© Bart Grietens

Leestijd 9 — 12 minuten

De (on)stuitbare opkomst van Mourade Zeguendi

Bestaat er iets als futurologie in het theater? Hugo Claus schreef in 1970 met Tand om tand een Uilenspiegel-variatie waarin een onafhankelijk Vlaanderen wordt geregeerd door het Kristelijk Socialisme. Vandaag bindt in They eat people van Union Suspecte en Abattoir Fermé de Herenigde Volks-Unie (HVU) de strijd aan met de Forza Flandria in een bitse verkiezingsstrijd om de president van een onafhankelijk Vlaanderen. Theater of comedy? Klaas Tindemans ging kijken.

Chris Rock is de favoriete komiek van de Amerikaanse president-elect Barack Obama. Chris Rock schreef en regisseerde in 2003 Head of State, een komedie van twijfelachtige kwaliteit over een fictieve Amerikaanse president van Afro-Amerikaanse afkomst. Ik betrap mezelf soms op een zwak voor B-films over politieke trivia, en dus bleef ik kijken toen Head of State op een commerciële zender werd uitgezonden. De film is een vehikel voor de zelfingenomen strapatsen van hoofdrolspeler Chris Rock, een politieke nitwit die na de plotse dood van de échte presidentskandidaat en zijn running mate tot nieuwe kandidaat wordt gebombardeerd. Er zit een partijstrategie achter: deze karikatuur van Afro-Amerikaanse clichés moet met opzet verliezen zodat de partij ademruimte krijgt om vier jaar later een ernstige kandidaat te nomineren. Hoe het afloopt is voorspelbaar: deze mislukte hiphopper en zijn broer, een soort foute boksmanager, winnen de verkiezingen met de slogan ‘The only thing white is the house’. Authenticiteit overwint, zogezegd, maar vooral de slappe r&b op de soundtrack is me bijgebleven. Hoewel, bijgebleven…

Wat maakt de presidentiële variant op het from zero to hero-thema zo populair bij makers van routineuze comedy? Ivan Reitman, nog zo’n filmmaker die expert is in smakeloze onzin, maakte ooit Dave, over een charmante lookalike die wordt ingehuurd tijdens de buitenhuwelijkse uitstapjes van de ‘echte’ president, die niet anders dan ‘Bill’ kan heten. ‘Dave’ ontpopt zich tot een veel populairdere versie van ‘Bill’ en ontmaskert alle complotten. Kan het allemaal nog onnozeler?

They eat people van Union Suspecte en Abattoir Fermé is geen dwaze komedie, hoewel de plot tot op een bepaald moment exact in dit B-filmschema zou passen. Na de zoveelste deadline die Yves Leterme heeft gesteld, valt zijn regering: een staatshervorming is de inzet van de verkiezingen. Het politieke landschap valt uiteen in twee rechtse stromingen: de Herenigde Volks-Unie (HVU) en Forza Flandria, een kartel van Lijst Dedecker, Vlaams Belang en Open VLD. De rest van de partijen is klaarblijkelijk verdampt, zeker in de loop van de verkiezingscampagne. De inzet van de verkiezingen is alleen de onafhankelijkheid van Vlaanderen en beide partijen mobiliseren de kiezers met heuse ‘presidentskandidaten’. De HVU– de naam zegt genoeg: alle ex-VU’ers gezellig terug bij elkaar – schuift een merkwaardige kandidaat naar voren, ‘Mourade Zeguendi’, gespeeld door Mourade Zeguendi. Hij is de broer van een trouwe partijmilitant, maar in tegenstelling tot deze ‘Zouzou Zeguendi’ (Zouzou Ben Chika) geen geassimileerde Marokkaan. ‘Mourade’ is donkerbruin, spreekt amper Nederlands, hangt graag rond bij de moskee en voelt zich vooral thuis op straat in Sint-Joost-ten-Node. Maar hij heeft een geweldig effect op de massa, zijn erotische uitstraling is onmiskenbaar: een soort politieke Elvis Presley, even naïef maar ook even slim in zijn performance. De HVU huurt een spindoctor (Joost Vandecasteele) in die volledige carte blanche eist om ‘Mourade’ tot president van de republiek Vlaanderen te doen verkiezen. Er ontstaat een bikkelhard machtsspel tussen de drie politieke strebers, die een gelijklopende ambitie hebben – dat zou toch de bedoeling moeten zijn. Alle voorspelbare incidenten passeren de revue: een foto van ‘Mourade’ bij de moskee, gemor bij het eigen partijcenakel, een moeder met te opvallende hoofddoek. Maar ook het onverwachte gebeurt: ‘Mourade’ zet zich agressief af tegen de knuffelpolitiek voor allochtonen, ‘Zouzou’ speecht bij een oostfrontstrijdersherdenking – dat laatste is er wel écht over, ook volgens de communicatiegoeroe. En in een brutaal einde krijgt dit spelletje politieke stratego een onverwachte wending: de HVU blijkt een vehikel voor de jihad in Europa. Vlaanderen krijgt zijn eigen president Ahmadinejad.

