Océanisé-e-s – de Roovers & Bl!ndman
Alles loopt door elkaar
Natalie Gielen
© Samuel Pennynck
Wanneer ik de lichtovergoten keuken van het huis van de zeventienjarige Otta en haar ouders in Antwerpen betreed, liggen er drie kookboeken opengeslagen op het aanrecht. ‘Ik wil een groot diner organiseren’, zegt ze enthousiast. Op mijn vraag naar de aangelegenheid oppert ze: ‘Omdat het kan.’ En dan, na een korte aarzeling: ‘Omdat ik nog nooit zoiets gedaan heb’. En dan, na een iets langere aarzeling: ‘Omdat ik in september voor het eerst alleen ga wonen. In een studio in Gent. Ik ga beginnen aan de opleiding Drama aan het KASK.’ Terwijl Otta thee zet, begint ze uitbundig te vertellen over de voorstelling (v) van De Nwe Tijd die ze op Theater Aan Zee zag. Nooit eerder werd ze zo omver geblazen, lamgelegd bijna, van iets dat ze zag. Ze is achteraf in plaats van op café naar huis moeten gaan, zegt ze lachend, iets wat ze normaal gesproken nooit doet. De voorstelling zal een rode draad doorheen ons gesprek blijken. We zetten ons buiten op het terras, waar de hete zon net achter het muurtje dat de tuin van die van de buren scheidt, is verdwenen.
Otta: ‘Ik ben wel nerveus hoor. Of honored. Het heeft te maken met, ik weet niet of je het een complex kunt noemen, maar het is iets dat ik ook ervaar met het posten op sociale media. Daarbij denk ik vaak: wie maakt het eigenlijk uit wat ik denk? Wat heb ik te zeggen? Maar toen ik gevraagd werd voor dit interview dacht ik: just say yes. Ik hou ervan om over theater te praten, en ik hou ervan als andere mensen over hun passies praten. (lacht)
Wat mij op het idee bracht om jou te interviewen is het feit dat ik jou ineens overal, bij iedere voorstelling waar ik naartoe ging in het afgelopen jaar, tegenkwam. Naar mijn gevoel is er een tijd voordat Otta overal was, en een tijd nadat Otta overal was. Het is nu toeval dat jij aan een theateropleiding begint, dat wist ik eigenlijk niet. Maar ik vind het ook een leuk uitgangspunt: dat jij aan de vooravond staat van een nieuw hoofdstuk in je leven. En dat er met dit interview een soort tijdsdocument is van jou als persoon en als theaterliefhebber, nog voordat je zelf in het professionele circuit terechtkomt. Klopt dat eigenlijk wat ik zeg, dat je plots overal was, bij iedere voorstelling?
Otta: ‘Ja, ik denk het wel. Ergens vorige zomer is het begonnen. In het begin ging ik veel met mijn moeder mee, en dan op een gegeven moment ben ik ook alleen beginnen gaan. Ik ben dan ook bij Monty beginnen werken, dat hielp enorm. Anderhalf uur werken en dan een voorstelling meepikken. lacht Achteraf gezien denk ik: ik had dat ook echt nodig. Ik heb humane wetenschappen gedaan, ASO, aan het Koninklijk Lyceum Antwerpen. Dat was intens, in die zin dat er hoge verwachtingen waren. Ik denk dat ik daarom het afgelopen jaar zo enorm in theater ben gevlogen. Het voelde voor mij ook echt als twee werelden: overdag was ik op school, intensief wiskunde oefeningen aan het maken en Franse woordjes aan het blokken. ‘s Avonds ging ik naar het theater. Dat was zo’n detox-, zo’n rustmoment voor mij. Ik had dat nodig om dat laatste jaar op school te kunnen – overleven is een groot woord – om het te kunnen volhouden.’
“Ik had theater nodig om mijn laatste jaar op school te kunnen – overleven is een groot woord – om het te kunnen volhouden.”
Ging je daarvoor helemaal niet naar het theater?
Otta: ‘Af en toe, maar het stond niet echt op mijn radar. En hoewel ik het me zelf niet kan herinneren, moet ik ook dingen gezien hebben toen ik heel jong was. Mijn vader vertelt altijd dat ik, wanneer hij naar mijn moeder ging kijken, ondersteboven op zijn schoot zat, dat ik heel de tijd wilde bewegen en door het gangpad rende tijdens de voorstelling. Maar mijn eerste echte herinnering aan theater? Ik vind dat moeilijk om te zeggen. Op een manier is het er altijd geweest. Mijn ouders werken allebei in de podiumsector, en frustraties op het werk, die moeten natuurlijk aan de eettafel worden geuit. Daarnaast ben ik opgegroeid met literatuur en boeken, en is het idee van theater heel aanwezig en vanzelfsprekend in dit huis.’
