‘Lacrima’ © Kurt Van der Elst

Leestijd 5 — 8 minuten

Lacrima

Arne Sierens

Een man krijgt de vraag van zijn wanhopige ex-vriendin Cato om haar weggelopen, aan drugs verslaafde zoon te helpen opsporen. Jimmy zou zich ergens in ‘het reservaat’ bevinden, heeft ze van horen zeggen. Dat is de onofficiële naam voor de troosteloze sociale woonwijk waar de man zelf zijn jeugd heeft gesleten, als straatboefje tussen de straatboefjes, en die hij dertig jaar geleden de rug heeft toegekeerd. Zijn queeste voert hem langs woontorens, straathoeken, bars en andere vertrouwde plekken die tal van herinneringen oproepen. Wat is er in al die tijd veranderd?

In Arne Sierens’ nieuwe theatermonoloog Lacrima lopen heden en verleden door elkaar in een uitgebalanceerde compositie. De flashbacks die het verhaal van de zoektocht regelmatig onderbreken, kleuren de blik van de verteller-protagonist op de tegenwoordige tijd. Lacrima roept een oude vraag op, namelijk in hoeverre iemands lot wordt gedetermineerd door de sociale omgeving waarin hij terechtkomt. In hoeverre kan een mens zelf de koers van zijn leven bepalen? Bestaat er zoiets als een vrije wil? En zo niet, kan iemand dan volledig verantwoordelijk worden gesteld voor zijn daden?

De man herkent zich voor een stuk in de figuur van Jimmy. Netals Jimmy groeide hij op in precaire omstandighedenbij een alleenstaande moeder en net als hij kwam hij al op jonge leeftijd in aanraking met drugs en kleine criminaliteit. Toch kan zijn houding tegenover de op de dool geraakte jongen naast begripvol ook hard en illusieloos zijn. Het trauma van de dood van zijn oudere broer ligt immers nog vers in het geheugen. Ooit was die broer zijn absolute held, de surrogaatvader waarmee hij dweepte, tenminste tot op de dag dat broer terugkeerde uit Amsterdam, waar hij ondergedoken zat om zijn celstraf in België te ontlopen. De ‘Travolta’ van weleer, een flitsende verschijning in een leren jekker, was door zijn drugsverslaving vel over been geworden, een toonbeeld van zwakte. Diep teleurgesteld brak de protagonist met zijn broer, niet lang voor die roemloos ten onder ging aan een drugscocktail van slechte kwaliteit.

Hoewel die wonde dertig jaar later nog niet is geheeld, lijkt er toch iets veranderd te zijn in het hoofd van de man. Hij is zich bewust geworden van de omgevingsfactoren die de levens van mensen in bepaalde richtingen stuwen, vaak buiten hun wil om. Zijn ex, die beweert dat iedereen zijn leven zelf kiest en er dus ook de volle verantwoordelijkheid voor draagt, dient hij heftig van antwoord: ‘Mijn ma, daar heb ekik niet voor gekozen. Mijn pa, dat ‘k hem nooit niet mocht zien, ‘k heb ekik daar ook niet voor gekozen. En mijn broer, hij heeft er ook niet voor gekozen.’ Zijn woede omtrent de aftakeling en dood van zijn broer, die hij indertijd als een persoonlijk verraad ervoer, lijkt in de loop der jaren verschoven naar een maatschappijkritische woede. Niet alleen het individu maar ook de samenleving draagt een grote verantwoordelijkheid voor armoede, criminaliteit, verslaving, … In een prestatiemaatschappij waar alles steeds sneller moet gaan, komen er dagelijks drommen losers bij: ‘Als ge niet mee kunt, vliegt ge d’r af.’ (Sociale woonwijken dienen in zijn ogen om al die derderangsburgers in weg te stoppen, net zoals de indianenreservaten in de VS.)