Oneliners

Als je het einde buiten beschouwing laat – en dan nog – klinkt dit als het scenario van een comedy waarin de politiek hoogstens fungeert voor anekdotes ter meerdere glorie van het ‘antipolitieke’ ego van de comedian. Je ziet twee toneelspelers – Mourade Zeguendi en Zouzou Ben Chika, zonder aanhalingstekens – die hun confronterende, soms zelfs gevaarlijke houding uit We people (Union Suspecte, 2007) inruilen voor een rol van opgewaardeerde sidekicks in de act van Joost Vandecasteele. Vandecasteele, momenteel onafhankelijk theatermaker, draait overigens volop mee in het stand-upcircuit en die cross-over siert hem zonder meer. De confrontatie tussen vuilbekkerij en theatrale analyse gebeurt zelden of nooit. De implosie van sociaal-politiek theater, het perfecte culinaire vermaak. De Vlaams Belangers in de zaal – het Antwerpse Zuiderpershuis heeft een trouw publiek, zegt men mij, ook bij politieke tegenstanders – blijven rustig napraten: de fantasie van een bruine president van Vlaanderen kan hen bekoren, wegens totaal uit de lucht gegrepen.

Maar het is niet correct – politiek en artistiek – om They eat people als een losse flodder of, erger, als vuurwerk met een natte lont te bestempelen. Precies omdat het schema van Chris Rock en konsoorten niet echt werkt in het theater – en dat weten deze spelers en hun regisseur (Ruud Gielens) zeer goed. Ze tasten de grenzen van deze voorspelbaarheid af, ze kiezen voor een kale vormgeving – een half basketbalveldje en enkele beeldschermen, affiches met ‘Mourade voor president’ en een kartonnen versie van de kandidaat – en ze spelen nadrukkelijk frontaal en meestal tegen hoog tempo. De stroboscoop in de slotscène is de enige echte stijlbreuk. Het discours van de campagnestrateeg zoekt ongegeneerd de verbale effecten op. Op de gemeenplaats ‘Onderschat de kiezer niet’ antwoordt hij: ‘Geloof mij, de enige fout die ik maak, is dat ik ze niet genoeg onderschat.’ Dat soort oneliners dus, en een analyse duurt nooit langer dan vijf regels. They eat people heeft niet de allure – en ook niet de ambitie, neem ik aan – van Der aufhaltsame Aufstieg des Arturo Ui, Bertolt Brechts parabel over de machtsovername van Hitler, vermomd als maffia-epos. Geen Verfremdung hier, alle pseudodocumentaire hulpmiddelen zijn doorzichtig: filmpjes met ‘Mourade’ op de IJzerbedevaart, in de Gordel, met running mate Johan Vande Lanotte. Of de stemmen van Jef Lambrecht en Paul Goossens. Hier wordt geen theatraal universum gecreëerd, hier wordt rechtdoor verteld, compromisloos én vermakelijk. In zekere zin ga je dwars door dit comedy-idioom doorkijken en dan kunnen er, in het beste geval, tegenstrijdige indrukken ontstaan. Ofwel is dit een satire, over een Vlaanderen-in-de-verbeelding waarin de politiek alle maskers heeft afgelegd en voor de meest cynische variant op het Bart De Wever-verhaal kiest. Ofwel is dit een moraliteit, een nogal artificiële, vervlaamste versie van het Barack (Hussain) Obama-sprookje, uitgelegd aan Amerika-onkundigen en ook in dit geval voluit cynisch geduid. Ofwel is het een bescheiden politiek treurspel, waarin de kingmaker ten onder gaat aan zijn eigen mensenhaat, terwijl de koningen die hij geschapen heeft zijn laatste restant aan idealisme pijnlijk verraden – een soort omkering van Shakespeares Henry IV en Henry VI. De spindoctor blijft inderdaad achter als een hoopje ellende, terwijl de politieke allochtonen op de loop zijn gegaan met zijn strategische inzichten.