Hoe moet ik dat voor me zien? Dat je samen veel leest, of spreekt over thema’s die bij het maken of zien van voorstellingen aan bod komen?
Otta: ‘Ik kan dat moeilijk uitleggen, het is zo evident voor mij. Het spreken over theater en voorstellingen, dat is wel iets wat sinds afgelopen jaar enorm gegroeid is tussen mij en mijn moeder. Thuiskomen na een voorstelling en doorpraten; de volgende ochtend aan het ontbijt nog steeds niet uitgepraat zijn. Het gebeurt ook weleens dat zulke gesprekken al voor de voorstelling beginnen. Voordat we naar (v) gingen, had ik met mijn moeder bijvoorbeeld een lang gesprek over vrouw-zijn. Heel de avond stond in het teken van vrouwelijkheid en alle dingen die daarbij komen kijken.’
“Het spreken over theater en voorstellingen, dat is iets wat sinds afgelopen jaar enorm gegroeid is tussen mij en mijn moeder. Thuiskomen na een voorstelling en doorpraten; de volgende ochtend aan het ontbijt nog steeds niet uitgepraat zijn.”
Wat raakte jou zo aan (v)?
Otta: ‘Ik heb besloten, achteraf, dat het een voorstelling is waar ik anders naar kijk dan naar een “typische voorstelling”. Eerder dan een voorstelling, is (v) een soort lezing, een bekentenis bijna. Verhalen over dingen die vrouwen hebben meegemaakt, kleine dingen, kleine verhalen, maar ook gigantisch heftige verhalen. Allerlei eigenlijk onaanvaardbare zaken die zo genormaliseerd worden. Het was zo’n eerlijke vertelling. Niet aanvallend naar mannen toe, niet aanvallend naar die situaties, naar die gebeurtenissen. De toon was eerder feitelijk, “dit is er gebeurd” en ik vraag geen medelijden, ik vraag ook niet van jou dat je een of andere opstand of stoet gaat creëren om dit op te lossen. Maar het is wel gebeurd.’

De Nwe Tijd, (v) © Alexander Daems
Je vertelde al dat theater bij jullie thuis altijd een gegeven is geweest. Hoe is het iets van jou geworden?
Otta: ‘In het derde middelbaar ben ik begonnen met een vooropleiding bij Man OverBoord. Dat was theater, muziek, slam poetry, van alles. Daar heb ik die interesse voor het eerst echt uit mezelf ontwikkeld. Ik was in die periode heel hard op zoek naar iets nieuws. Nieuwe inspiratie, nieuwe mensen, een nieuwe omgeving, die ik niet via school had. En dat heb ik daar wel echt gevonden. Het heeft mijn passie voor theater gefundeerd en zorgde ervoor dat ik zoveel jaren later zo makkelijk de toegang vond naar zoveel verschillende voorstellingen. Ik denk dat ik daar voor het eerst besefte dat theater voor mij een rustmoment kan zijn, een moment voor mijzelf.’
Kom je nog altijd zo tot rust in een theaterzaal?
Otta: ‘Ja. Als ik voor een voorstelling in de rij sta, of buiten sta te wachten, weet ik: oké, ik ga naar het theater, ik ga hier de komende anderhalf tot twee uur zitten en daarna ga ik nadenken. Ik hou van de stappen die eraan verbonden zijn. Ook als een voorstelling niet mijn ding is, als ik niet mee ben, blijf ik zitten. Uit principe, en ook een beetje uit zelfbeheersing. Want ook al let ik niet op de voorstelling, ik zit toch in de stilte van alle mensen die ook in deze stilte zitten. Soms hou ik me bezig met de vraag wat ik anders zou doen, als ik op het podium zou staan. Soms grijp ik dat moment ook aan om te reflecteren op dingen die niet zoveel met de voorstelling te maken hebben. Over mijn eigen gedachten, mijn twijfels, de vragen waar ik op dat moment mee zit.’
Wat is de laatste voorstelling die je gezien hebt?
Otta: ‘Dat was Desire van Louis Janssens, op Theater Aan Zee. Ik zag die voor de tweede keer. Dat is weer diezelfde eerlijkheid die ik bijvoorbeeld ook in (v) zie. Het is natuurlijk wel in een andere vorm gegoten, maar ook weer heel open en eerlijk, bijna tot op het punt van shockerend te zijn. Ik hou van het minimalistische van die voorstelling, ik hou van simpel, niet te veel. En ik hou ook van teksttheater. En de momenten waarop ze zingen: a breath of fresh air. Dat je even tijd hebt om gewoon te zitten en te kijken. Weer een moment van reflectie. ‘

Louis Janssens, Desire © Sofie Knijff
‘Veel stukken zijn voor mij niet herkenbaar, maar doordat het zo toegankelijk en eerlijk verteld is, kan ik me er op een manier toch in plaatsen, kan ik de verhalen toch voelen en binnen pakken. Ik kan overigens ook heel hard genieten van voorstellingen die juist heel ‘klassiek’ zijn. Ouderwets aandoende constellaties met familiedrama, de ene affaire na de andere. Zo realistisch, zo echt, voorstellingen die draaien rond menselijke relaties en hoe ingewikkeld die kunnen zijn.’
