Wat blijft na Dit is (niet) de evolutietheorie van de troost (Dounia Mahammed en Aya Sabi)
Een zachte waarheid
Maliqa Fye
© Koen Broos
Living Apartment Together lokt zijn toeschouwers naar een braakliggend terrein aan de Fransevaart in de Gentse wijk Ledeberg. Op pereciaanse wijze keert Yves Degryse – in zijn dubbelrol als artistiek directeur van NTGent en van theatergezelschap BERLIN – (het leven in) een appartementsblok binnenstebuiten.
Vanuit strandstoelen op het maaiveld tuurt een publiek – uitgerust met koptelefoons en dekentjes tegen de wind – zeven kamers en dertien levens binnen. Ondanks het feit dat Living Apartment Together de gebruikelijke BERLIN-ingrediënten bevat, volgt de voorstelling een geheel andere receptuur. Typisch is opnieuw de verknoping van feit en fictie, (theater)spel en live action, video en projectie. Maar waar eerdere BERLIN-stukken als The Making of Berlin en True Copy vooral een loopje met ‘de waarheid’ namen, staan nu ontmoeting en nabijheid radicaal centraal.
Voor Living Apartment Together liet Degryse z’n oog vallen op de wachtgevel van een ietwat afgeleefd appartementsblok aan de rand van de stad. Geheel tegen de conventies in is de bühne geen louter horizontale: de wit gekaleide buitenmuur wordt het verticale podium waarop dertien kleine levens – geleefd binnen hetzelfde appartementsgebouw – worden afgespeeld. Via projectie ontdoet BERLIN het wonen van haar façade en kijken we rechtstreeks zeven kamers binnen, met een circulatiekern als centrale wervelkolom. Ledeberg is niet zomaar context of achtergrond, maar het immersieve en levende decor voor de verwikkelingen op het beeld.
Ik ken de plek goed: onderweg naar school fietste ik er bijna dagelijks voorbij. Terwijl ik me neervlij in de strandstoel, bedenk ik hoe gek het is dat een plek zo plots iets helemaal anders kan zijn. Plekken leven dan ook in momenten en dus in herinneringen. Ze zijn van ruimtelijke tijdelijkheid gemaakt. Ook van deze appartementstoren zal weldra enkel nog de herinnering overblijven: het blok wordt gesloopt, het terrein ontwikkeld. De witte wachtgevel – nu kortstondig openluchttheater – wordt binnenkort vervangen door de huls van een nagelnieuwe huisvesting.
“Ledeberg is niet zomaar context of achtergrond, maar het immersieve en levende decor voor de verwikkelingen op het beeld.”
Tijdelijkheid is een premisse van het leven. Onze tijdelijke levens leven we met of naast elkaar, boven of onder, soms geheel apart, soms intiem verstrengeld. Uit diezelfde tijdelijkheid is ook Living Apartment Together gemaakt. Het appartementsgebouw is een symbolisch beeld voor ons bestaan, het gestapeld geleefde leven is de ultieme metafoor voor onze collectief geleefde tijdelijkheid.
Zo vormen dertien levens de narratieve stof van Living Apartment Together. Er is het jonge, verliefde stel op de zesde verdieping, zot van elkaar en daardoor duidelijk high on life – tot een hersentumor een eind maakt aan de levensvreugde. Er is de cohousing op het tweede, waarin drie jonge fietskoeriers vooral quick thrills najagen – via online ratings, videospelletjes, een verrassingsfeest of een karaoke. Er zijn de slapeloze nachten van een Iraanse nieuwkomer op de derde verdieping die er maar niet in slaagt zijn ouders in zijn thuisland te bereiken. Er is het koppel op het eerste, al decennialang samen en in rituelen vastgeroest. Na veertig jaar ontdekt de man de net-niet-ontrouw van zijn vrouw. Tenslotte is er de gescheiden moeder met haar dochter op de vijfde verdieping. Om rond te komen werkt ze dubbele shifts. De bewoners van het gebouw leven hun levens door muren en vloeren gescheiden. Ze cirkelen samen rond eenzelfde lege kern – hier de traphal.
Voor Sofie – het kleine meisje op de vijfde verdieping – is een cruciale rol weggelegd. Als een belichaamde rode draad verknoopt ze de verschillende narratieven, verspreidt ze haar aanwezigheid over alle verdiepingen en kamers, treedt ze met elk van de afzonderlijke levens in Living Apartment Together in contact. Reeds in de beginscène wordt op het belang van haar rol gehint. Initieel is slechts de inkomhal van het woongebouw – de linkeronderhoek van de wachtgevel – opgelicht. Wanneer Sofie thuiskomt en trap per trap naar de vijfde verdieping stijgt, openbaart zich parallel met haar elk appartement. Slechts door haar nabijheid, op het ritme van haar tred, lichten nu eens links, dan eens rechts telkens (een) nieuw(e) leven(s) op.