Retoriek

Bestaat er zoiets als gevaarlijke comedy? Dat wil zeggen: comedy die de opgefokte brutaliteit van Alex Agnew én van Joost Vandecasteele als solist combineert met de confronterende, ingehouden woede die vooral Mourade Zeguendi in vroeger werk, vooral dan We people, liet zien? Is de verontwaardiging en woede van ‘Mourade’ over het feit dat de campagnestrateeg hem christelijk wil dopen tijdens de presidentscampagne niet te doorzichtig en dus te onschadelijk? Misschien neutraliseert een witte Joost de amper ingehouden agressie van bruine Mourade en bruine Zouzou. Meer nog, hoe ranziger de retoriek van de spindoctor klinkt, hoe onderhoudender de scènes. Dit soort comedy zweert bij de overdrijving en vooral bij de omkering: de clichés en de ‘foute’ veralgemeningen dienen juist om stereotiepen en vooroordelen verdacht te maken, zo begrijp ik dat toch. Ik krijg zin in death metal na een tirade van Alex Agnew – een beetje toch. Ik krijg medelijden met de sidekicks na een zoveelste scheldpartij van de comedian. Deze partijstrateeg merkt op dat de kiezers politici niet moeten vertrouwen, nee, ze moeten hem willen neuken. Als hij het publiek vraagt of ze Mourade willen neuken, klinkt er een enthousiast ja bij de Aanwezige pubers in de zaal. They eat people is een spiegelbeeld van de sentimentaliteit en de onredelijkheid waarmee politiek, zeker in dit land, gepaard gaat. Niet meer en niet minder. Een politiek filosoof merkte ooit op dat er één doorslaggevend argument is tegen de representatieve democratie: de kwaliteiten die een politicus moet hebben om aan de macht te komen zijn principieel in strijd met de competenties voor het besturen van het land. They eat people is een bescheiden illustratie van die vaststelling. Maar of daarmee dan zoveel meer wordt gezegd dan in de kwaliteitskranten, dat is nog een andere vraag. Deze voorstelling is niet politieker dan een psychologisch drama. Toch heb ik mij oprecht geamuseerd met dit soort comedy over politieke trivia. Comedy die – gelukkig maar – een andere toon zet dan Chris Rock of, godbetert, Geert Hoste.

They eat people is op 16 en 17 december te zien in de KVS. Info op www.unionsuspecte.be en www.abattoirferme.be.

 

19 Augustus: ‘Agenda’

ZOUZOU: We hebben vandaag vijf afspraken en we gaan die even overlopen. oké?

MOURADE: Oké.

ZOUZOU: Eerst een korte meet en greet met de voorzitter van de nationale bank, namelijk… (doorzoekt papieren)

JOOST: Coene, Luc Coene.

ZOUZOU: Luc Coene, juist. Gewoon een gesprek, over het begrotingstekort voor volgend jaar, en jij doet alsof je hem snapt. Daarna is er een korte persconferentie en wijs je die blonde van de VRT aan, ze zal links vooraan zitten. Ze zal naar een standpunt vragen over de vermindering van de koopkracht.

