Tekening: Gerard Herman

Tekening: Gerard Herman

NieuwTG

Leestijd 7 — 10 minuten

Quo vadis, NTGent?

NieuwTG: Het theater als stad

NTGent verkeert in woelig water. Ingeperkte subsidies en interne strubbelingen leidden niet alleen tot het vertrek van artistiek leider Johan Simons, maar ook tot een wezenlijke identiteitscrisis. Hoe het schip weer vlot krijgen? Maar vooral: voor welke bestemming dan? Podiumtijdschrift Etcetera en cultuurmagazine rekto:verso vroegen negen uiteenlopende stemmen om het publieke debat aan te zwengelen met een eigen wervend toekomstvoorstel. Vanaf 10 januari publiceren we de resultaten elke dag in duo op elk onze site. De rol van het Gentse stadstheater is te belangrijk om ze alleen maar over te laten aan de raad van bestuur… Beginnen doen we onze reeks met het voorstel van NieuwTG, een groep van Gentse dramastudenten en jonge afgestudeerde theatermakers- en spelers, die van 12 tot 14 januari een Driedaagse organiseert in de schouwburg van NTGent: ‘drie dagen die naar alle vrijheid worden ingevuld door NieuwTG met de uitnodiging aan iedereen om mee te komen luisteren, kijken, filosoferen en eten’. Bekijk hier de gelayoute versie van hun plan. 

Het NieuwTG is een groep van Gentse dramastudenten en jonge afgestudeerde theatermakers- en spelers. In het licht van het recente tumult bij het NTGent engageerden wij ons om mee na te denken over de toekomst van het huis. Het plan dat we hieronder presenteren is het resultaat van een eerste denkoefening. Het is een plan dat voortbouwt op traditie maar tegelijk nieuwe organisatievormen voorstelt. Het NieuwTG speelt er zelf geen hoofdrol in maar we formuleren een visie op wat een stadstheater in Gent kan zijn. Een theater dat zich – midden in het centrum – openstelt voor de marge. Een haalbare utopie!

Als jonge generatie kunstenaars willen we ons niet in een uitzonderingspositie plaatsen. We willen onze samenleving als burgers mee vormgeven. Kunst kan vele vormen aannemen en hoeft absoluut geen maatschappelijk engagement uit te dragen maar de context waarbinnen kunst gemaakt wordt moet dat wel. Daarom kiezen we voor het ensemble als organisatievorm. We willen een stadstheater dat door kunstenaars zelf in handen wordt genomen. Kunstenaars zijn nu te vaak consument van een cultuurbeleid.

Het ensemble definiëren wij als een groep spelers, theatermakers, schrijvers, scenografen en dramaturgen (dus niet enkel acteurs) die collectief beslissen en verantwoordelijkheid opnemen. De totale groep bestaat uit elf verschillende mensen die in- en uitstromen en die voor minimum vijf jaar in dienst zijn. Er is geen artistiek leider, wel wordt het ensemble bijgestaan door vijf coördinatoren (artistiek, zakelijk, technisch, productioneel en communicatie) die elk een ondersteunende functie hebben. Niet elk lid van het ensemble neemt deel aan elk project. Het team beslist in gezamenlijk overleg welke producties er gemaakt worden, wie eraan deelneemt en welke externe mensen er worden aangetrokken.

Onze keuze voor het ensemble toont dat we niet bang zijn van tradities. We zijn niet wars van repertoire, maar vinden niet dat daar de kerntaak van een stadstheater ligt. Die verantwoordelijkheid ligt in eerste plaats binnen de bredere sociaal-culturele dynamiek van een stad. Bovendien kan een schouwburg artistiek meer aan dan het klassieke theater. Via onze werking op 3 platformen willen we de podia van het stadstheater openstellen voor experiment en ontwikkeling, zonder daarbij een aanbod voor een breed publiek uit het oog te verliezen.

Er is:

1. een groot platform waarbinnen werk voor een breed en divers publiek wordt getoond, in de zaal of op locatie, zowel repertoire als nieuw materiaal;

2. een experimenteel platform waarbinnen werk getoond wordt dat de bestaande vormen uitdaagt; en

3. een ontwikkelingsplatform waarbinnen de focus verschuift van tonen naar trainen, van presentatie naar onderzoek. NTGent zoekt daarbij naar hoe de hiërarchie tussen de grote en kleine zaal ondermijnd kan worden. Zowel experimenteel als breed gedragen werk gaan door op de grote én de kleine scène.

Inhoudelijk krijgt het ensemble carte blanche. Wel reikt het stadstheater een aantal kapstokken aan die het inhoudelijke parcours verrijken en uitdagen en die de artistieke koers van het huis in beweging houden. We thematiseren deze kapstokken hieronder via symbolische plekken in de stad. De plekken leggen de intenties van het huis bloot en vormen de context waarbinnen wij vinden dat het NTGent zich moet bewegen.

