Tuur Devens

Leestijd 6 — 9 minuten

Monumentenzorg of theaterdecreet?

De uitvoering van het podiumkunstendecreet bood sinds 1993 ook aan enkele figurentheaters financiële ondersteuning. Betekent meer geld ook betere kwaliteit, vroegen we aan Tuur Devens. En: hoe haal je het figurentheater uit de marginaliteit?

Vanaf het seizoen ’93-’94 zijn er vier figuren-theatergezelschappen bij de eenendertig door de Raad van Advies erkende gezelschappen. Teater Taptoe krijgt 9.500.000 Bf. per jaar en het Mechels Stads Poppentheater 9.000.000 Bf. Het Alibicollectief en Ultima Thule krijgen allebei jaarlijks een startsubsidie van 6.000.000 Bf. Wat projectsubsidies betreft: in 1993 waren er van de tien begunstigde dossiers twee figurentheaterprojecten, nl. een produktie van Kiekeboe (van Walter Merhottein) en van Poppenspel Van Campen, een theater dat in Antwerpen de poesjetraditie in een schaal van 1:5 verderzet voor bedrijfsfeestjes en toeristen. In 1994 kregen twee van de negen dossiers figurentheater geld, nl. een produktie van Jejem Piron, en het bijzonder geslaagde project Leonce en Lena van AE Jeux Interdits. Voor 1995 werd geen enkel figurentheaterproject gunstig geadviseerd.

Naast de vier structureel gesubsidieerde gezelschappen bestaan er in Vlaanderen nog heel wat andere initiatieven. Veel amateurs en solospelers animeren kinderfeestjes, semiprofessioneel figurentheater zoals De Spiegel en Beukeboom treden op in binnen- en buitenland, en binnen bestaande theaterstructuren wordt ook met figuren gewerkt. Een sprekend voorbeeld hiervan is Marc Maillard bij het KJT. De Mechelse School voor Poppenspel (een meerjaarlijkse avondopleiding) bestaat 25 jaar, er is in Gent een Europees Figuren Theatercentrum dat jaarlijks festivals organiseert en het blad Figeuro uitgeeft. Er bestaat de Vereniging van het Vlaams Poppenspel dat de figurentheaterkrant uitgeeft en het tweejaarlijkse Koninklijk Landjuweel voor Poppenspel laat plaatsvinden. Het provinciaal instituut Dommelhof-Neerpelt, bekend om zijn poppentheaterfestivals, is nu een Centrum voor theater’ en focust vooral op het figurentheater. Kortom, er lijkt leven te zijn in en uit de poppenkast.

Laten we eens kijken wat de vier gezelschappen met geld ervan gebrouwen hebben. Vroegere kritieken op hun artistiek niveau werden altijd afgewimpeld met het feit dat ze geen geld hadden. Is er, nu ze wel geld hebben en dat argument wegvalt, veel verbeterd?

Zwak acteerwerk

Teater Taptoe uit Gent met Freek Neirynck en Luk De Bruyker bestaat al meer dan 25 jaar en heeft met de figuur van Neirynck volgens mij een stempel gedrukt op het figurentheater in Vlaanderen. Taptoe werd zowat het richtsnoer van de Vlaamse poppenkasten en de latere poppentheaters, en na de oprichting van het Europees Figuren Theater Centrum door Neirynck wilde iedereen wel spelen op de Puppetbuskerfestivals en de Figeuro Solo’s. Neirynck had en heeft veel internationale contacten, hij vertegenwoordigt Unima (de overkoepelende wereldorganisatie van poppentheaters) voor België, hij is hoofdredacteur van Figeuro, enzovoorts. Wie in Vlaanderen iets wilde doen met poppentheater kon niet om Neirynck heen. Dat heeft zijn verdiensten gehad, maar ook een afremmende uitwerking. Taptoe bepaalde – misschien onbewust en ongewild – voor een groot stuk hoe er in Vlaanderen poppentheater gebracht moest worden. Die machtspositie begint te tanen, zeker nu Alibicollectief en Ultima Thule artistiek succes kennen.