Kun je een voorbeeld geven van zo’n voorstelling?
Otta: ‘Ik herinner me Catarina et la beauté de tuer des fascistes van Tiago Rodrigues, die ik in DE SINGEL zag. Een voorstelling in het Portugees, over een familie die de traditie heeft om bij wijze van ritueel elk jaar een fascist te vermoorden. Kort gezegd, heeft de familie een fascist ontvoerd en die moet vermoord. Maar het meisje, de dochter, heeft second thoughts. Zij stelt zich vragen als: Is geweld goed? Kan je geweld te gebruiken om geweld te niet te doen? Het is de moeder die het meisje tot de orde roept en iets zegt in de trant van: “Het is je groot-groot-grootmoeder die de traditie in het leven riep en als je dit niet doet dan ben je geen echte vrouw in ons gezin.” Zo van die dingen. Echt drama.’
Kan een voorstelling jouw denken over bepaalde thema’s ook echt beïnvloeden?
Otta: ‘Ja, soms wel. Bij (v) bijvoorbeeld. Het is niet dat het zien van die voorstelling mijn leven verandert, of dat het de manier waarop ik naar alles kijk omdraait en door elkaar schudt, maar ik stond na (v) toch even in dat café voordat ik naar huis ging. Ik was aan het rondkijken en ik had zoiets van: my god, al die vrouwen staan hier gewoon. Wij doen dat gewoon. Dus er is wel iets dat ik meepak, wat ik vervolgens kan zien en kan laten reflecteren in de wereld.’
Welke rol vervult het nagesprek, het spreken na een voorstelling, voor jou?
Otta: ‘Ik vind dat misschien wel het interessantste deel van de voorstelling. Want ik heb mijn mening – en het is een oefening om die mening goed te vormen zonder de invloeden van anderen – maar zo’n gesprek met andere mensen achteraf vind ik vaak interessanter dan mijn mening. Vaak zegt iemand iets en dan denk ik: ja natuurlijk, dat vind ik ook, maar daar had ik zelf gewoon niet aan gedacht. Daarnaast moet ik wel eerlijk toegeven dat ik het het tofste aller tijden vind om met iemand die iets heel goed vond wat ik heel slecht vond, super zinloos, te blijven argumenteren.’ (lacht)
“Ik denk dat er weinig mensen zijn die echt goed luisteren naar elkaar en daarna goed nadenken, en dan pas reageren.”
Waarom is theater belangrijk?
Otta: ‘Het is zo’n toegankelijke manier om mensen een situatie mee te geven. Als maker of als acteur kun je zo makkelijk ervaringen delen die niet iedereen heeft meegemaakt, of niet iedereen ooit zou meemaken. Ik heb wel echt dingen “meegemaakt” in theater door verhalen, door vertellingen, die ik normaal gezien niet zou meemaken. Ik ben daar heel dankbaar voor. En ik denk dat het in het algemeen de empathie tussen mensen vergroot, juist omdat het echt je wereld verbreedt. En omdat het je traint in luisteren. Luisteren naar andere mensen terwijl je zelf stil bent. Zonder tussen te komen en te zeggen: “Nee, dat is niet waar.” Gewoon: luisteren, stilzitten, en daarna het er daarna pas over hebben. Ik denk dat dat heel belangrijk is. Ik denk dat er weinig mensen zijn die echt goed luisteren naar elkaar en daarna goed nadenken, en dan pas reageren.’
Heb jij jezelf daarin bewust getraind in het theater?
Otta: ‘In dat luisteren? Ik denk dat dat vanzelf gaat als je dat veel doet.’
Tot slot: hoe kijk je uit naar de komende jaren?
Otta: ‘Ik ben heel benieuwd, ik heb er heel veel zin in. Ik hoop dat ik nieuwe dingen kan doen en dat ik comfortabel kan worden in dingen waar ik nu niet comfortabel in ben. Ik krijg daar soms stress van, wil ik mijn ziel wel blootleggen aan iedereen? Ach ja, ik ben dus heel benieuwd.’ (lacht)
Desire is op 10 en 11 september te zien tijdens Het Theaterfestival in de Monty en reist daarna door Vlaanderen en Nederland (www.louisjanssens.com). Hou voor de nieuwe speellijst van (v) de website van De Nwe Tijd in de gaten: www.denwetijd.be.
Ken of ben jij iemand die zeker niet in deze reeks mag ontbreken? Stuur een mailtje naar: [email protected]
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.