1.     Het park – in de stad

Een stadstheater werkt in en met de stad. Het ensemble gaat samenwerkingen aan met mensen en doelgroepen die inherent met de stad verbonden zijn. Het huis zet locatieprojecten op, maar stelt ook de podia van het theater open om de stad uit te nodigen. NTGent heeft oog voor mensen die het theater als drempel ervaren, hetzij als publiek, hetzij als artiest. Hiervoor gaat het samenwerkingen aan met organisaties die over de nodige expertise beschikken (sociaal-artistiek, buurtwerkingen, overheidsdiensten, enz). Er wordt ook intensief samengewerkt met de andere cultuurplekken in Gent. Het Gentse stadstheater zet copresentaties op, net als coproducties en gezamenlijke festivals. De festivals kunnen focussen op verscheidene aspecten: een jongemakersfestival, themafestival, buurtfestival, enz.

2.     Het plein – in gesprek

Het stadstheater is een open forum voor ontmoeting, discussie en sociale invasie. Zowel het ensemble, de hele ploeg, het artistieke veld en het publiek gaan met elkaar in gesprek. We reserveren daarvoor een speciale plek voor de inkomhal en de hal naast de foyer in de schouwburg. Die doorgangsplekken kunnen om de zoveel tijd aan steeds nieuwe mensen ter beschikking gesteld als vrij in te vullen artistieke ruimte. Aan beeldende kunstenaars, interieurarchitecten of studenten vragen we om de hal vorm te geven en telkens nieuw leven in te blazen. Maar er kan evengoed een biologische groentenmarkt plaatsvinden of een meubelmaker kan er zijn tijdelijke werkplek maken. Ook de bar moet een plaats zijn voor reflectie en dialoog met het publiek. Er gaan debatten door over actuele thema’s, nagesprekken over voorstellingen, leesmomenten en discussieavonden. Het steegje, waar nu ticketbalie verstopt zit, wordt overdekt als leescafé. We voorzien een plaats waar mensen gedachten, bedenkingen en ideeën kunnen neerschrijven.

3.     Het ziekenhuis – (zelf)reflectie

Het NTGent moet oog hebben voor ziektes van en remedies voor onze tijd en omgeving. Daarom staat een vaste groep van wegwijzers het ensemble bij. Dat zijn kunstenaars, filosofen, sociologen, straathoekwerkers, imams, urbanologen, enz. die elk vanuit hun eigen expertise een spiegel voorhouden aan de eigen werking en inzichten verschaffen die mee de koers van de artistieke ploeg bepalen. De wegwijzers werken niet mee aan concrete projecten en staan los van de interne werking.

4.     De broeikas – ontwikkeling

Een acteur moet zijn hele leven lang blijven trainen. Een kunstenaar moet kunnen blijven onderzoeken, op welk punt hij ook staat in zijn of haar carrière. Instituten moeten kunstenaars daarom de mogelijkheid bieden om binnen hun artistieke parcours lucht te maken voor onderzoek en ontwikkeling los van productie. De broeikas is zo’n plek. Die ontwikkeling kan vele vormen aannemen: workshops (eventueel in relatie tot een lopend repetitieproces), een summerschool, yogalessen, repertoirestudie, een regisseur die twee dagen per week een open les geeft, lezingen, seminaries, enz. De broeikas is een plek voor het ensemble maar wordt ook opengesteld voor andere kunstenaars en studenten. Het programma van de broeikas kan jaarlijks of ad hoc samengesteld worden.

5.     Het laboratorium – experiment

Het laboratorium is het platform voor experiment. Experiment dat alle niveaus binnen het stadstheater doordringt: het beperkt zich niet tot één locatie en is niet bang voor de grote zaal. Het experiment kan zowel groot- als kleinschalig zijn, binnen of buiten (op locatie). Het eindresultaat is in het laboratorium slechts een topje van de ijsberg.
Het stadstheater stelt het creatieproces open en maakt het inzichtelijk voor het publiek. Openbare toonmomenten, workshops en debatnamiddagen over een aansluitend thema kunnen gelinkt worden aan de eindvoorstelling. In het laboratorium moet ook plek zijn voor korte termijn-projecten die vanuit een plotse artistieke noodzaak heel snel ontwikkeld en uitgevoerd worden.

6.     Het interimkantoor – personeelsbeleid

Omdat alle ideeën draagvlak en fundering vinden in het ensemble, is een nauwe artistieke samenwerking met de ploeg vereist (om bijv. de praktische kanten op te vangen). Dit model leeft bij de gratie van betrokkenheid tussen en met iedereen.