MOURADE: En wat is mijn standpunt?

JOOST: Dat je gelooft in de Vlaamse ondernemer en de verlaging van de belastingen.

MOURADE: Oké.

ZOUZOU: Dus wat ga je zeggen.

MOURADE: Meer Vlaams, minder belastingen.

ZOUZOU: Heel goed. Dan om elf uur word je verwacht aan de finish van Gent-Wevelgem. Er zullen weer camera’s zijn, je negeert ze allemaal, behalve die van Sporza.

MOURADE: En wat zeg ik tegen Sporza?

JOOST: Dat je hier niet bent als politicus maar als sportliefhebber. En dat je enkele prachtige prestaties hebt gezien van de Vlaamse renners.

ZOUZOU: Na Gent-Wevelgem is er een lunchmeeting met de socialistische vakbond in Brussel. we hebben opgevangen dat er een paar Franstalige kranten zullen zijn en ze zullen ongetwijfeld vragen commentaar te leveren over de uitspraak van de PS.

MOURADE: Welke uitspraak ?

JOOST: Ze willen de uitkeringen verhogen.

MOURADE: En heb ik daar een mening over?

JOOST: Nee.

MOURADE: Dus ik zeg niks.

JOOST: Helemaal niks.

MOURADE: Ik kan toch moeilijk zwijgen.

JOOST: Je moet niet zwijgen. Je moet gewoon niet antwoorden.

MOURADE: Ik snap het niet.

JOOST: We kunnen deze verkiezingen perfect winnen zonder ene keer die flikker of zijn crypto-communistische partij te vernoemen. Heel deze campagne draait maar rond één ding en één ding alleen.

MOURADE: Namelijk?

ZOUZOU: Rond u.

MOURADE: Dus wat zeg ik?

JOOST: Dat jij in armoede bent opgegroeid en dus weet waarover het gaat, in tegenstelling tot al die VUB-intellectuelen.

MOURADE: Dus ik wil hogere uitkeringen?

ZOUZOU: Nee, want dan lijk je te soft voor de Franstalige werklozen.

MOURADE: Dus ik wil lagere uitkeringen?

ZOUZOU: Nee, dan lijk je te hard voor de Vlaamse werklozen.

MOURADE: Dus ik wil niks.

JOOST: Het enige wat je moet doen, is blijven herhalen hoe moeilijk je jeugd was in de straten van Molenbeek.

MOURADE: Sint-Joost.

JOOST: Whatever. Als je genoeg toont hoe bruin je bent, zal geen enkele journalist verder durven vragen. Want die linkse journalisten zijn maar voor één ding bang en dat is op een racist te lijken.

MOURADE: Oké, dan zeg ik dat.

ZOUZOU: Goed. Dan om vier uur worden we verwacht bij de christelijke vakbond. Je kunt niet alleen naar de socialistische gaan en de christelijke negeren. Anders gaan ze ons beschuldigen dat we een verborgen linkse agenda hebben.

MOURADE: En wat doen we daar?

ZOUZOU: We laten ze een uur klagen en beloven hen meer jobs.

MOURADE: Kunnen we meer jobs creëren?

ZOUZOU: Nee.

MOURADE: De vorige heeft er toch 200.000 of zoiets gecreëerd.

JOOST: Die hebben niks gecreëerd.

ZOUZOU: Er zijn 200.000 jobs bijgekomen.

JOOST: En dat is iets compleet anders. Economie zorgt voor jobs, niet een regering.

ZOUZOU: Dus wat doen we?

JOOST: We wachten.

ZOUZOU: Op wat?

JOOST: Op Dedecker, tot hij iets stom zegt over jobs, iets waar hij heel goed in geworden is, en dan reageren we daarop.

ZOUZOU: En als het niet stom is?

JOOST: Dan doen wij heel hard ons best om het stom te laten klinken. Dit moet je echt leren.

