#181
15.12.2025
—
14.04.2026
‘Wat is hier aan de hand?’ gaat het door je heen, terwijl een woedende man loopt te tieren dat hij niet aan het spelen is. Als de vier makers van theatercollectief herman ergens goed in zijn, dan is het wel hun publiek telkens opnieuw op het verkeerde been zetten.
Bezuidens de taalgrens wordt scenarist, scenograaf en regisseur Anne-Cécile Vandalem op handen gedragen. Haar nieuwe, ambitieuze voorstelling Arctique is een multimediaal totaalspektakel dat zich afspeelt in de noordelijke ijszeeën van Groenland. Het wordt een dolle rit op een zwalpend schip, door verraderlijke wateren.
Jan Dertaelen ging naar Opera 21 kijken, het festival dat een platform voor vernieuwing binnen de opera wil zijn. Prominent op de affiche prijkten Infinite Now van Chaya Czernowin & Luk Perceval, en Revelations van Wim Henderickx & Wouter Van Looy. Beide voorstellingen wrikken aan de fundamenten van de opera en dompelen de toeschouwer volledig onder in een diepteonderzoek naar de werking van de psyché. Opent zich hier een nieuwe richting voor een genre in crisis?
Etcetera recenseert jong werk op Theater aan Zee! Vandaag: Jan Dertaelen over Matthias van de Brul en Bart Van de Woestijne.
Pieter De Buysser koos het Planetarium van Brussel als het vertrekpunt voor een fenomenale reis. Na een tussenstop in de Zuid-Chinese Zee, leidt hij zijn publiek zowel naar de verste uithoeken van het universum, als naar het diepste middelpunt van de atoomkern. Het is een duizelingwekkende trip die niet ophoudt te fascineren.
Wat is taal? Hoe ontstaat taal? Wat is de relatie tussen taal en werkelijkheid, en wat bestaat er vóór de taal? Hoe betrouwbaar is de taal als instrument om vat te krijgen op de wereld? In Fünf leichte tanzspiele, de nieuwe voorstelling van collectief L’hommmm, worden vraagtekens geplaatst bij een van onze meest fundamentele eigenschappen: het gebruik van taal.
Tussen de muren van het lege, witglanzende zwembad klinkt een schuchtere stem. ‘Gaat het?’ En dan, vertwijfeld: ‘Hoe gaat het?’ Ze staat daar alleen, in het zwart gehuld, klein en kwetsbaar te midden van het blinkende wit van het leeggelopen bassin: Dounia Mahammed, dit jaar afgestudeerd aan KASK met haar voorstelling Salut Copain. Ze nodigt ons uit tot haar wonderlijke universum en trekt ons een wereld binnen van ongerijmdheden, van verwarde ontmoetingen, absurde situaties en onbegrijpelijk gedrag. Een wereld die niet spoort, die ons in al zijn facetten verbaast, en waarvan langzaam duidelijk wordt dat het de onze is.
Slechts heel af en toe slaagt een voorstelling erin je het gevoel te geven dat je een zeldzaam voorrecht geniet, dat je als toeschouwer bent uitverkoren om deel te nemen aan een oeroud, geheim ritueel. Je wordt toegelaten tot landschappen die anders verborgen blijven. Er is een stem die je rechtstreeks aanspreekt, er zijn ogen die vanaf de scène naar je terugkijken, die tot diep in je ziel turen. Wat er dan ontstaat: een openbloeiende verwondering omwille van de weelde van dit leven, de uniciteit van ieder individu, en de rijkdom van de geest. Zo’n voorstelling is Fever Room van de Thaïse regisseur Apichatpong Weerasethakul.
Het was in de lente van 1948 dat toneelauteur Arthur Miller eigenhandig een hut bouwde in de wouden van Connecticut, om er te werken aan een stuk waarvan de eerste twee zinnen al geruime tijd door zijn hoofd spookten: ‘Willy?’ ‘It’s all right. I’m back.’ Na zes weken opsluiting kwam hij naar buiten met een tekst die legendarisch zou worden: Dood van een handelsreiziger. Hij won er prompt de Pulitzer-prijs mee en sindsdien behoort de tekst tot de literaire canon van de twintigste eeuw. Dezer dagen waagt t,Arsenaal zich aan een productie waarin o.a. Lucas Van den Eynde (Willy Loman), Mieke De Groote (Linda Loman) en Peter De Graef (Charley) de tekst naar hun hand zetten. Michael De Cock voert de regie, maar een klassieker van dit formaat laat zich niet lichtvaardig bewerken. Het vergt niet alleen groot vakmanschap, maar ook de juiste dosis eigenzinnigheid om een opdracht als deze tot een goed einde te brengen. Helaas is dat niet helemaal gelukt.
Niets blijft bestaan en alles gaat verloren. In zijn groots opgezette performance Serial Drummer Girls brengt Koen Theys de stroming van de atonale, seriële muziek naar de uitverkoop. Maar dat doet hij in stijl en met een overdaad aan pracht en praal die niet moet onderdoen voor die van het autosalon. De seriële muziek is dood, leve de seriële muziek! Of toch niet?