AMBUSH

R’m Aharoni – AMBUSH

Bij het binnenkomen van de zaal begroet R’m Aharoni het publiek vriendelijk. Hij staat alleen in een leeg speelvlak – op een camera en een stoel na – en legt kort uit wat hij van plan is te doen deze avond. Hij wil het publiek vier redevoeringen over macht presenteren. Elke redevoering werd oorspronkelijk uitgesproken tussen 1863 en 2012, door verschillende politieke activisten. Achter Aharoni is een citaat geprojecteerd over het spreken als laatste betekenisvolle handeling die voor de verdrukten overblijft. Het is een oproep om je stem te laten horen. Hij heeft een doel met deze voorstelling en is daar ook expliciet in: inzichtelijk maken dat onze visie op politieke gebeurtenissen altijd subjectief is en vanuit een bepaald perspectief tot ons komt, vaak het perspectief van de macht. Hiermee begint een interessante oefening in verschillende vormen van communicatie.

Door de presentatie van zichzelf aan het publiek verschaft Aharoni zich een aura van een spreker die een lezing gaat geven, iemand die zo direct mogelijk probeert te communiceren over zijn intenties en de informatie die hij meegeeft. Hij lijkt al bij voorbaat voor het publiek te willen ontcijferen wat we gaan zien en waarom we het gaan zien. De keuze van beeldtaal, onderwerp en teksten zijn volledig in zijn hand, waardoor we hier vooral geconfronteerd worden met het perspectief van R’m Aharoni, meer dan dat we verschillende perspectieven gepresenteerd krijgen. In de eerste redevoering, die Aharoni voor een camera brengt, horen we een klaagzang op de manipulatie van feiten door een onbestemd regime. Je krijgt het gevoel dat je naar een youtuber kijkt die zijn hart lucht bij zijn volgers, dan weer lijkt het een verbannen leider die zijn achterban toespreekt vanop een geheime locatie. Het is een poging om vanuit de marge in het centrum te geraken.

De verschillende delen volgen elkaar op als losstaande acts, vormelijk staan ze los van elkaar en communiceren ze op een andere manier. Waar de eerste act een oproep aan de stille massa is, is de tweede een wanhopige poging tot overbrenging van het eigen perspectief. We zien een jonge activist die tevergeefs aan een een tv-host probeert uit te leggen dat er wel degelijk een probleem is met politiegeweld. Als hij door de afwezige presentator wordt gecensureerd en uit de ether gehaald, blijkt communicatie via traditionele kanalen van de media te falen. Als hij vervolgens begint te rappen, lijkt de conclusie te zijn dat de activist uit de marge op zoek moet naar een andere, eigen manieren van communicatie om een ander perspectief aan de wereld te kunnen tonen. Doorheen de verschillende redevoeringen laat Aharoni zich zien als een begenadigd performer die niet veel meer dan zijn lichaam en zijn stem nodig heeft om een publiek geboeid te houden. Met kleine veranderingen in intonatie, een welgekozen stilte nu en dan, weet hij de sfeer naar zijn hand te zetten en een wereld van associaties op te roepen.

De derde redevoering laat hij over aan een vrouwenstem. Ze praat over onrecht. Aharoni verklaart kort dat het hem niet gepast leek om een tekst over verdrukking door een mannenstem te laten brengen. Je kan je echter afvragen of het wel voldoende is om deze ‘rijkheid aan perspectieven’ voor één vierde door iemand anders dan de performer te laten brengen. Want hoe sterk Aharoni ook wisselt tussen de verschillende personages op scène, hij is uiteindelijk in controle. Dat maakt hij duidelijk genoeg met zijn interventies naar het publiek toe.

Hoewel je als toeschouwer wel het een en ander aanvoelt – de Black Lives Matter activist is overduidelijk – geeft Aharoni niet mee wie de activisten zijn. Hij laat wel beelden zien van bijvoorbeeld een stadion vol mensen die naar een speech kijken of rellen op de straat. Maar de beelden blijven vaag genoeg opdat ze van eender waar kunnen komen. Door ze van hun specifieke context te ontdoen en naast elkaar te presenteren, probeert hij ze een universeel karakter te geven. Hij laat het publiek niet toe om ze weg te zetten als een oproep die niet voor hen bedoeld is. Hij spreekt een vrouw uit het publiek aan, om haar te melden dat ook haar rechten geschonden worden. Het gevaar zit er echter in dat, losgerukt van hun context, deze teksten hun kracht dreigen te verliezen, en daarmee de urgentie waarmee ze initieel werden uitgesproken. Ze worden geherinterpreteerd binnen een artistieke context en krijgen een ander doel. De tekst wordt gereduceerd tot een pleidooi voor een perspectief uit de marge, wat dat perspectief juist is, doet er niet toe, eens de context verdwijnt.

De hinderlaag uit de titel vormt het onderwerp van de laatste act, waarin Aharoni rechtstreeks het publiek toespreekt. In dit relaas over een politieaanval op een vreedzame processie wordt de poging van de marge om te communiceren met de macht actief doorbroken. Doormiddel van geweld weerhoudt de politie de actievoerders er van om een brief met hun klachten aan de premier over te brengen. Wanneer het publiek naar buiten gaat krijgt het nog een enveloppe mee, met de klachtenbrief uit de laatste redevoering en een brief die begint met “Dear Mr Crombez, In the frame of my artistic work I address a letter of protest to a contemporary politician in a country or a city where my Theater piece AMBUSH is presented.” Door deze brief aan John Crombez, voorzitter van de sp.a en aanwezig in het publiek, af te geven wil Aharoni de onderbroken politieke actie afmaken. Hij spreekt zelf tot de macht en doet zo ook zijn poging tot politieke communicatie. De artiest treedt uit zijn kader om een politieke daad te stellen. De woorden die hij overbrengt zijn echter niet de zijne, maar die van actievoerders die hun politici willen oproepen om politiek weer tot kunst te verheffen. Als reactie hierop vormt Aharoni de brief om tot kunst door ze in zijn voorstelling in te schakelen.

De teksten die R’m Aharoni brengt en gebruikt zijn niet voor het theater geschreven, maar dienden een politiek doel, ter opruiing van het volk of ter bevestiging van het eigen perspectief tegenover dat van de macht. Door ze op het theater te brengen maakt hij ze onschadelijk, maar verleent ze anderzijds een nieuwe, bredere betekenis. Hij vormt de bühne om tot agora waar verschillende stemmen spreken, maar het blijft een agora die op Theater aan Zee staat. Ontdaan van hun context lijken de teksten hun politiek belang niet te bewaren, maar ze transformeren doorheen de voorstelling tot een voorstel en een aansporing naar het publiek toe om het belang van perspectief en macht onder ogen te zien. Zo slaagt R’m Aharoni er in om een geëngageerde voorstelling te brengen, die de noodzaak laat zien van zowel de activist als de artiest om een eigen vorm van communicatie te zoeken en haar publiek verrijkt met nieuwe manieren om naar politieke communicatie te kijken.

recensie
Leestijd 4 — 7 minuten

Daan Nicolay