(redactie Etcetera)

Leestijd 11 — 14 minuten

Lexicon

Experiment Een experiment (ook wel proef genoemd) is een zorgvuldig opgezette en nauwkeurige observatie van een stukje werkelijkheid die kan worden uitgevoerd om een wetenschappelijke hypothese te testen.

Experimenten kunnen zeer ingewikkeld zijn en bijzonder nauwkeurige apparatuur vereisen.

Ze worden dan in een speciale experimenteeromgeving uitgevoerd, een zogenaamd laboratorium. Een relatief eenvoudige hypothese (bijvoorbeeld de zwaartekracht trekt alles naar beneden) kan ook vaak door eenvoudige thuisexperimenten worden getest; het uitvoeren van zulke experimenten kan het inzicht in en begrip van natuurwetenschappelijke wetten vergroten.

Niet alleen in de natuurwetenschappen maar in alle wetenschappen worden experimenten

Bruno Latour is een wetenschapsantropoloog en houdt zich bezig met de studie van de onwikkeling van wetenschappelijke praktijken en controversen vanuit een besef dat wetenschap en maatschappij daarbij nauw verweven zijn. Hij wil de talloze verbindingslijnen tussen wetenschap en maatschappij ontrafelen en m.n. de maatschappelijke machtspositie van het laboratorium analyseren. Om inzicht te krijgen in het werk dat wetenschappers doen, wordt ter plaatse en met een agnostische houding ten aanzien van de inhoud, cultureel-antropologisch veldwerk én controverse-onderzoek gekoppeld. Agnosticisme ten aanzien van de inhoud van wetenschap is de enige manier om grensgevechten rond de afbakening van het wetenschappelijk domein te observeren, zonder daarin zelf betrokken te worden. Methodologische voorschriften voor wetenschapsantropologisch onderzoek:

1. Vertrouwd raken met wetenschappelijke praktijken of controversen

2. Vooroordelen over wat daar gebeurt en wat kennis is zoveel mogelijk thuislaten

3. Sceptisch staan tegenover verklaringen voor wetenschappelijk succes of falen die uit hun context zijn losgeweekt

4. Wetenschap in wording bestuderen en deze fase niet verwarren met haar resultaat. Wetenschap onderscheidt zich niet van andere menselijke bezigheden door de logica, maar door haar associologica: haar vermogen de bestaande orde te transformeren door nieuwe verbanden te leggen. http://www.prevos.net/cultuur/c01221/wetsam06.htm gebruikt: met behulp van experimenten onderzoeken bijvoorbeeld sociologen theorieën over het gedrag van groepen mensen, en artsen theorieën over gezondheid en geneeskunde. Psychologen zetten experimenten op om het (verschil in) gedrag van mensen (proefpersonen) te observeren in gecontroleerde situaties.

Een experiment kan deel uitmaken van een onderzoek: een serie experimenten met een gemeenschappelijk doel.

In een experiment wordt nagegaan of wat er in theorie wordt verwacht, ook echt in de praktijk gebeurt. Als de theorie de praktijk niet kan verklaren, moet de theorie worden aangepast of helemaal vervangen.

Bron: www.wikipedia.be

Alba genetisch gemanipuleerd fluorescerend konijn, gecreëerd door wetenschapper en kunstenaar Eduardo Kac, als commentaar op de groeiende invloed van de genetische wetenschappen op het creëren van leven, en de creatieve impulsen die hiermee zijn verbonden.

www.ekac.com

Peter Verhelst hanteert in zijn discours vaak mutatie en auto-immuniteit. Daarbij plaatst hij deze terminologie telkens in een ander daglicht. Hij hanteert ze zowel vormelijk als inhoudelijk.

Interview Peter Verhelst

(Filip Rogiers , ‘Alles is besmet’, in: De Morgen, 31-08-2005)

‘… Natuurlijk. Maar zo’n droom van wereldsolidariteit is wel het enige alternatief. Alles is besmet, en daar valt goed mee te leven als je de mensen geen dromen van absolute zuiverheid voorhoudt. Dat is de gruwel van de politieke correctheid, de hypocrisie ook. Zoals de wereld besmet is door Al-Qaeda, is de Belgischepolitiek besmet door het Vlaams Belang. Misschien zelfs omdat ze niet aan de macht zijn en altijd maar meer stemmen verzamelen, worden de andere partijen er zo zwaar door besmet dat ze op min of meer bedekte wijze zoveel standpunten van het VB overnemen. Dat heet auto-immuniteit.’