Sofie blijkt door vlinders geobsedeerd. De vlinder ontpopt zich als een terugkerend motief: nu eens bestudeert het meisje een rups onder een microscoop, dan weer tekent ze voor haar bovenbuurman een vlinderfiguur met krijt op de grond, of herkennen we een vlinder in twee (door een tumor aangetaste) hersenhelften. In de woorden van Jeroen Brouwers bestaat er niets dat niet iets anders aanraakt. Elke gebeurtenis, elke ‘aanraking’ beïnvloedt een andere. Zelfs de kleinste gebeurtenis – een vlinder die voorbij fladdert – kan verstrekkende gevolgen hebben. Dit gegeven wordt ook wel het ‘Butterfly Effect’ genoemd. Waar twee levens elkaar kruisen, veranderen ze elkaars pad. Op dagelijkse basis realiseren we ons niet hoezeer we elkaar beïnvloeden, hoezeer onze nabijheid op een ander leven inwerkt. Met het personage van Sofie, als theatraal vleesgeworden vlinder, tracht BERLIN ons hiervan bewust te maken.
In haar fundamentele opzet – het streven naar ontmoeting en nabijheid – slaagt Living Apartment Together tot ver in de voorstelling goed. De veelheid aan geprojecteerde levens werkt een zekere vorm van herkenning in de hand. We leven mee met de personages, voelen empathie voor wat zich normaal achter gesloten deuren afspeelt. Vaak blijft pijn binnenskamers, leed binnenslichaams: Living Apartment Together herinnert ons eraan dat je nooit weet wat een sterke façade verbergt.
Op meerdere manieren trachten de maker(s) de afstand tussen toneel en wereld, tussen spelers en publiek, tussen ‘binnen’ (de fictieve geprojecteerde levens) en ‘buiten(wereld)’ (wij als feitelijke toeschouwers en de wereld buiten het appartementsgebouw) op te heffen. Zo worden lokale acteurs ingezet als body doubles. Telkens wanneer een fictief personage uit het gebouw de stoep op stapt, mengt een stand-in zich onder toevallige, nietsvermoedende passanten aan de Brusselsesteenweg. Hierdoor vervelt elke voetganger, elke tram die passeert, elke bewoner aan de overkant van de straat tot nevenpersonage binnen het narratief.
“Vaak blijft pijn binnenskamers, leed binnenslichaams: Living Apartment Together herinnert ons eraan dat je nooit weet wat een sterke façade verbergt.”
Ook voor ons, als publiek, is een belangrijke rol weggelegd. Ergens halverwege de voorstelling vraagt een personage op het beeld zich met metatheatrale humor af wat die mensen daar beneden liggen te doen, en of ze daar vaker liggen te kijken. Maar betrokkenheid gaat veel verder: slechts voor en door onze blik – doordat wij kijken – worden deze dertien levens met elkaar verbonden. En daarmee alles wat zich erbuiten afspeelt. De ogen van het publiek worden sterk gestuurd door audio en montage, maar de toeschouwer kiest ook zelf waar die de blik op richt, bepaalt zo zelf hoeveel Ledeberg deel wordt van Living Apartment Together.
De oefening in nabijheid moet aan het einde van Living Apartment Together uitmonden in een apotheose. Een van de personages sterft en er ontstaat een collectief, hybride rouwritueel. Op beeld zien we hoe het dode lichaam met doeken wordt omzwachteld. Tekeningen van handen omarmen het lijk. Het lichaam wordt in een rupsvormige mand getild, uit de appartementstoren gebracht en rondgedragen over het veld tussen en door het aanwezige publiek.
Dit rouwritueel moet een gezamenlijk beleefd moment van troost verbeelden. Helaas veroorzaakt het voor mij net het omgekeerde: het doet de hele illusie van nabijheid teniet. Het is me te letterlijk, waardoor ik dissocieer. Eerder dan emoties op te roepen, neigen dergelijke artificiële collectieve rituelen mijn emotionaliteit net volledig uit te sluiten. Ik vind er geen oprechtheid in.
Onderweg naar huis voel ik opnieuw ware nabijheid. Ik zie, mijn blik omhoog richtend, hoe lichten aan en uit gaan, hoe schimmen in kamers en gangen verdwijnen. Even voelt het alsof ze dat allemaal speciaal voor mij doen. In mijn nachtelijke wandeling blijft de stad een theater, en zo slaagt Living Apartment Together finaal in haar opzet. Ik voel me deel van een geheel, verbonden met alle kleine levens waarvan de stad de som is.
KRIJG JE GRAAG ONS PAPIEREN MAGAZINE IN JOUW BRIEVENBUS? NEEM DAN EEN ABONNEMENT.
REGELMATIG ONZE NIEUWSTE ARTIKELS IN JOUW INBOX?
SCHRIJF JE IN OP ONZE NIEUWSBRIEF.
JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.