Teater Taptoe was in 1994 en 1995 cultureel ambassadeur van Vlaanderen, en toerde hoofdzakelijk rond met drie produkties. Van Hemel, geïnspireerd op werken van René Magritte en dat dateert van 1991, zal dit seizoen een tv-captatie gemaakt worden. De Figuurlijke reis en Tim of Tiene.…en negen maanden staan ook al een tijdje op de speellijst. De figuurlijke reis geeft de soorten poppentheater en manipulatietechnieken weer, Tim of Tiene…. laat op een schools toontje de groei van een kindje in de buik zien, dat gemaakt is toen er een avond niets op de tv was. Beide voorstellingen kennen mooie momenten van manipulatie en objecten, maar toch kan ik me niet van de indruk ontdoen dat het educatieve projecten zijn, en dat ze eerder onder de sector onderwijs vallen. Qua ideeën en scenografie zit Taptoe vaak goed, en beheerst het volkomen allerlei manipulatietechnieken, maar vaak schort het in hun produkties aan goede scenario’s en een degelijke dramaturgie. De acteerprestaties vormen meestal het grootste probleem.

Levend theaterfossiel

Het Mechels Stads Poppentheater (MSPT) bestaat al een veertigtal jaar en was tot nu toe een familietheater van de familie Contrijn. Louis Contrijn is vanaf nu directeur af, en wordt opgevolgd door Willem Verheyden, een man die door Contrijn een jaar ingewerkt is geworden. Zoon Paul Contrijn blijft wel als vormgever en scenograaf bij het MSPT. Produkties van het mspt kennen lange speelperiodes. Zo werden twee bewerkingen van verhalen van Mariette Vanhalewijn elk 300 keer gebracht. Een nieuwe kleutervoorstelling van dit seizoen was Pol de Muis, op basis van twee verhalen van Gode-Liva Willems, en bewerkt door Louis Contrijn. Die geforceerde en dramaturgisch zwakke bewerking rond het thema ‘ik mag bang zijn’ is geregisseerd door de nieuwe directeur met veel afwisseling in de gebruikte manipulatietechnieken, van schimmenspel tot animatiefilm. Ook in de produkties van het mspt die ik zag, is het acteerwerk het zwakke broertje.

Willem Verheyden wil het anders (‘de mensen snakken naar een andere aanpak van het mspt’), wil andere mensen erbij halen, wil met echte acteurs werken, en wil zich niet meer verstoppen achter techniekjes en materialen. Ik ben benieuwd. Als er niets verandert valt het mspt eerder als een levend theaterfossiel voor nostalgische grootouders onder Monumentenzorg dan onder het theaterdecreet.

Professioneel

Ultima Thule is de groep rond Joris Jozef. De Raad van Advies noemde hem het enige figurentheater ‘dat de grenzen van het medium verkende’. Vandaar de naam die na de startsubsidie werd gegeven. Rozeke mijn dozeke, de coproduktie van Joris Jozef en Poppentheater Wannepoe, heeft zeker voor het gunstig advies gezorgd. Het woordloze Verhaaltje uit de mond lukt gedeeltelijk. Het poppenspel zit goed, maar het acteren in slapstick-stijl gaat de spelers niet goed af. Mammiewat in Papoeazie blijft in de nobele bedoeling steken om de etiketten die op poppen kleven weg te werken. Naakte poppen met blank hout en scharnieren beelden geen typetje of hoofdkarakter uit, en kunnen zich ontwikkelen. Rond deze – volgens Joris Jozef onderschatte -voorstelling bestaan uiteenlopende meningen. Ze wordt in ieder geval hernomen.

Joris Jozef nam zich voor om de eerste twee jaren alles zelf te doen en zijn figuren-theater professioneel uit te bouwen. Daarna zouden er bij produkties steeds andere mensen gevraagd worden. Dat is nu het geval met Tortue, in een tekst en regie van Herwig De Weerdt. Vooral qua vormgeving kende deze produktie een moeilijke schepping, maar het resultaat is een homogene voorstelling geworden, met een evenwaardige samenhang van tekst en beelden.