(Recensie van Zwerm van Peter Verhelst in De Morgen door Bert Bultinck 5-10-2005)

‘De herhaling, dan, wordt in Zwerm herhaaldelijk en expliciet als structurerend en vrijwel metafysisch principe gehanteerd – tesamen met de foutjes van de kopie, die mutatie heten. In de zwarte middenpagina’s vormen de herhaling en de mutatie een tangconstructie rond de metamorfose; een drie-eenheid die niet meer dialectisch is, omdat elke synthese onherroepelijk zal exploderen (Nietzscheaans schrijft Verhelst “Wille zur Macht is Wille zur Vernichtung”). (…) Dit boek over virussen, mutaties, geweld en eenzaamheid presenteert zich daadwerkelijk als dusdanig: als een virus van bekende, maar woekerende beelden, als een reeks mutaties van onder meer Amerikaanse tv-series, eigen werk en Thomas Pynchons Gravity’s Rainbow,als een gewelddadige aanslag op de logica (en het geduld) van de lezer, als een neurose van een eenzame spreker die het idee dat hij zijn publiek zo intens bestookt dat het wel eens zou kunnen afhaken eigenlijk best sexy vindt.

Virus De term ‘virus’ wordt gebruikt in: de biologie, zie virus (biologie); de informatica, zie computervirus.

Wat deze twee gemeen hebben, is dat ze allebei gecodeerde informatie bevatten waarmee ze hun ‘gastheer’ ertoe brengen het virus te vermenigvuldigen en te verspreiden. Ze kunnen zich niet zelfstandig vermenigvuldigen.

Het computervirus bestaat echter alleen in een virtuele vorm, zonder eigen substantie, alleen als informatie in een computergeheugen of op een schijf, terwijl het biologische virus zijn informatie op RNA of DNA heeft gecodeerd en dit heeft verpakt in een omhulling van eiwit en/of membraan.

Een virus is een hoeveelheid erfelijk materiaal (dit kan RNA of DNA zijn), gewoonlijk ingesloten in een omhulsel van eiwit. Virussen verschillen van bacteriën en andere levensvormen doordat ze zich niet onafhankelijk kunnen voortplanten. Een virus koppelt zich aan een levende cel en injecteert daarin het eigen erfelijk materiaal. Niet elke cel kan door elk virus worden aangetast: de eiwitmantel van het virus wordt gebruikt om geschikte gastheercellen te herkennen. Binnen in de gastheercel geeft het erfelijk materiaal van het virus de opdracht om nieuwe virussen te maken. Dit kan in veel gevallen leiden tot de dood van de gastheercel, of ziekte of zelfs de dood van het meercellig organisme waar de cel deel van uitmaakt, al zijn er ook gevallen bekend waar een virus nuttige genen inbracht in een bacterie. Een virus kan zich alleen vermeerderen.

Een virus kan zich alleen vermeerderen als het zich in een (gastheer)cel bevindt. Een computervirus (in het dagelijks taalgebruik wordt meestal kortweg over virus gesproken) is een vorm van schadelijke software (malware). Het is een computerprogramma dat zich in een bestand kan nestelen, bijvoorbeeld in bestanden van een besturingssysteem. Computervirussen worden als schadelijk beschouwd, want ze nemen schijfruimte en computertijd in beslag van de besmette computers; in ernstige gevallen kunnen ze in de computer schade aanrichten (zoals het wissen en verspreiden van (gevoelige) gegevens). Ze zijn gemaakt om zichzelf te dupliceren en te verspreiden, om zo steeds meer computersystemen te infecteren.

