertson en Birame. Hun zoeken van toenadering tot elkaar oogt laagdrempelig. Waar er eerst nog voorzichtig wordt afgetoetst, worden er snel volmondig lichaamsdelen en -sappen aangeboden en opgesmikkeld. Handen en gezichten verdwijnen gretig tussen de billen, de vogelerige kreetjes van Robertson schieten als madeliefjes uit de grond, terwijl ondertussen golven van genot worden uitgereden. 

Als host die af en toe de kop opsteekt voor flarden van een lichtvoetige monoloog gidst Dreesen ons doorheen verschillende homo-erotisch geconnoteerde vrijzones, zoals het stadspark na sluitingstijd en het badhuis. Het zijn werelden binnenin de bestaande wereld, tijdelijke ruimtes in de publieke ruimte die de gangbare sociale codes omdenken, net zoals het omdraaien van decorelementen de performers telkens naar een nieuwe verbeelding vertransporteert. Zo welluidend als verschillende (lipsynch)nummers en choreo’s onder begeleiding van Dousselaere’s beats zijn, zo irritant wordt gaandeweg het vele geslurp en gesmak dat er geproduceerd wordt. Robertson’s kirretjes kruipen overal doorheen de klankband van het elkaar verorberen. Dat maakt deze tuin der lusten in ieder geval niet geschikt voor wie gevoelig is aan misofonie.

Op eenzelfde lijn van die minder evident erotische geluidslaag, zit ook het flatulentiefestijn waar we getuige van zijn in een half opengesneden jacuzzi. Het levert een tafereel op waar je als toeschouwer willens nillens van smult. Het is eveneens niet het enige moment in de voorstelling waarbij Dreesen’s werk zich in de neus nestelt, wat ook gebeurt wanneer die voorbij alle taboes het geurenpalet van het rimmen looft. Wanneer je je daarna bijgevolg plots wel erg bewust wordt van menselijke aroma’s, genereert dat een interessant contrast met hoe een rookmachine de waas van een stoombad in de zaal brengt. Die nevel ruikt helemaal niet broeierig zoals we ons de scheten die de performers op cartooneske wijze op elkaar afvuren zouden kunnen inbeelden, maar geurt zowaar steriel. We bevinden ons tenslotte nog steeds in de illusoire ruimte van het theater – weliswaar ook een soort van andere wereld binnenin de bestaande wereld – maar niet in die effectief subversief aangewende publieke ruimte. 

Het kader dat de aaneenschakeling van scenes bijeenhoudt heeft veel weg van de dramaturgie van een dragwedstrijd met als thema cruising – met als gedoodverfde favoriet De Biasi (alias Drag Couenne die in 2023 nog Drag Race Belgique won) met een showstopper badjas-jurk. De aanstekelijkheid van het geheel leunt daarop aansluitend sterk op het live muziekelement op het podium. Op côté cour staat Dousselaere opgesteld achter z’n apparatuur, half in het schemer van de scène, wat na een eind redelijk verknipt dreigt aan te voelen ten opzichte van de rest van het spektakel. Bij een plotse ommeslag naar loeiende politiesirenes en blauwe flikkerlichten richting het eind van de show wordt duidelijk waarom hij er tot dan toe grotendeels buiten werd gehouden. Het is een keerpunt die hem in de rol van een wijdbeense politieagent duwt die uiteindelijk vrij snel op de knieën gaat – letterlijk.

Weinig spannende ontspanning

Peekaboo presenteert zo een lofzang op cruising ontdaan van z’n verscholenheid, weg getrokken uit de verborgenheid. De vraag die de voorstelling weliswaar, mogelijks moedwillig, laat openliggen, is of cruising nog cruising is als het op de Teletubbies heuvel out in the open plaatsvindt. Is het verdokene niet inherent deel van de identiteit van cruising? Het werk slaagt er in ieder geval prijzenswaardig in om cruisen in een inclusiever licht te brengen dan een uitsluitend homo-erotische context, getuige de liefkozing van een grote vulva. Desalniettemin knipoogden de outfits die de performers al snel uitspeelden naar de historische codetaal van bandana’s en geknoopte sjaaltjes.  