Sierens’ tekst is niet rijk aan sprankelende, originele ideeën en gaat hier en daar ook wat kort door de bocht, bijvoorbeeld wanneer de protagonist beweert dat er in die dertig jaar ‘nog nietten’ veranderd is in het reservaat, op wat ‘kleuren, vreemd vel en nummerplaten van Bulgarije en Polen’ na. Zo’n uitspraak gaat veel te licht heen over de impact en complexiteit van de snelle multiculturalisering van de samenleving. Desondanks is hetstukknap opgebouwd en telt het enkele prachtige beelden. De enscenering vertoont echter grote gebreken. Zo drijft het spel van Jan Hammenecker een hele voorstelling lang bijna uitsluitend op woede en bittere spot, terwijl het tekstmateriaal toch ruimte biedt voor verschillende mogelijke gevoelsnuances. In een onvermijdelijk sympathiek Oostends dialect spreekt de acteur het publiek continu frontaal aan met de drukke zegging en gestiek van de toogpoliticus die de aandacht van zijn toehoorders koste wat het kost wil vasthouden. Het gebrek aan variatie en evolutie in zijn uitvoering zorgt er echter voor dat het moeite kost om bij de les te blijven en dat zijn woorden zelden emotioneel raken. De ritmische stukjes muziek die af en toe onder de tekst opwellen brengen wat reliëf in de monotonie, maar willen iets te nadrukkelijk spanning genereren, wat natuurlijk een averechts effect heeft.

De meest in het oog springende handicap van Lacrima is de schimmige inzet van het interdisciplinaire experiment binnen de voorstelling. Sierens wilde een dialoog opzetten tussen de bewegingstaal van de Japanse danseres Sayaka Kaiwa en de woorden van Hammenecker, en riep daarvoor de  hulp in van choreograaf Ted Stoffer. De abstracte scenografie van Guido Vrolix, die eventueel vaagweg zou kunnen verwijzen naar een plek waar hangjongeren hun tijd verdoen, lijkt vooral ontworpen om de fysieke interactie tussen de twee performers te stimuleren. Vier lage, betongrijze muurtjes die zich over de breedte van het toneel uitstrekken, beperken hun bewegingsvrijheid ingrijpend. Hij gaat erop zitten; zij tracht haar evenwicht te bewaren terwijl ze voetje voor voetje van cour naar jardin wandelt; hij springt van het ene muurtje op het andere; zij tracht zich achter het decor te verstoppen, enzovoort. Hun rusteloze trajecten, die elkaar geregeld kruisen, geven niet de indruk erg samenhangend te zijn. Meestal ziet het eruit alsof ze hun lijstje ontdekkingen uit improvisatiesessies aan het afvinken zijn.

Welke rol speelt Kaiwa eigenlijk in het geheel? Een voorstelling lang blijf ik vruchteloos zoeken naar een antwoord op deze vraag. Het grote contrast tussen het wat plompe, stoere uiterlijk van Hammenecker en de frêle verschijning van de danseres is op zich natuurlijk geen afdoende reden voor haar aanwezigheid op scène. De vrouw neemt geen plaats in binnen het narratieve weefsel van de monoloog maar lijkt er van buitenaf een lichamelijke commentaar op te willen geven. Terwijl hij zijn verhaal doet, cirkelt zij speels, meisjesachtig en plagerig om hem heen, intussen met een samenzweerderige grijns voortdurend hengelend naar de aandacht van het publiek. Wat de aard van die samenzwering betreft, blijf ik echter in het duister tasten.

Haar interventies houden ofwel geen enkel verband met de vertelling (zoals wanneer zij baantjes trekt tussen twee muurtjes, en het decor daarmee de facto transformeert tot een zwembad), ofwel is dat verband puur illustratief, verdubbelend en dus oninteressant. Wanneer de man vol bewondering beschrijft hoe zijn broer er uitzag voor zijn vlucht naar Amsterdam, beeldt zij het cliché van stoerheid uit, door haar armen voor de borst te kruisen en een denkbeeldige zonnebril op te zetten. De momenten waarop de twee contact maken leiden niet echt tot een spannende dialoog, maar komen over als verplichte nummertjes, onhandige onderbrekingen van Hammeneckers monoloog.

In Lacrima blijkt het geheel niet meer te zijn dan de som der delen, maar minder. De bewegingstaal van Kaiwa werd niet ontwikkeld tot een volwaardige tegenpool voor de tekst. Wat was überhaupt de drijfveer om die ruwe tranche de vie uit te werken tot een interdisciplinaire dialoog? Vanwaar de poging? Omdat de veronderstelde ‘verfijndheid’ en ‘breekbaarheid’ van dans voor een mooie contrastwerking zouden zorgen? Lacrima lijkt het product van twee artistieke verlangens die geen inhoudelijke grond delen, maar los staan van elkaar.

Lacrima is van 26 tot 29 september in KC De Werf (Brugge) te zien.

www.compagnie-cecilia.be

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#130

01.10.2012

30.11.2012

Sébastien Hendrickx

Sébastien Hendrickx is lid van de kleine redactie van Etcetera, schrijft over podiumkunsten en beeldende kunst, doceert in het KASK en en werkt als dramaturg en podiumkunstenaar.

 

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!