De Leeuw van Vlaanderen / een tribute © Bis-producties

Leestijd 5 — 8 minuten

De Leeuw van Vlaanderen/Een tribute – Jonas Van Thielen

Als geen ander heeft de jonge theatermaker Jonas Van Thielen zich het voorbije jaar in de schijnwerpers weten te werken. Het resultaat is dat zowat heel Vlaanderen nu weet wie hij is.  

Dat is nodig, want in een paginagroot interview in De Morgen (30 juli) profileert hij zich als Vlaanderens hoop in bange dagen wat betreft het klassieke repertoiretheater. Van Thielen volgde een toneelopleiding aan het Lemmens-instituut en trok daarna naar de London Academy of Music and Dramatic Art, waar hij de hoogste score haalde in het zwaardvechten op toneel. ‘Als ze mij ooit een regie toevertrouwen in de KVS, reken dan maar dat je twintig man zal zien strijden op een georkestreerd slagveld.’

Van Thielens ambities liegen er niet om. In hetzelfde interview: ‘Oerdegelijk repertoiretoneel, dat zou ik graag doen herleven in onze contreien. Maar daar is geen haast bij, ik heb alle tijd van de wereld om eerst nog wat te spelen.’

Dat spelen moet vooralsnog in de eerste plaats worden begrepen als naspelen. Van Thielen kwam voor het eerst in beeld toen hij voor de camera van De rode loper enkele Hollywoodsterren kon interviewen en van hun sokken blies met opvallende imitaties. Zo speelde hij voor Milla Jovovich een scène na uit The Fifth Elementen bij Wentworth Miller trok Van Thielen zijn hemd omhoog om te laten zien dat hij, net als Millers personage in Prison Break, de plattegrond van de gevangenis op zijn bovenlijf had laten aanbrengen. Deze stunts leverden Van Thielen een aanwezigheid op in De laatste show.

Ondertussen had hij met De Leeuw van Vlaanderen/een tribute een voorstelling gemaakt. Ook daarin wordt nagespeeld, en niet zo’n klein beetje. Op zijn dooie eentje neemt Van Thielen alle rollen voor zijn rekening uit Hugo Claus’ verfilming van de bekende klassieker van Hendrik Conscience, over de Vlaamse opstand van begin 1300 die culmineerde in de Gulden-sporenslag op 11 juli 1302. De première vond, symbolisch genoeg, in Kortrijk plaats. Na een tournee langs culturele centra was de voorstelling in augustus op Theater Aan Zee te zien.

Locatie is het Fort Napoleon. Van Thielen speelt er in open lucht, de rug gekeerd naar de hoge, ringvormige bakstenen muur. De scène is een hoop omgewoeld zand waarin zwaarden, schilden en vaandels steken. Verder zijn er alleen een klein tafeltje en een stoel.

De acteur is gekleed in een middeleeuws aandoende tuniek en zit het publiek aan te kijken tot het zich geïnstalleerd heeft. Daarna ontdoet hij zich van de tuniek. Hij zal de hele voorstelling in onderbroek spelen: zijn naakte lichaam is een denkbeeldig projectiescherm voor de personages van de film en hun uitdossing.

De Leeuw van Vlaanderen wordt nagespeeld van a tot z. Van interpretatie is daarbij geen sprake, wel van transpositie. Het medium film wordt omgezet in toneel. Een verhaal dat met tientallen personages op verschillende plaatsen speelt, wordt omgezet in een eenmansshow op één plek, een podium.

De Leeuw van Vlaanderen (1985) werd indertijd opgezet als een prestigeproject, maar is de geschiedenis ingegaan als zowat de slechtste Vlaamse film aller tijden. Voor dat echec zijn er verschillende oorzaken. Het budget was ontoereikend. Het materiaal moest zowel dienen voor een mini-tv-serie als voor een bioscoopfilm, hetgeen meestal mossel noch vis oplevert. (Waarbij de op twee uur geplande bioscoopversie om distributieredenen ook nog eens tot goed anderhalf uur moest worden herleid.) Er was in Vlaanderen onvoldoende traditie en knowhow voor het opzetten van een grote spektakelfilm à la Hollywood. En tot slot was er scenarist en regisseur Hugo Claus, die zonder twijfel een groot schrijver en kunstenaar was maar toch het nodige metier miste om een dergelijk filmproject tot een goed einde te brengen. Een milieuschets à la Vrijdag is nu eenmaal iets heel anders dan een episch kostuumdrama.

En toch. Wie de film vandaag bekijkt, zal zien dat hij maar half zo slecht is als altijd wordt aangenomen. Het geheel mist spankracht maar de film is beslist onderhoudend, en een aantal scènes zijn overtuigend goed gelukt. Misschien moet je ernaar kijken zoals je een jongensboek leest. Daar is op zich niets mis mee, want de roman van Conscience is ook tot een jongensboek verworden.

Het is precies in die context dat het naspelen door Van Thielen moet worden gezien. Hij brengt De Leeuw van Vlaanderen met het enthousiasme van een jongetje van tien dat een ridderfilm zag en die aan zijn vriendjes navertelt en tegelijk voorspeelt. Dat werkt aanstekelijk.