“Kinderlijke naïviteit lijkt de voorwaarde voor het gedachte-experiment dat achter de show schuilgaat, in een poging om allerlei kwalijke associaties met zo’n vrijelijk beleven van seks die we reeds kregen binnengelepeld te kunnen ontlopen.”

Wat echter in mijn ervaring volledig uit de boot viel, was de hypnose-stem die ons door de luidsprekers toesprak bij het begin van alles. Als dramaturgisch bindmiddel bleek dat achteraf gezien onnodig dubbelop. Dreesen nodigt als verteller al uit tot een onbevangen blik, zonder dat we daarbij eerst in een hypnose gewiegd dienen te worden door een lome Engelse stem. Al is de sussende toon zeker ook leesbaar als het pad plaveiend voor het loslaten van terughoudendheid uit angst. Op enkele terloopse verwijzingen (“Is that a weapon in your pocket or are you just very happy to see me?”) en de politiescène na is het cruisen dat deze voorstelling naar voor schuift geheel onschadelijk gemaakt. Kinderlijke naïviteit lijkt dan ook de voorwaarde voor het gedachte-experiment dat achter de show schuilgaat, in een poging om allerlei kwalijke associaties met zo’n vrijelijk beleven van seks die we reeds kregen binnengelepeld te kunnen ontlopen. 

Toch slaagde ik er niet in om wat er zich op het podium afspeelde als daadwerkelijk zinnenprikkelend te ervaren; er knetterde iets te weinig en zonder enige groezeligheid oogde het allemaal erg vriendschappelijk. Mogelijks zegt dat meer over mijn inkapseling in sex(y) niet van schroom of een ranzig randje te kunnen loskoppelen. Dat noodzakelijke spelelement en de lokroep van het onberekenbare valt nochtans duidelijk te ontwaren in hoe de performers het verloop van hun seksuele handelingen laten bepalen door het spelen van blad-steen-schaar. Het confronteert me alvast met de romantisering van cruising zoals die mij doorheen literatuur en popcultuur bereikte, en het element van riskante onvoorspelbaarheid dat ik er bijgevolg onverhoopt in ging zoeken. Die strookt niet met de goedlachse ondeugendheid, de geruststelling van ASMR beeldtaal, of zelfs de sentimentaliteit van het slot waarbij de performers zij aan zij naast elkaar neergevleid Peekaboo neerleggen. 

Dit voorjaar op tournee in Nederland.

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#178

15.12.2024

28.02.2025

Tessa Vannieuwenhuyze

Tessa Vannieuwenhuyze is als docent en onderzoeker verbonden aan de Universiteit Gent (S:PAM) en Cultural Studies Leuven, en dramaturge voor oester. In haar doctoraatsonderzoek legde ze zich toe op een heronderhandeling van het concept ‘persona’ over hedendaagse podiumkunsten en populaire muziek heen. Momenteel bouwt ze deze onderzoekslijn verder uit en verkent ze, vanuit de notie ’trackmaturgie’, hoe popmuzikale (concert)praktijken hun weg vinden naar geïnstitutionaliseerde performancecontexten. Tessa maakt deel uit van de Grote Redactie van Etcetera.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!

Wat is de toekomst van cultuurspreiding in Vlaanderen? De nieuwe Strategische Visienota Kunsten van minister Caroline Gennez wil expliciet meer inzetten op spreiding in landelijke gebieden en een breed bereik.

 

Ga mee in debat met Kunstenpunt en Etcetera op dinsdag 26 mei in de Beursschouwburg. Reserveer hier je gratis ticket.

Moderator: Ciska Hoet. Panel: wordt binnenkort bekend gemaakt.