ZOUZOU: Wat ik moet doen, is in mijn bed kruipen. Ik loop al drie dagen met een foto van mijn bed in mijn portefeuille zodat ik weet hoe het eruit ziet als ik het weer tegenkom en niet per ongeluk in de kast in slaap val.

JOOST: Weet je wat ik juist gedaan heb?

ZOUZOU: Wat?

JOOST: Terwijl jij gelijk een idioot over je bed zat te lullen, heb ik tien seconden kunnen slapen. Dat leer
je ook wel.

ZOUZOU: Behandel mij alstublieft niet als een klein jongetje.

JOOST: Sorry, maar vriendelijker dan dit word ik niet.

ZOUZOU: Fuck you.

JOOST: Voilà, je leert al bij.

ZOUZOU: Bon, terug naar de agenda.

MOURADE: Nog één afspraak, dacht ik.

ZOUZOU: Ja, maar wel de belangrijkste.

MOURADE: Welk één?

ZOUZOU: De uitreiking voor allochtoon van het jaar.

JOOST: Ja, iets van vzw Kifkif of vzw Couscous of zo. Dus op zich zoveelste allochtone masturbatieavond met veel tajine en nog meer zelfbeklag. Met de same shit als altijd. Eerst een paar bruine wijven met een hoofddoek om de blauwe plekken te verbergen. En dan wat liegen dat het hun eigen keuze is. Een paar Ketnet-negers met djembé’s die wat ritmisch kloppen terwijl iedereen naar dia’s kijkt van straatkinderen uit Casablanca. Een kwartier Youssef met niet-zelfgeschreven moppen. Daarna komt een mottig wijf met van die stinkende beschilderende handen een cursus exotisch draaien geven. Dan pauze met zoete thee en droge schilferkoeken. En na de pauze komt de directeur zagen dat ze nog een Turk, een Tunesiër, een Kongolees en een Koerd in Thuis moeten steken. En dan kom jij. Een prijs overhandigen.

MOURADE: En waarom is dat belangrijk?

ZOUZOU: Omdat je een speech gaat doen.

MOURADE: Over?

ZOUZOU: Niet over. Tegen.

MOURADE: Tegen wat?

ZOUZOU: Tegen hen.

MOURADE: Waarom?

JOOST: Omdat onze peilingen erop wijzen dat zeventig procent van de bevolking een allochtone minister-president nog altijd niet zien zitten.

ZOUZOU: Daarom hebben we een groot gebaar nodig, een breuk met het verleden, met het cliché.

JOOST: We moeten laten zien dat je in de eerste plaats een Vlaming bent. Dat zij fout bezig zijn en jij goed bezig.

ZOUZOU: Vlaanderen moet weten dat het menens is. En dat jij niks meer te maken hebt met die luie xenofobe linkse Kifkif-sukkels. Dat jij onveiligheid wel serieus neemt, dat jij illegalen wel ontoelaatbaar vindt, dat jij wel het hoofddoekenverbod steunt.

MOURADE: Dat is mijn volk. Ik kan die toch niet beledigen.

JOOST: Dat kun je wel. Omdat het moet gebeuren. We hebben het beeld nodig van jou in een zaal vol allochtonen die dingen horen zeggen die een blanke in Erps-Kwerps denkt. En dan zal niemand nog jouw toewijding voor Vlaanderen in vraag durven stellen. Want je hebt moed getoond.

ZOUZOU: Gelijk een leeuw.

Uit: We eat people, tekst Joost Vandecasteele, regie Ruud Gielens, productie Union Suspecte/Abattoir Fermé

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

artikel
Leestijd 9 — 12 minuten

#114

01.12.2008

31.01.2009

Klaas Tindemans

Klaas Tindemans is doctor in de rechtsgeleerdheid. Hij is als docent en onderzoeker verbonden aan het RITCS, het Koninklijk Conservatorium Brussel en aan de VUB. Hij verricht onderzoek op het gebied van de performancestudies, waarbij hij vooral geïnteresseerd is in de relatie tussen dramaturgische structuren en politieke en rechtstheorie. Daarnaast werkt hij ook als dramaturg, toneelauteur en publicist.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!