Computervirussen, die zich ongemerkt in een computersysteem nestelen en vermenigvuldigen moeten onderscheiden worden van trojan horses. Trojaanse paarden zijn programma’s die andere dingen doen dan ze voorgeven, bijvoorbeeld gegevens over de geïnfecteerde computer doorgeven naar buiten. Ook worden virussen vaak verward met wormen’. Het verschil is dat virussen bestanden infecteren en wormen zich direct over het netwerk verspreiden. Als de schade pas aangebracht wordt op een vooraf bepaald tijdstip, zoals bij een tijdbom, of op het moment dat de software een bepaalde, vooraf vastgelegde verandering waarneemt, spreekt men van een logic bomb. Bron: www.wikipedia.be

Embryonale stamcellen Embryonale stamcellen zijn lichaamscellen die de ‘potentie’ hebben om uit te groeien tot om het even welke soort gespecialiseerde cel. Steeds meer onderzoekers willen embryonale stamcellen onderzoeken om aftakelende weefsels en organen een verjongingskuur te geven. In de toekomst hoopt men stamcellen te laten uitgroeien tot bijvoorbeeld insulineproducerende cellen. De bedoeling is ze te transplanteren bij mensen met diabetes, bij wie de insulineproductie verstoord is.

Aibo het eerste intelligente computerhuisdier, ontwikkeld door Sony, met een kortetermijngeheugen van vijf minuten, geprogrammeerde emoties, mogelijkheid tot afspelen van muziek en film, en een hoogst expressieve snoet. Aibo leert zich aanpassen aan zijn woonomgeving en kan verschillende gevoelens uitdrukken als vreugde, verdriet en woede, en indien ingeschakeld in de conversatiemodus, kan hij zijn gevoelens zelfs in taal uitdrukken. Aibo beoordeelt de gedragspatronen van zijn eigenaar in zijn persoonlijk dagboek. Prijs: 2099€

www.sony.be – www.eu.aibo.com

Asimov science-ficton schrijver die de 3 wetten voor robots lanceerde, in zijn kortverhaal Runaround in 1942. 1) Een robot mag geen mens verwonden, of toelaten dat een mens gekwetst raakt. 2) Een robot moet de bevelen van mensen gehoorzamen, tenzij deze in conflict staan met de eerste wet. 3) Een robot moet zijn eigen bestaan verdedigen, zolang dit niet in tegenspraak is met de eerste of de tweede wet. http://www.asimovlaws.com/

Xenotransplantatie Xenotransplantatie is de transplantatie van organen, weefsels of cellen van de ene diersoort naar de andere. Voor xenotransplantatie bij mensen komen varkens het meest in aanmerking. Op dit moment zijn de risico’s nog groot en onbekend. De afstoting van het varkens­orgaan is nog onvoldoende onder controle. Ook is het niet zeker hoe goed een varkensbestanddeel in een mens functioneert. Tot slot is er een risico dat bepaalde varkensvirussen in de patiënt een nieuwe ziekte kunnen veroorzaken die ook andere mensen bedreigt. Sommige onderzoekers denken dat de praktische problemen bij xenotransplantatie zo groot zijn dat het onmogelijk zal zijn om er therapeutisch gebruik van te maken in de medische praktijk. Maar er zijn ook principiële redenen voor het feit dat xenotransplantatie omstreden is. Sommigen vinden de grens varken-mens problematisch en stellen zich vragen rond de implicaties voor de menselijke natuur’. Ook worden bezwaren geuit tegen grootschalig gebruik van dieren voor experimenteel onderzoek.

Chimera In 1968 werd de chimera een term in de genetica. De chimera is een organisme dat bestaat uit cellen en weefsels van twee of meer soorten. Om genetisch gemengde organismen te creëren, manipuleren wetenschappers levensvormen door cellen van genetisch verschillende embryo’s te koppelen. Oorspronkelijk was de chimera een vrouwelijk vuurspuwend monster uit de Griekse mythologie, met het lichaam van een geit, het hoofd van een leeuw en de staart van een slang. In de 19de eeuw werd de term toegepast als label voor ‘freaks’: wezens die functioneerden in de 19de-eeuwse kermisshows en publieke tentoonstellingen. Menshonden, een man met een leeuwengelaat, mens-dier-hybride wezens, werden geëxposeerd, maar hier ging het nog niet om een genetische conditie.