Naast brainstormsessies die open zijn voor alle medewerkers, passen we binnen het stadstheater een 4/5 regel toe: iedereen binnen de ploeg wordt voor 4/5 van de tijd voor zijn/haar specifieke functie aangenomen en krijgt voor de overige 1/5 een ‘wild card’. Zo kunnen werknemers in samenspraak met de zakelijke coördinator tijdelijke uitstapjes maken naar een andere afdeling. Iemand van publiekswerking kan op werkbezoek bij productie en iemand van techniek heeft de vrijheid om zich binnen een project als speler te engageren.

De afdelingen zijn op deze manier niet enkel via klassieke vergaderingen met elkaar verbonden en we vermijden een ‘eilandjes-cultuur’.

7.     De school – een lerend instituut

Een stadstheater moet zichzelf blijvend in vraag stellen en heruitvinden. Het is een organisch, lerend en levend instituut dat moet openstaan voor nieuwe invloeden en zijn eigen organisatievorm moet blijven bijstellen. De wegwijzers spelen hierin een fundamentele rol. Het NTGent moet ook anderen in staat stellen om bij hen te leren. Er is een continue dialoog en wederzijdse samenwerkingen met de diverse opleidingen binnen en buiten Gent  (UGent, KASK, TEBEAC, sociaal werk, enz.). Hier ligt eveneens een taak voor de artistiek coördinator. Binnen de ondersteuning van het ensemble is het vooral de artistiek coördinator die zijn/haar voelsprieten naar buiten voortdurend actief houdt. Deze samenwerkingen kunnen op verschillende zaken inzetten: infrastructuur, mentorschap, stages, onderzoek, lessen, enz. Ook debatten, tijdelijke inbeslagnames (guerrilla), lezingen, enz. vinden in een stadstheater een plek.

8.     De winkelstraat –  ticketbeleid

Het stadstheater is er voor een divers publiek en houdt met dat gedifferentieerde vraag/aanbod rekening via een creatief ticketbeleid. Er kan bijvoorbeeld bij een bepaalde voorstelling worden gekozen voor een alternatieve prijsberekening: de toeschouwer betaalt 1% van zijn nettoloon als toegangsticket (iets wat het Brusselse KAK-collectief al eens introduceerde). Solidaire tickets voor bijvoorbeeld minderheidsgroepen worden in de kijker gezet.

9.     De haven – (inter)nationale samenwerkingen

Het stadstheater gebruikt de haven als sluis naar de wereld. Het stadstheater gaat met voorstellingen op reis in binnen- en buitenland. Tegelijkertijd moet het stadstheater ook een thuishaven zijn voor Gentse gezelschappen en een aanmeerplek voor andere (nationale en internationale) gezelschappen. Deze wederzijdse uitwisseling is een kruisbestuiving op alle vlak; bevraging, ontmoeting, vernieuwing, samenwerking, enz.

10.  De bank – verloning

Het stadstheater werkt met contracten van bepaalde en onbepaalde duur via een eerlijke verloning. Dit gebeurt volgens de CAO podiumkunsten. Ons ensemble bestaat uit 10 kunstenaars die voor een langere periode (5 jaar) worden geëngageerd. Elk jaar vervolledigen we de ploeg met een nieuwe stem, de 11de man die één jaar in het ensemble meedraait. We voorzien een vloeibare in- en uitstroom (niet iedereen hoeft even lang en volgens dezelfde periode te blijven). Naast het ensemble worden voor elk project externe kunstenaars (spelers, makers, dramaturgen, vormgevers, enz. ) uitgenodigd.

11.  De blinde vlek – open ruimte

Er wordt een open ruimte voorzien voor wat opspeelt en zich afspeelt. Hierin krijgen ook last-minute-vragen een kans om gehoord te worden.
Deze vragen kunnen gaan over infrastructuur, programmatie, stage, enz. We bouwen blinde vlekken in de programmatie in om voorstellingen last-minute te programmeren. Die blinde vlekken situeren zich op alle podia en platformen.Ook op het grote podium moet die openheid bestaan. Dit is de uitgelezen kans om een nieuwe maker/ interessant project speelplek en publiek te geven.

Tekening door Gerard Herman.

Morgen: de voorstellen van Dirk Pauwels en Mathieu Charles

opinie
Leestijd 7 — 10 minuten

NieuwTG

NieuwTG is een groep van Gentse dramastudenten en jonge afgestudeerde theatermakers en -spelers. Van 12 tot 14 januari hield het een Driedaagse in NTGent en stelde het voor de toekomst van NTGent ook een eigen plan voor.

opinie