”De ondergang van de Titanic’…’ © Willy Wtterwulghe

Leestijd 6 — 9 minuten

‘De ondergang van de Titanic’ heeft nooit plaatsgevonden

De Tijd – Lucas Vandervorst

Toneelvoorstellingen met een geschiedenis, ze zijn zeldzaam. Zeker wanneer, zoals bij De ondergang van de Titanic, de geschiedenis elke keer herschreven wordt. Lucas Vandervost maakte en speelde in 1994 deze prachtige monoloog – zegt men – op basis van de gelijknamige dichtbundel van Hans Magnus Enzensberger.

Tot mijn spijt (of tot mijn schande) heb ik de eerste versie niet gezien. Lucas Vandervost had zichzelf beloofd om zijn De ondergang om de vijf jaar opnieuw te spelen, maar niet zonder een grondige revisie van tekst en vorm, elke keer. Hij maakte nieuwe versies in 1999 en in 2005, aangepast aan de werkelijkheid. Zo speelde hij in 2005, na een drastische krimp in de subsidies voor De Tijd, De ondergang van de Titanic als het ware thuis, in de lege repetitieruimte van het gezelschap, zonder de impressionante toile de fond van Erik Lagrain. Maar ook die hernemingen heb ik gemist. Soms vallen er onverklaarbare gaten in iemands persoonlijke theatergeschiedenis. Waarvoor excuus, maar desondanks gaat dit stuk over de ‘voorlopig allerlaatste’ herneming van De ondergang van de Titanic, dit keer ook met gereviseerde titel: ‘De ondergang van de Titanic’ heeft nooit plaatsgevonden. Een voorstelling, een vertelling over herinnering en rouw, poëtisch en concreet, melancholisch en vrolijk. Een zelfportret van Lucas Vandervost, misschien, maar vooral een portret van een mens die afscheid neemt en twee uur lang probeert te achterhalen wat hij heeft verloren.

Vandervost maakt van zijn eenmalige optreden in De Grote Post in Oostende, op uitnodiging van TAZ-curatoren De Roovers, een raamvertelling: hij vertrekt op reis met een pakketboot en komt later aan, in Oostende. Of komt hij niet aan? Zijn er dingen die belangrijker zijn dan een afspraak met een schouwburg? Uiteraard, zo zal blijken. De toneelspeler draagt, in de hitte van augustus, een witte wintermantel, en ook de scène is met een winters tapijt bekleed. Hij draagt – een herkenbaar teken sinds 1994 – een hoedje, gevouwen uit kostbaar papier. Hij neemt zijn tijd om zich thuis te voelen op scène, om zich bewust te worden van de begrenzingen van de ruimte, van het onuitwisbare moment dat hij telkens volpraat, van het publiek dat hem gadeslaat. Een publiek dat loyaal is, dat vaak wel een of meerdere van de vorige Titanic-voorstellingen heeft gezien. Een publiek van oude bekenden en – zoals TAZ telkens presteert – Oostendenaars van alle leeftijden. Een publiek dat genietend lacht, nooit uitbundig, dat de melancholie van deze man – de clown doet nog één keer zijn kunstje – naar waarde weet te schatten, wellicht ook meevoelt. Maar iemand verbreekt de gewijde sfeer, vele malen tijdens dit twee uur durende verhaal. Een jonge vrouw in een zwart pak met glitters, als van een majorette of een danseres uit de chorus line, komt langs met borden met grote cijfers, telkens voorafgegaan door een bel, alsof ze de rondes in een boksmatch aangeeft. Nochtans vindt er geen gevecht plaats, tenzij dat van de speler met zichzelf. Hij doet lange tijd zijn best om haar te negeren, zwijgt enkele seconden, kijkt haar soms wel na, soms niet. Op een bepaald moment roept hij haar op de scène, ze spreekt Russisch. Ze zal een hele tijd bewonderend blijven kijken en luisteren, ze zal een fragment spelen, in het Russisch, uit De meeuw van Tsjechov – dat is het voorrecht van jonge actrices. En ze zal, omgekleed en gepakt, afscheid komen nemen vóór de speler uitgespeeld is – hoewel het een vals afscheid blijkt. Toch verstoort zij de rust niet, integendeel: de speler heeft geen rust, zeker niet in zijn ziel, hij verbeeldt zich telkens weer de ondergang, van de Titanic, van de hele trans-Atlantische scheepvaart, van de biodiversiteit in de Nieuwe Wereld, van de wereld zoals wij die kennen tout court. De jonge actrice maakt de glimlach van de speler minder zwartgallig, relativeert zijn melancholie. Bovendien maakt dit samenspel, hoe onevenwichtig ook door het ‘paternalisme’ van de speler, de theatrale situatie spannend. Je kijkt niet enkel naar een figuur die tegenover jou, beschaafde en genereuze toeschouwer, zijn hart uitstort, je kijkt ook naar een voorzichtig spel van aantrekken en afstoten. Een Lolita-achtig minnespel, uiterst platonisch, dat bovendien plaatsgrijpt in een surrealistisch kader – het meisje uit de chorus line, de bel en de cijfers – waarbij de speler, in de beste theaterconventie, telkens kan kiezen of hij er rekening mee houdt of niet, of hij zich ergert of beleefd glimlacht. Wij, het publiek, kunnen niet kiezen. Zij ‘verstoort’ ons beeld, zij ‘hindert’ onze bereidheid om mee te gaan in de gedachtegang van de speler op zijn fictieve reis. En dat is goed zo, dat is spannend.