Voorbeeld: H.G. Wells, The Island of Dr. Moreau, 1896

Monster-mongering het tentoonstellen in circussen, carnavals en side-shows van menselijke afwijkingen en monstrueuze curiositeiten. Vandaag worden deze monsters beschouwd als wezens met een mutatie die zich veruitwendigt als een lichamelijke afwijking. In het zog van de ontwikkeling van de genetica zijn afwijkingen hertaald als genetische vervormingen, en monsters in mutaties. Maar ze worden nog steeds onbeschaamd geportretteerd als het nieuwe groteske’ in de hedendaagse kunst.

Voorbeeld: Jake and Dinos Chapman, Tragic Anatomies, 1996 in The Molecular Gaze (Art in the Genetic Age); Suzanne Anker and Dorothy Nelkin, Cold Spring Harbor Laboratory Press, New York, 2004. p. 48

Microbe een zeer kleine levensvorm, enkel zichtbaar onder microscoop. Tot de microbes behoren de bacterie, schimmel en parasiet.

The Microbe is so very small
You cannot make him out at all,
But many sanguine people hope
To see him through a microscope.

(From ‘The Microbe‘, by Hilaire Belloc, 1900)

Teratologie De term teratologie wordt gebruikt om de studie van monstrositeiten of abnormale vergroeiïngen in planten en dieren te duiden, en werd voor het eerst gebruikt door Geoffroy Saint-Hilaire in zijn onderzoek naar taxonomie en morfologie.

In The Molecular Gaze (Art in the Genetic Age); Suzanne Anker and Dorothy Nelkin, Cold Spring Harbor Laboratory Press, New York, 2004. p. 52

Ian Wilmut De Schotse onderzoeker Ian Wilmut schiep’ in 1997 het kloonschaap Dolly’. In februari 2005 kreeg Wilmut van de Engelse overheid de toelating om menselijke embryo’s te klonen voor medisch onderzoek. Sinds 2001 is klonen van menselijke cellen legaal in Groot-Brittannië, op voorwaarde dat het gebeurt voor medisch onderzoek. Gekloonde embryo’s in een baarmoeder plaatsen en geboren laten worden, is strikt verboden.

Biobot Een Biobot is een robot die is ontworpen naar model van de fysiologie van een biologisch systeem en dus gebruikt maakt van zogenaamde ‘wet components‘. Biologische functies of processen kunnen bijvoorbeeld zijn: beweging (lopen), opwekken van energie (bijvoorbeeld door vertering), zintuiglijke waarneming en communicatie (o.a. taalherkenning en constructie), en leren (door neurale aanpassing).

http://www.biobot.info/

Snuppy De Zuid-Koreaanse wetenschapper Woo Suk Hwang slaagde er in 2005 als eerste in om een hond te klonen: Snuppy. De eerste drie letters van zijn naam verwijzen naar de plek waar hij ter wereld kwam, de Seoul National University. Het klonen van honden geldt als zeer moeilijk omdat het erg ingewikkeld is om aan genoeg onbevruchte, rijpe eicellen te komen. Voorlopig is de techniek weinig efficiënt. De onderzoekers plantten ruim duizend embryo’s in bij 123 draagmoeders. Slechts drie werden er zwanger, eentje kreeg een miskraam en één puppy stierf drie weken na de geboorte. Met Snuppy erbij zijn er nu, zover gekend, twaalf zoogdieren gekloond: hond, schaap, geit, rund, muis, paard, varken, konijn, kat, rat, hert en muildier.

Woo Suk Hwang Koreaanse wetenschapper aan de universiteit Van Seoul. Op 20 mei 2005 raakte bekend dat hij erin geslaagd was om embryo’s te klonen uit de cellen van verlamde en zieke mensen. Het grote voordeel is dat er op die manier stamcellen verkregen worden die perfect overeenkomen met die van de patiënt. Hierdoor gaat de patiënt de cellen dan ook niet afstoten.

