Etcetera Magazine. Tijdschrift voor podiumkunsten.

Carly Wijs / BRONKS - Show

© Carly Wijs

Carly Wijs / BRONKS - Show

Carolina Maciel de França

Goochelen is niet toveren

 

Carly Wijs / BRONKS - Show

 

Show confronteert ons met ons talent om iets eenvoudigs onnodig ingewikkeld te maken. Een nieuwe voorstelling van Carly Wijs over de magie van kwetsbaarheid. 

 

Hij is gezond, goedgebouwd en barst van het zelfvertrouwen.  Zijn precieze leeftijd weten we niet, alleen dat hij net vóór de bloei van zijn leven staat. Hij - gespeeld door Dries Notelteirs – is de ster van deze Show, die hij zelfverzekerd, op het overmoedige af, inzet. Het duurt niet lang voor hij met zichzelf in de knoop raakt. Letterlijk, met touwen en ledematen. De figuurlijke link met de knoop van de puberteit ligt er dik bovenop.

 

Dan komt Zij voorbij. Ook zij (Gytha Parmentier) is volmaakt aantrekkelijk. Wel iets minder zelfverzekerd, hoewel ze (of juist omdát ze) net iets verder in haar leven staat. Ze komt als danseres auditie doen voor zijn show, net op tijd om hem uit de knoop te helpen. Show van actrice en theatermaakster Carly Wijs begint dus als een show, in een sober decor van flitsende lichtgordijnen. Hij en Zij wringen zich samen in bochten en verliezen zichzelf in een gepruts dat verdacht veel op een eerste vrijpartij lijkt. Langzaamaan zien we hoe ze voor elkaar vallen. Op dat moment wordt duidelijk dat zowat alles in deze Show een dubbele betekenis blijkt te hebben en dat deze jeugdvoorstelling van BRONKS ook voor het oudere publiek een feest van herkenning.

 

Het is intelligent hoe Wijs met verschillende leeftijden tegelijkertijd communiceert. In haar vorige productie, het succesvolle Wij/Zij, nam ze de bloedige gijzeling van een school in het Russische Beslan als uitgangspunt. Nu kiest ze voor een ogenschijnlijk lichter thema. In Show krijgen we een goochelshow voorgeschoteld, vol metaforen over (de eerste) verliefdheid, het (eerste) opspelen van de hormonen, (het eerste) verlangen – kortom: over (ontluikende) liefde en seksualiteit. Voor de jongsten in de zaal (Show richt zich op een 10+ publiek) is dit toch geen evident onderwerp. De kracht van Wijs’ werk schuilt erin dat het van de jongere toeschouwer meer dan een ‘kind’ maakt, en van de oudere meer dan louter een ‘begeleider’. Wij/Zij toonde de nuchterheid van een kind in extreme situaties. Show confronteert ons met ons talent om iets eenvoudigs onnodig ingewikkeld te maken. 

 

Dankzij de show-vorm, waarin de vierde wand regelmatig wordt doorbroken, krijgen wij als publiek een bevoorrechte positie, die we ons in het echte leven misschien wel eens zouden toewensen: we horen niet alleen wat de twee personages tegen elkaar zeggen, maar ook wat ze daarbij denken. En zo vooral wat ze denken en niet zeggen. Met veel humor en kwetsbaarheid ontbloten de twee spelers hun ziel voor de toeschouwers, alsof ze tegen zichzelf of hun beste vriend spreken. Diezelfde kwetsbaarheid proberen ze tegelijkertijd voor elkaar te verbergen, met een bijna onvermijdelijke ‘ont-goocheling' als resultaat. Vanaf het moment dat de betovering tussen de twee verbleekt, versnelt de voorstelling tot een cyclus van nieuwe ontmoetingen, nieuwe betoveringen en ontgoochelingen.

 

Show verwijst naar dat moment in ons leven waarop de liefde ons voor het eerst overvalt, en alles fysiek en emotioneel nog maagdelijk is. Tegelijkertijd zegt het iets over ons vermogen om zelfs na talloze teleurstellingen toch telkens opnieuw in vervoering te geraken: er komt altijd weer een nieuwe Hij of Zij aangewaaid. En ook al weet je ondertussen dat het maar een ‘show' is, je kan niet anders dan jezelf in de verwondering te laten meesleuren. We wíllen het allemaal ook heel graag geloven.

 

Hoewel het einde haastig aanvoelt, heeft Wijs er goed aan gedaan om hier de vraag naar de rol van communicatie en angst tussen twee geliefden niet zelf te beantwoorden. De toeschouwer die zich tevreden stelt met herkenbaarheid op scène, zal tevreden huiswaarts terugkeren. Wie liever iets dieper wil graven, zal een aantal wijsheden tussen de regels door zien schemeren. Hoe de harnassen waarmee we onze harten proberen te beschermen, vaak de weg plaveien voor relationele kwetsuren, bijvoorbeeld. Of hoe de angst voor onze eigen kwetsbaarheid ons de schoonheid van een echte liefdevolle ontmoeting ontneemt. Als deze voorstelling ons één truc heeft geleerd, dan is het wel dat juist die kwetsbaarheid voor de bijzondere magie zorgt, die van de doorsnee goochelaar een echte tovenaar maakt.