Welke reis legt Lucas Vandervost af? Hij zegt zelf (achteraf) dat er ongeveer een kwart overblijft van de Enzensberger-tekst uit 1994. In de eerste graad is die oorspronkelijke gedichtencyclus een reflectie over naïef geloof in de vooruitgang, die gebruik maakt van danteske vormen en beelden. Maar het is ook een reflectie over geheugen en herinnering, over de indrukken die we in ons leven opdoen en die we, omgekeerd, nalaten bij onze medemensen. Dat aspect komt bij de speler Lucas Vandervost het meest op de voorgrond. In mijn ervaring van de voorstelling staat het verhaal van de renaissanceschilder centraal – ik vermoed dat het om Jeroen Bosch gaat – die de apocalyps wil verbeelden, en die luidop nadenkt over compositie en kleurgebruik, maar ook over de impact van zijn gruwelijke beelden. Daartegenover staat een verhaal van een man die, ergens in de jaren 1940, voor het bewuste schilderij staat en er zich niet aan kan onttrekken. Die man is Samuel Beckett, en hij vraagt zich af of hij nog iets kan toevoegen aan deze hel. Niet veel later schrijft hij Wachten op Godot. Dat soort inzicht is de kern van deze De ondergang van de Titanic, waar Vandervost niet toevallig heeft nooit plaatsgevonden aan toevoegt. De historische ramp uit 1912 heeft nooit plaatsgevonden, ook niet de voorstelling die in 1994 ontstond: in het theater mag je namelijk wél het licht van de zon ontkennen. Vandervost heeft het over het falen van de verbeelding, niet van de goedkope fantasie, maar van de verbeelding omtrent zaken van leven en dood, zoals de vraag wat er van ons overblijft wanneer we sterven, en hoe de wereld er zal uitzien zonder ons en – dat vooral – zonder onze geliefden. Dit was mogelijks ook de vertwijfeling die Beckett ervoer toen hij zijn blik niet kon losrukken van dat schilderij. Herinnering en verbeelding falen, we kunnen de gaten enkel dichten met betekenisvolle anekdotes die de speler gretig vertelt, onderbroken door de bel en het meisje in de glitterjurk. Over de Amerikaanse Shakespeare-fanaten die alle vogelsoorten die de bard noemt in de Verenigde Staten willen invoeren. Gevolg: een spreeuwenplaag in Central Park, New York City, en ver daarbuiten. Over de container met badeendjes die van het schip valt en openbreekt. De eendjes drijven noordwaarts en vriezen vast in het pakijs, maar door de opwarming van de aarde komen ze los en drijven ze terug. Grappige symptomen van menselijke overmoed, zonder nadrukkelijke samenhang. Eerst ontstaan het beeld en de gedachte, daarna pas de context. De speler heeft het ontstaan van die contextuele betekenis niet onder controle, niet bij zichzelf, niet bij de toeschouwers. De aanwezigheid van het meisje beklemtoont dat nog. Maar er is één verhaal in de raamvertelling dat de speler wel blijft beheersen. Hij komt thuis, na zijn wereldreis per pakketboot, tijdens dewelke hij al op de eerste dag zijn telefoon verloor. Hij wist dus maandenlang niets, ook niet dat zijn moeder enkele dagen na zijn vertrek is overleden. Hij stort in en twijfelt of hij De ondergang van de Titanic die dag wel zal spelen. We weten dat hij speelt, want hij staat daar voor ons, Lucas Vandervost, maar hij speelt ook met de gedachte dat ‘het moment’ dat hem als speler zo dierbaar is, vals en illusoir is. In zijn verhaal valt de speler samen met de rouwende man, sukkelend met schuldgevoelens over zijn onbereikbaarheid, maar in werkelijkheid – het wordt niet met zoveel woorden gezegd, maar je weet het – was Lucas Vandervost aanwezig bij het overlijden van zijn moeder, enkele maanden geleden. Een theatrale spreidstand dus, die angst uitdrukt: angst om bij de dood van de geliefde – of de gerespecteerde – niet aanwezig te zijn, angst om te overleven in de leegte van de gestorven geliefde – zelfs al is het ‘natuurlijk’ dat de moeder vóór de zoon sterft –, angst om vanaf dat moment alles te vergeten wat de geliefde – de gerespecteerde – ooit betekend heeft. Gelukkig is er nog het meisje, dat de melancholie niet doet verglijden in depressie, zij belichaamt het ‘realiteitsprincipe’ van de rouwende zoon. Met deze eenmalige ‘De ondergang van de Titanic’ heeft nooit plaatsgevonden heeft Lucas Vandervost een complexe monoloog gemaakt, die hem toont als uiterst kwetsbare toneelspeler én als gevoelige mens, en dat doe je alleen als het niet anders kan. Spelen uit noodzaak. Ik ben gerustgesteld, omdat ik een hiaat in mijn persoonlijke theatergeschiedenis heb gedicht, voor zover dat kon. En ik ben simpelweg jaloers op de toneelspeler die zo’n mooi grafmonument kan oprichten, zo’n elegie kan schrijven en mij daarmee kan ontroeren.

www.detijd.be

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 6 — 9 minuten

#134

15.09.2013

14.12.2013

Klaas Tindemans

Klaas Tindemans is doctor in de rechtsgeleerdheid. Hij is als docent en onderzoeker verbonden aan het RITCS, het Koninklijk Conservatorium Brussel en aan de VUB. Hij verricht onderzoek op het gebied van de performancestudies, waarbij hij vooral geïnteresseerd is in de relatie tussen dramaturgische structuren en politieke en rechtstheorie. Daarnaast werkt hij ook als dramaturg, toneelauteur en publicist.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!