Maar sinds december 2005 wordt de echtheid van de menselijke kloonembryo’s in twijfel getrokken. Koreaanse televisiemakers hebben embryocellen uit Hwangs lab bemachtigd en laten onderzoeken. Daaruit zou zijn gebleken dat de cellen niet genetisch identiek zijn aan de donoren, wat betekent dat de embryo’s geen echte kloons waren. De onderzoeker ligt steeds meer onder vuur. In november 2005 moest Woo Suk Hwang toegeven dat voor de kloonprimeur eicellen gebruikt waren van jonge vrouwelijke medewerkers, en dat vrouwen betaald waren om hun eicellen af te staan. Beide praktijken worden in de westerse wetenschappelijke wereld als onethisch beschouwd.

(Update 8 december 2005)

(Zie Snuppy’)

Bio-ethiek Bio-ethiek is de wijsgerige discipline die zich buigt over de ethische problemen betreffende de biotechnologie. Bio-ethici zoeken naar die vormen van handelen in een biotechnologische context die het meest ethisch verantwoord zijn. Het is een interdisciplinaire activiteit, dat wil zeggen dat zowel medische als biologische wetenschappers erin actief zijn, net zoals filosofen, ethici, juristen, psychologen, sociologen en anderen. Binnen de bio-ethiek vinden we een waaier van opinies over de vragen die de biotechnologie oproept. http://www.bioethics.net/, http://www.bioethics.upenn.edu/

Transmutable act (transmutatieve act) In de Cremaster Cycle onderzoekt Matthew Barney de betekenis van de sater in de Griekse mythologie. Als half man, half geit, is de sater behept met een bijzonder sterke seksuele honger. In Cremaster 4(1994) is Barney uitgedost met langwerpige dierenoren, en poseert hij als een man-dier-composiet. Vanuit Barney’s interesse voor biologische modellen is de ambiguïteit die steeds aanwezig is in de embryonale ontwikkeling van gender en identiteit een interessante invalshoek voor de ‘transmutable act of becoming’.

(Nancy Spector Matthew Barney: The Cremaster Cycle. Guggenheim Museum, New York, 2002) in The Molecular Gaze (Art in the Genetic Age); Suzanne Anker and Dorothy Nelkin, Cold Spring Harbor Laboratory Press, New York, 2004. p. 97

Fractalen De fractale wiskunde heeft in de jaren 1980 – 1990 een te grote populariteit onder wetenschappers gekend. Men meende overal en in alles fractalen te onderkennen en de wiskunde werd te pas en te onpas toegepast; zozeer zelfs dat anno 2004 fractalen een beetje in diskrediet zijn geraakt in de wetenschap. Dit is des te merkwaardiger omdat een fractaal net als een bol of een driehoek een wiskundig begrip is dat waar noch onwaar is, maar gewoon bij definitie geschapen. Toch zijn er diverse toepassingen van fractalen die niet meer weg te denken zijn. De beschrijving van chaos bijvoorbeeld, is ondenkbaar zonder de achtergrond van fractalen. Ook de karakterisatie van op het oog heel rommelige structuren, bijvoorbeeld deeltjes met een bijzonder ruw oppervlak, of het karakteriseren van de bladvorm van varens of de takstructuur van een boom maakt dankbaar gebruik van fractale wiskunde. Met behulp van strooiing bij kleine hoeken zowel van röntgen- als van neutronenstraling (SAXS of SANS) kunnen fractale dimensies van bijvoorbeeld colloïdaal gesuspendeerde kleine deeltjes direct gemeten worden. In de kunst wordt de fractaaltheorie gebruikt voor het componeren van hedendaagse electronica, of het creëren van computeranimatie.

Theatre of Science Het Theatre of Science van wetenschappers Richard Wiseman en Simon Singh creëert voor de eerste maal een bliksemschicht op het podium. De show is verzekerd voor 12 miljoen pond. Als hoogtepunt van de show, neemt één van de performers plaats in een kist, waarop de bliksem in volle kracht toeslaat. Het is een hedendaagse toepassing van de kist van Faraday.

Baby Fae In oktober 1984 onderging baby Fae een controversiële ingreep. Dr. Bailey, hartchirurg en kinderarts, verving het falende hart van baby Fae door een bavianenhart. Het meisje leefde nog 21 dagen.