In De Leeuw van Vlaanderen speelt het kruim van het toenmalige Vlaamse acteursgilde mee, Julien Schoenaerts (als Pieter de Coninck) en Jan Decleir (als Jan Breydel) op kop. Ook waren er acteurs te zien die toen nog jonge nieuwkomers waren, maar intussen bekende namen zijn, zoals Tania Van der Sande en Filip Peeters. De rollen van de Fransen waren voor Nederlandse acteurs zoals onder meer Jules Croiset. Kleine optredens waren er van Bekende Nederlanders als Adriaan van Dis (die in die tijd een boekenprogramma presenteerde op de Nederlandse televisie).

De film was en is dus een feest der herkenning. Van Thielen speelt daar gretig op in met allerlei weetjes en anekdotes- ook over acteurs die het later niet echt gemaakt hebben. (Want wie droomt er nu van een acteurscarrière als de barman in Thuis?) Guy Van Sande wordt venijnig getypeerd als ‘de Koen De Bouw van de Aldi’.

Daarnaast toont Van Thielen zich als een fijnkijker die oog heeft voor sprekende details: het kapje van Pieter de Coninck, het hondje van landvoogd Jacques de Châtillon (gespeeld door Theu Boermans, met lang haar!), het dienstmeisje met de mooie borsten aan het Franse hof, de in het zwart geklede ‘dominatrix’ (dixit Van Thielen) die het zwaardgevecht met een ridder aangaat en zo uit een De Rode Ridder-strip lijkt te zijn weggelopen.

Hij gaat ook aan het tellen: de schamele zes replieken van Jo De Meyere, het aantal blote borsten, die ene blote piemel. Als stemmenimitator levert hij een zeer behoorlijke Julien Schoenaerts af, maar excelleren doet hij vooral met zijn imitatie van de krassende en schurende stem van Ischa Meijer.

Van Thielen mag dan allerlei weetjes opdissen over de acteurs en ook commentaar leveren bij de productieomstandigheden, maar wat hij in het geheel niet doet, is commentaar geven op waar De Leeuw van Vlaanderen in brede zin uiteindelijk over gaat, voor staat en voor wordt gebruikt: de creatie van een Vlaamse identiteit en het streven naar een zelfstandig Vlaanderen. Niks geen verwijzing dus naar het Vlaanderen van 1302, of naar dat van de negentiende eeuw waarin Conscience zijn boek schreef, en ook al niet naar het neonationalisme van vandaag.

Als Van Thielen al commentaar levert, dan is het op metaniveau. Daarmee wordt zijn voorstelling – hoe speels en naïef ze op het eerste zicht ook mag overkomen – tot een poëticaal programma: zijn versie van De Leeuw is een ‘tribute’ (zie de ondertitel) aan de Vlaamse cinema van de jaren tachtig die de (euvele) moed had om eindelijk eens een grote film te willen draaien.

Van Thielen zegt het niet met zoveel woorden, maar de goede verstaander kan zijn Leeuw zien als een kritiek op of een aansporing voor de hedendaagse Vlaamse cinema om verder te gaan dan de komedies, relatie- en misdaaddrama’s die de bioscopen bevolken. En ja, misschien is er, anders dan in 1985, intussen wel de knowhow om weer eens wat ambitieuzer te zijn? (Schellebelle 1919 laat in elk geval zien dat er mogelijkheden zijn.)

Het is dan ook in dat licht dat men Van Thielens zelfverklaarde ambities op het vlak van repertoiretoneel moet zien. Twintig man op scène die een veldslag uitvechten, je zult het in onze stadstheaters niet snel tegenkomen.

Het is lovenswaardig dat een jonge maker de ambitie uitspreekt om zich in de toekomst op dit soort toneel te werpen. Maar wie zijn Leeuw ziet, zal zich toch de vraag stellen: wil hij dat repertoire alleen maar spelen, of wil hij er ook iets mee zeggen?

De Leeuw van Vlaanderen/een tribute is vanaf 1 oktober opnieuw te zien op diverse plaatsen in Vlaanderen.

www.bis-producties.be

JE LEEST ONZE ARTIKELS GRATIS OMDAT WE GELOVEN IN VRIJE, KWALITATIEVE, INCLUSIEVE KUNSTKRITIEK. ALS WE DAT WILLEN BLIJVEN BIEDEN IN DE TOEKOMST, HEBBEN WE OOK JOUW STEUN NODIG! Steun Etcetera.

recensie
Leestijd 5 — 8 minuten

#126

01.09.2011

30.11.2011

Johan Reyniers

Johan Reyniers is schrijver en dramaturg. Hij was de directeur van de Leuvense organisatie voor hedendaagse dans Klapstuk (1993-1998) en artistiek directeur van het Kaaitheater (1998-2008). In 2008 werd hij hoofdredacteur van Etcetera. Sinds 2014 is hij hoofddramaturg bij Toneelgroep Amsterdam.

NIEUWSBRIEF

Elke dag geven wij het beste van onszelf voor steengoede podiumkunstkritiek.

Wil jij die rechtstreeks in je mailbox ontvangen? Schrijf je nu in voor onze nieuwsbrief!