Fantasie

Plezierig artistiek buitenbeentje in het Vlaamse figurentheater is Pat Van Hemelrijck. Hij heeft zich nooit erg ingelaten met het figurentheaterwereldje en heeft gelukkig aan zijn eigen weg kunnen timmeren. Zijn Alibicollectief heeft met de startsubsidies een onderkomen gevonden in de Smaakmakerij in Brussel. Een oude fabriek waar extracten en smaakmiddelen werden geproduceerd, is omgebouwd tot een eigen atelier en een eigen zaaltje. Het theater-televisie-theater Manuel de Schepper kent groot succes in binnen- en buitenland, en dit seizoen speelden de ‘Smaakmakers’ een zestigtal keer (en ook in het buitenland) hun verhaal over hun kindertijd vol experimenten met bandrecorder, filmcamera, zelfgebouwde cinematograaf en cinematoscoop. De Smaakmakers was een charmante voorstelling voor jong en oud rond het heimwee van twee veertigers naar hun kinderjaren, vol knutseltoestanden en verrassende objecten. Voor volgend seizoen staat er een permanente installatie op stapel in het Provinciaal Natuur Centrum in het Domein van Bokrijk. Het Groene huis zal vanaf juli ’96 op een plezierig-didactische manier het nachtleven in de natuur voor jongeren en ouderen toegankelijk maken. Eind januari ’96 speelt Pat Van Hemelrijck een nieuwe produktie: Vertelsels van onderweg. De inhoud van hutkoffers van drie kunstenaars vormt het materiaal voor een reisverhaal.

Het bijzondere aan het Alibicollectief is dat het puur en artistiek zichzelf blijft. Objecten worden in elkaar geknutseld en relativerend gemanipuleerd. Pat Van Hemelrijck en zijn medewerkers vermengen verschillende kunstdisciplines tot installaties en theaterprodukties, die boeien en de fantasie prikkelen. Na een voorstelling van het Alibicollectief bekijk je de buitenwereld toch weer anders. Het is ook het enige theater dat voor volwassenen (of gemengd publiek) speelt.

Onbekend is onbemind

Dat er alleen voor kinderen gespeeld wordt, blijft een van de grote oorzaken van het probleem van figurentheater in Vlaanderen. Zolang er niet meer goede avondprodukties worden opgezet, zal het figurentheater nooit een volwassen waardering kennen. Het provinciaal instituut Dommelhof in Neerpelt wil daaraan wel iets doen, en haalt volwassenenprodukties uit het buitenland naar hier. Maar door de provinciale en provincialistische politiek is dat initiatief gedoemd te mislukken. Een (afgelegen) centrum dat alleen figurentheater programmeert, lokt geen volk, ook geen mensen uit het theaterlandschap. (De provincie Limburg wil zich sinds mei 1995 met drie van haar culturele instituten profileren in die domeinen die in de dikgezaaide ‘gewone’ culturele centra minder aan bod komen. De beeldende kunst en de beeldkunst hebben in het Hasseltse begijnhof hun ‘centrum voor kunsten’, muziek en dans vallen onder de bevoegdheid van het Casino van Beringen, Dommelhof-Neerpelt kreeg de opdracht zich voortaan te specialiseren als theaterwerkplaats en centrum voor theater met bijzondere aandacht voor figurentheater. Andere vormen van theater worden er niet meer geprogrammeerd. nvdr) Helaas geldt ook voor het figurentheater de volkswijsheid ‘onbekend maakt onbemind’.

Een andere oorzaak voor de labiele waardering voor figurentheater is het gebrek aan kwaliteitsvol acteren. De mengvorm van poppenspel en mensentoneel is erg in, maar er mankeert te vaak iets aan. Marc Maillard maakte bij het kjt een paar produkties met bijzondere poppen, maar theatraal zakken ze weg in de onkunde van de opgelegde acteurs. Gun zo’n man als Marc Maillard en initiatieven zoals die van AE Jeux Interdits met Leonce en Lena de tijd en het geld om zelf mensen uit te kiezen, spelers stagemogelijkheden aan te reiken, en theatraal onderbouwde produktieprocessen op te zetten, en er zal veel veranderen in het figurentheater.

artikel
Leestijd 6 — 9 minuten

Tuur Devens

Tuur Devens is theaterrecensent (onder andere voor De Bond en theaterkrant.nl) met een grote liefde voor figurentheater.

artikel