Android robot met een menselijk gelaat, of antropomorfe robot, ook wel humanoid genaamd. De eerste android heette Wabot-1 en werd in 1973 ontwikkeld aan de Waseda universiteit in Tokyo. De machine bevatte een besturingssysteem voor de ledematen en een systeem om te zien en te communiceren. De Wabot-1 kon communiceren met een mens in het Japans, afstanden meten en zich richten naar een object, met behulp van externe receptoren, kunstmatige oren, ogen en mond. Hij kon ook lopen en was in staat voorwerpen vast te grijpen en te verplaatsen. www.androidworld.com

Aangeboren immuunsysteem Het kan dagen of weken duren vóór het aanpassingsimmuunsysteem een effect te sorteert. Nochtans worden de meeste organismen constant aangevallen door ziekteverwekkers, die door het snel handelende aangeboren immuunsysteem onder controle moeten worden gehouden. Planten en vele dieren bezitten geen aanpassingsimmuunsysteem en beroepen zich in plaats daarvan op aangeboren immuniteit. Recent werd er vooruitgang geboekt op het gebied van aangeboren immunologie door de ontdekking van bepaalde receptoren: de receptoren bij zoogdieren die voor een groot deel van de aangeboren immune herkenning van ziekteverwekkers verantwoordelijk zijn. Er bestaan overtuigende bewijzen dat deze receptoren verantwoordelijk zijn voor het ontdekken van de ‘moleculaire patronen die met de ziekteverwekker verbonden zijn’ en/of het leveren van het ‘gevaarssignaal’. Bron: www.wikipedia.be

Aanpassingsimmuunsysteem Het aanpassingsimmuunsysteem, ook het verworven immuunsysteem genoemd, verklaart het feit dat wanneer de meeste zoogdieren een eerste besmetting door een ziekteverwekker overleven, zij over het algemeen immuun zijn voor een ziekte die door diezelfde ziekteverwekker wordt veroorzaakt. Dit wordt in de moderne geneeskunde geïmplementeerd bij het gebruik van vaccins. Het aanpassingsimmuunsysteem is gebaseerd op immune cellen –witte bloedlichaampjes (of witte bloedcellen) – die door stamcellen in het beendermerg worden geproduceerd. Het immuunsysteem kan in twee types worden verdeeld. Vele soorten, met inbegrip van zoogdieren, hebben het volgende type:

Het humorale immuunsysteem, dat op bacteriën en virussen in de lichaamsvloeistoffen (zoals bloed) reageert. Zijn primaire actiemiddelen zijn immunoglobulines, ook antilichamen genoemd, die door de b-cellen worden geproduceerd.

Het cellulaire immuunsysteem, dat andere cellen behandelt die door virussen worden besmet. Dit gebeurt door t-cellen. Bron: www.wikipedia.be

Octrooiwet De Belgische wet op het octrooieren van biotechnologische uitvindingen moet bescherming bieden tegen het misbruik van monopolies. Dit om te vermijden dat een bedrijf het alleenrecht op een genetische test opeist, zoals het Amerikaanse Myriad Genetics deed met de tests voor erfelijke borstkanker. Deze tests dreigden hierdoor onbetaalbaar te worden. Volgens de nieuwe wet kan de ministerraad wanneer een bedrijf het alleenrecht op een test opeist toch een licentie verlenen aan de centra voor menselijke erfelijkheid. De centra kunnen de test dan blijven aanbieden tegen een betaalbare prijs.

Cyborg De term ‘cyborg’ is afgeleid van cybernetisch organisme, wat zoveel wil zeggen als: organische robot, of mens-machine. Cyborgs zijn mensen die versmolten zijn met technologie. Dit klinkt futuristisch, maar velen van ons zijn al een soort van cyborg’. Denk aan kunstmatige hartkleppen, pacemakers en kunstknieën, aan contactlenzen of siliconenborsten: allemaal kunstmatige verbeteringen’ van ons natuurlijke lichaam.

varia
Leestijd 11 — 14 minuten

#100

15.02.2006

14.05.2006

(redactie Etcetera)

varia