© Jens Sethzman

To come (extended) – Mette Ingvartsen

Het uitdijende universum van Mette Ingvartsen

To come (extended) is een herneming van de gelijknamige voorstelling uit 2005. Waar het stuk toen nog alleen stond in het jonge oeuvre van choreografe Mette Ingvartsen, wordt de ‘recreatie’ vandaag ingepast in een groter geheel, The Red Pieces. Deze cyclus onderzoekt de impact van naaktheid en seksualiteit in onze maatschappij en stelt ook vragen over de steeds diffuser wordende grens tussen de private en de publieke ruimte.

To come (extended) kreeg de vorm van een triptiek met een kort intermezzo tussen twee langere stukken. Bij aanvang tonen vijftien performers een heel spectrum aan seksuele handelingen in diverse formaties. Ze zijn van kop tot teen in turquoise, nauw aansluitende pakken gehuld en evolueren in verschillende gradaties van traagheid van een duostandje over triootje tot een heus beeldenpark. Het toneel is wit en verder leeg. Stilte maakt de vervreemding compleet. Van passie is geen sprake, op enkele worstelingen na. Deze kleine stoorzenders vinden uiteindelijk een gelijke in de geluidsband die plots inzet. Onder het lawaai van een opgezweepte massa wordt het decor gewisseld en de kostuums uitgetrokken. De scène krijgt een turquoise gordijn op de achterwand en de dansers nemen het wit over in sokken en sneakers, overigens de enige kledingstukken die ze voor de rest van het stuk zullen dragen.

Ingvartsen vertaalt de idee achter haar voorstelling vrij letterlijk. Het eerste deel toont inderdaad een ontmenselijkte seksualiteit, die expliciet refereert aan een kapitalistisch geïnspireerde beeldcultuur die bulkt van de seksualiteit. Het spektakelgeluid dat de scène afsluit is meer van hetzelfde. Net zo vergaat het de scharnierscène die hiermee wordt ingeluid en waarin vijftien naakte lijven in rijen achter elkaar plaatsnemen om collectief een cumulerend orgasme te veinzen. Ook hier is de presentatiewijze theatraal: er is geen emotie, maar alleen vorm. Het verbeelde genot is vals en onmiskenbaar pornografisch. Daarbovenop wordt de toeschouwer strak en wellustig aangekeken, als om erop te wijzen dat hij degene is die dit spektakel mogelijk maakt.

Het laatste deel is de perfecte tegenpool van het eerste. De duur is ongeveer gelijk en kostuum en stilte vinden een perfecte omkering in de naaktheid van de dansers en de opzwepende muziek, vergezeld van lindyhopdans. Beide delen worden naadloos aan elkaar gelast door de dansers oortjes in te steken wanneer ze als koor het orgasme suggereren. De klinische stilte van het begin wordt overduidelijk gecounterd door de soundtrack van plezier. Waar het publiek aanvankelijk gebiologeerd naar die blauwe wezens leek te staren, is het nu minstens even verrast door de schoonheid en aanstekelijke uitbundigheid van de naakte dans.

Mette Ingvartsen toont met deze ‘extended’ versie vooral haar kunnen als stilist. Enig mooi is de presentatie van de blauwe mensachtigen tegenover het wit van de scène, waardoor het meer een digitale creatie lijkt dan een opvoering van mensen van vlees en bloed. Het uitgekiende kleurgebruik geeft de voorstelling een cinematografisch cachet, waarin elk frame een krachtig tableau oplevert. De structuur van het origineel blijft behouden, maar Ingvartsen vergroot het visuele effect. Er zijn drie keer zoveel dansers en door de blauwe pakken niet meer te vervangen door alledaagse kledij wordt de nadruk op het lichaam in de verf gezet.

Toch lijkt de relatie met de overige Red Pieces een beetje geforceerd. De commentaar op lichaamspolitiek raakt door het expliciete karakter een beetje ondergesneeuwd. Er wordt horizontaal met min of meer gelijke scènes geschakeld, zonder echt in de diepte te werken. Zo moet To Come de frictie tussen het publieke en private verbeelden, maar Ingvartsen toont vooral een gebrek aan intimiteit. De groep staat centraal, nooit het individu. De hedendaagse drang naar efficiëntie en genot wordt mooi vertaald, maar onvoldoende gecounterd. Het dansante stuk op het einde schurkt wellicht nog het beste aan tegen enige waarachtigheid en emotie, maar kantelt onvoldoende terug in de verbeelding.

recensie
Leestijd 3 — 6 minuten

Lieven Van den Weghe

Lieven Van den Weghe is masterstudent theaterwetenschappen en freelance cultuurjournalist. Hij schrijft voor Cutting Edge recensies over film, muziek, documentaire en podiumkunsten.